|
lahb (???)
Thais. Naam van een scherpe maaltijd bestaande uit niet helemaal gaar
gehakt van (rauw) vlees of vis, gemend met
uien, groenten,
kreuang prung zoals chilipepers en
geconserveerde vissaus. Het wordt gegeten met rijst en enige verse
groenten.

laai kraam ลายคราม
1. Thais. Oud porselein uit
China met een blauw patroon.

2. Thais. Algemene benaming
voor antiek.
laai rod nahm (????????)
Thais.
'Patroon gewassen met water'. Term gebruikt voor
vergulde lakboomhars.
lae (????)
Een
episode in het verhaal van de laatste grote
incarnatie van de
Boeddha,
Mahachaat genoemd.
Laem Phrommathep (???????????)
Thais.
'Landtong van de god
Brahma'. Benaming van een schiereiland bij
de zuidkaap van
Phuket-eiland (fig.)
die gekend staat als een panoramische plek en populair gezichtspunt
tijdens zonsondergang. Ook
Phrommathep en Laem Phromthep.
Lahn Nah
Zie
Lan Na.
Laho
Zie
Lahu.
Lahu (????)
Een
bergvolk waarvan de
meesten zich
voornamelijk ophouden
in de noordelijke provincies
Chiang Mai
en
Chiang Rai.
Ze delen zichzelf op in subgroepen, waarvan de naam gevormd wordt
door de toevoeging van een kleur die ook de klederdracht bepaalt. De
paalwoningen van de Lahu liggen meestal hoog in de bergen
(fig.)
waar zij zich eind vorige eeuw vanuit Birma vestigden. Hun dialect
behoort tot de Lolo-tak van de Tibeto-Birmaanse taalgroep, waarvan
de standaardtaal het
Lahu Na is,
dat ook door de meeste Lahu buiten Thailand (in Birma, Laos, Vietnam
en China) wordt gesproken. De Thaise
benaming
voor dit volk is
Mussur,
een woord voor 'jager', afgeleid uit het Birmees. Soms ook Laho.
MEER HIEROVER.

Lahu Hpu (???????)
'Witte Lahu'.
Een subgroep van de
Lahu.
MEER HIEROVER.
Lahu Na (??????)
1. 'Zwarte
Lahu'. Een
subgroep van de
Lahu.
Ook
Mussur Dam.
2. Standaardtaal van de
Lahu,
behorend
tot de Lolo-tak van de Tibeto-Birmaanse taalgroep
en tevens gebruikt door alle subgroepen van de Lahu en zelf door
sommige andere bergvolkeren. De taal is verwant aan die van de
Lisu.
MEER HIEROVER.
Lahu Nyi
(????????)
'Rode Lahu'.
Een subgroep van de
Lahu.
Uitspraak Lahoe Nai-i.
MEER HIEROVER.

Lahu Shehleh (?????????)
'Zwarte Lahu'. Een subgroep van de
Lahu. Ook
Mussur Dam.
MEER HIEROVER.
Lahu Shi (??????)
'Gele Lahu'. Een subgroep van de
Lahu. Ook Mussur Kwi.
MEER HIEROVER.
lakboomhars
Een harsachtige substantie van een boom met de wetenschappelijke
naam melanorrhea usitata, die groeit in het wild, in de drogere
wouden van Noord-Thailand en vergelijkbaar is met de sumac-boom in
Japan en China. Lakboomhars is een duurzame en waterdichte
substantie die erg functioneel is. Het is licht, hard en soepel
tegelijkertijd, en beschermt tegen insekten. Het wordt aangewend als
een vernis en als grondverf voor inkerving van motieven en als
achtergrond voor decoratieve patronen in
bladgoud. Vergulde lakboomhars vindt vnl.
toepassing in de architectuur en als versiering van kasten, met name
boekenkasten gebruikt voor het bewaren van religieuze teksten. Ook
chinalak en japanlak genaamd. In het Thais
kreuang kheun.

lakhon (????)
Thais.
Traditionele dansvoorstellingen in Thailand,
waarbij
zowel mannen als vrouwen deelnemen,
in tegenstelling tot de
khon,
waarbij
alle rollen -ook de vrouwelijke- enkel door mannen
worden
vertolkt. De thema's kunnen ingekorte versies van de
Ramakien,
of andere volksverhalen zijn.
lakhon yok (??????)
Thais. Een speelgoedtheater met miniatuurpoppen als dansers
en danseressen, dat ter verering voor een schrijn wordt geplaatst
als offerande.

lak meuang (?????????)
Thais. 'Stadspilaar'. Een meestal houten pilaar of zuil waarvan
geloofd wordt dat de god die erin huist de beschermendgeest van een
stad is. De zuil is geplaatst in een schrijn, de
sahn lak meuang.
Het is tevens het centrum van een stad en het punt vanwaar de
afstand tussen steden onderling wordt berekend. Vergelijk met
linga-verering.

lakshana (??????)
1. Sanskriet-Thais.
'Kenteken, eigenschap'. In de fysiognomiek, een kenteken dat zowel
gunstig als ongunstig kan zijn. Algemeen verwijst de term echter
vaak naar het kenteken of de gunstige eigenschap van een groot man,
en is vooral van toepassing op de 32 voorname kentekens zoals
beschreven in boeddhistische literatuur, waarbij de voorbestemming
van de
Boeddha
vanaf de geboorte kon worden herkend.

2. Sanskriet-Thais. 'Attribuut,
teken, symbool'. In de
iconografie verwijst de term naar de attributen
van een godheid.
Lakshmana
Sanskriet. 'Begiftigd met gunstige tekenen (lakshana's)'.
Een jongere halfbroer van
Rama
in het Indische
epos
Ramayana
die, trouw aan Rama, samen met hem 14 jaren in balingschap vertoefde
en hem bijstond in de strijd tegen
Ravana. Volgens sommigen is hij de
incarnatie
van
Ananta, de
naga-zetel
van
Vishnoe. Hij
heeft een gouden huidskleur.
Lakshmi (लक्ष्मी)
Sanskriet. 'Kenteken, eigenschap'. De godin van schoonheid en
fortuin, die op de golven kwam bovendrijven gezeten op een
lotusbloem tijdens het schudden van de
Oceaan van Melk,
en de gemalin van
Vishnoe
werd. Ze werd telkens samen met Vishnoe geïncarneerd, als één van
zijn
avatars
op aarde verscheen. Zo werd zij bijvoorbeeld geboren als
Sita,
de vrouw van
Rama,
en als
Rukmini, de
voornaamste vrouw van
Krishna.
De lotusbloem is één van haar
attributen
en haar rijdier is de
leeuw (fig.).
Ook gekend als o.a.
Sri,
Sri Mariamman,
en
Padma.

Lakulisha
Sanskriet. 'Vorst met een knuppel'. Vermeend stichter of eerste
meester van de
Pashupati-sekte
en door sommigen verondersteld de 28ste
incarnatie
te zijn van de hindoe-god
Shiwa.
In de kunst gewoonlijk naakt voorgesteld met een fallus, een knuppel
of knots, een kralen halssnoer, een drietand, en een beker
vervaardigd uit een schedel.
lalitasana
Sanskriet. Een
asana in
gezeten positie, met één been gebogen op de troon of zetel
geplaatst, terwijl het andere been naar beneden hangt. Het
symboliseert ontspanning.

Lalitavistara
Een tekst in het
Sanskriet
die de traditionele legende van het leven van de
Boeddha
vertelt.
lamaïsme
Een vorm van
boeddhisme
voornamelijk gepractiseerd in Tibet en Mongolië.
lamoet (?????)
Thais. Een altijdgroene boom die tot meer dan dertig meter hoog kan
worden en de Latijnse benaming manilkara zapota heeft. Het witte sap
van de boom wordt gebruikt om kauwgom te maken, terwijl de
gelijknamige, eivormige vruchten een zoete marsepeinachtige smaak
hebben.
_small.jpg)
Lampang (?????)
Naam van een provincie (kaart)
en haar hoofdstad aan de Wang-rivier in Noord-Thailand, 599 km
noordelijk van
Bangkok en met een bevolkingsaantal van zo'n 43.000 inwoners. De
geschiedenis van de stad gaat zo'n 14 eeuwen terug, tot de
Dvaravati-periode, en volgens de legende zou ze
gesticht zijn door de zoon van koningin
Chamadevi, heerseres van
Haripunchai, het latere
Lamphun. De stad is door heel Thailand gekend als
'meuang
rot mah', de paardenkoets-stad (fig.).
Onder de bezienswaardigheden is
Wat Phra Kaew Don Tao en
Wat Phrathat Lampang Luang (fig.).
De streek is gekend vanwege de
teak-industrie en het district Hang Chat
vanwege een opleidingscentrum voor jonge
olifanten. De provincie telt dertien
amphur.

Lamphun (?????)
Naam van een
jangwat (kaart)
en haar een gelijknamige hoofdstad in Noord-Thailand, op 670 km van
Bangkok en met een bevolkingsaantal van ca. 15.000 inwoners. De
provincie telt zeven
amphur en één
king amphur.

lamyai (????)
Thais. Vruchtdragende boom (fig.)
en vrucht met de Latijnse benaming euphoria longana en dimocarpus
longan, van de botanische familie sapindaceae. Het zoete en
erg sappige vruchtvlees heeft een glazig witte tot rozige kleur en
zit in een bruin-gele schil. De pit is mooi rond, donkerbruin en
glad. Van vorm en smaak gelijkend op de lychee. Groeit aan altijd
groenblijvende bomen tot twaalf meter hoog, en in Thailand vnl.
aanwezig in het noorden. Vruchtdragend seizoen eind juli tot
augustus. Algemeen wordt geloofd dat het eten van de vrucht de
lichaamsenergie bevordert en vermoeidheid verjaagt. Lamyai kan als
nagerecht genoten worden met zowel siroop, kleefrijst als
tapioca. De vrucht heeft de Westerse benaming
'longan' en de bijnaam 'drakenoog'.

Langka (?????)
Thaise benaming voor
Ceylon, het huidige Sri Lanka. Zie ook
Lanka.
Langnek Karen
Subgroep van de
Karen in Thailand, vnl. in de bergen rond
Mae Hong Son en afkomstig uit
Birma. In het Thais 'Kariang Koh Yao' of 'Kariang Sai Koh' genoemd.
Eén van hun subgroepen in Thailand is gekend onder de naam
Kayang.
MEER HIEROVER.

langsat (??????/??????)
Thais. Een fruitboom met de wetenschappelijke
benaming lansium domesticum. Hij draagt eetbare vruchten met een
dunne geelachtige schil die qua uiterlijk op de
longkong gelijken. Het vruchtdragend seizoen is van
juni tot augustus.
langstaartboot
Zie
reua hahng yahw.
Lanka
Naam voor
Ceylon in de
Ramayana. Het was ooit de spits van de berg
Meru maar werd in zee geblazen door
Vayu, de god van de wind en werd alzo een eiland.
Deze gigantische koninklijke stad was van een enorme pracht en
praal, met zeven brede walgrachten en zeven sterke stadswallen van
steen en metaal. Er wordt gezegd dat het gebouwd was van goud en
bedoeld als residentie voor
Kubera, van wie het echter werd afgenomen door
zijn halfbroer
Ravana, die het tot zijn zetel maakte. Ook
Longka en Langka.
Lan Na (??????)
1. Thais. 'Een miljoen (rijst-)velden'.
Een koninkrijk in Noord-Thailand dat floreerde tussen de 13de en
14de eeuw AD met
Chiang Mai als centrum en dat
zich consolideerde in de noordelijke regionen door een verbond
tussen de drie koningen van Chiang Mai,
Sukhothai en
Phayao, bekend onder de namen
Mengrai,
Ramkamhaeng en
Ngam Meuang. Ook Lanna en Lahn Nah.
MEER HIEROVER.

2. Thais. Een kunstrichting uit het koninkrijk van Lan Na
(Noord-Thailand).
_small.jpg)
lao moe (???????)
Thais. 'Varkensstal'. Plaats waar varkens worden gehouden. De term
wordt voor zowel grote kwekerijen gebruikt als voor de meer
gebruikelijke kleinere stallen in menig plattelandsdorp, waar de
dieren vaak onder paalwoningen worden gehouden ter bescherming tegen
zon en regen.

Lao Pie
De wijze en trouwe heerser uit
Drie Koninkrijken.
Laos
Buurland van Thailand in het Noordoosten en westelijk van Vietnam en
met de officiele naam Democratische Republiek van Laos. Het beslaat
een gebied van 236.800 km² en heeft 5.083 km landsgrens met
Birma,
Cambodja, China, Vietnam en Thailand. In 1975,
greep het Communistische Pathet Lao de bestuursmacht, en werd een
einde gesteld aan een zes eeuwen-oude monarchie. Initiële nauwere
banden met Vietnam en nationalisering werden vervangen door een
geleidelijke terugkeer naar een geprivatiseerd ondernemingsbeleid,
een liberalisatie van buitenlandse investeringswetten en toetreding
tot
ASEAN in 1997. Het land heeft een
bevolkingsaantal van ongeveer 6 miljoen, waarvan 60% Theravada
boeddhist zijn. De officiële taal is het Laotiaans maar ook Frans en
Engels worden er gesproken, alsook verschillende etnische talen. Het
hoogste punt is Phou Bia met 2.817 meter, de munteenheid is de 'kip'
en natuurlijke rijkdommen zijn hout, waterkracht, gips, tin, goud en
halfedelstenen.

Lao Tzu (老子)
Chinees. 'Oude Meester'. Invloedrijk Chinees filosoof in de 4de eeuw
VC, stichter van het
taoïsme en
auteur van de
Tao-te Ching.

latei
Zie
lateibalk.
lateibalk
Een dwarsbalk of steunbalk die rust op twee vertikale posten,
gewoonlijk versierd met narratieve scenes of siermotieven. In
Khmer-tempels treft men de lateibalk aan
boven de deur- of raamopening, vlak onder het
fronton. In het Thais called
thablang genoemd.
latei-reliëf
Doelt in Thailand meestal op een stenen
bas-reliëf bij de
latei boven deuren of poorten van oude
tempels in
Khmer-stijl, maar kan eveneens een
houtsnijwerk of beeldhouwwerk boven deuren of ramen van andere
gebouwen zijn.

lateriet
Een afzetting van rode of bruine klei geproduceerd door ontbindend
gesteente. Aanvankelijk is lateriet zacht wanneer het wordt
opgegraven, maar wordt hard wanneer het is blootgesteld aan de
lucht. Het werd ooit regelmatig gebruikt als bouwmateriaal voor
religieuze bouwwerken en paleizen in Thailand en Cambodja. Door zijn
kleur in Thailand
din daeng (rode aarde) of
sila daeng (rode steen) genoemd.

Lava
Eén van
Sita's tweeling zonen in de
Ramayana, waarvan geen van beide erkend
werd door hun vader
Rama tot op de leeftijd van vijftien. De andere
noemde Kusa.
Lavo (?????)
Oude benaming voor
Lopburi. Ook Lawo
getranscribeerd.
Lawa
Thaise benaming voor
Thai Lu.
Le
De dynastie die heerste in Vietnam van 1427 tot 1789 AD, de gouden
periode in de Vietnamese geschiedenis toen kunst floreerde.
leeuw
In het
hindoeïsme het rijdier van de godin
Devi en
Lakshmi (fig.)
en van de
god
Manjushri, en in het
boeddhisme de beschermer van de
dhamma, vaak gezien in paar als symbolische
bewakers aan de toegang tot tempels in Noord-Thailand en Birma. In
het Thais
singh genoemd.

Leger
Zie
kong thap.
leung (?????)
Thaise benaming voor
linga. Ook
ling.
leverbot
Aandoening waarbij microscopisch
kleine,
wormachtige
parasieten
zich door de huid boren en via de bloedstroom door het lichaam
verplaatsen tot in de lever.
Daar
produceren ze eitjes die
verder
via de bloedvaten in de darmen en de blaas terechtkomen en ernstige
buikklachten
veroorzaken.
Zwemmen in besmet water of het eten van slecht gekookte vis of
slakken, ligt meestal aan de oorzaak van deze ziekte, daar vis en
slakken vaak dragers van deze parasiet zijn. De provincie
Sakon Nakhon
in Noordoost-Thailand staat
gekend als de streek met de meest geregistreerde gevallen van
leverbot ter wereld.
li (???)
Thais-Chinees. Een Chinese lengtemaat, gelijk aan ongeveer 300
meter.
liggende Boeddha
Eén van de vier posities van boeddhabeelden in de
iconografie die meestal duidt op het
Mahaparinirvana van de
Boeddha. Het bekendste beeld van een
liggende Boeddha is dat van Wat Poh te
Bangkok (fig.).
In het Thais
Phra Phoet Saiyaat. Zie ook
iryapatha.

likae (????)
Thais. Een muziek en dansdrama in Thailand, meestal over het
koningen en het hof. Meestal een rondreizend gezelschap. Vroeger
enkel door mannen gespeeld, nu in onbruik rakend.
Lim Ko Niau (?????????????)
Thais-Chinees. Naam van de zuster van Lim To Khieng, een Chinese
immigrant die huwde met een lokaal meisje uit
Pattani en zich bekeerde tot
de Islam. Lim Ko Niau zeilde echter uit China met een
sampan-boot in een poging om haar broer te
overhalen Islam de rug toe te keren en weer huiswaarts te keren. In
een negatieve respons wilde de broer zijn geloof demonstreren en
begon alsdus met de bouw van een
masjid, in het jaar 1578. Zijn zuster sprak toen
een vloek uit over de moskee, dat deze nooit zou worden voltooid. Na
een mislukte laatste poging om haar broer te overhalen verhing ze
zichzelf tenslotte aan een
cashewboom en van verdriet kon de broer de moskee
niet verder bouwen waardoor deze onafgewerkt blijft tot op heden. De
boom waaraan zij zich verhing werd in een schrijn geplaatst en een
houten beeld van haar wordt jaarlijks rongedragen in een lokale
processie.
limoen
Populaire benaming voor een boom uit de citrus-familie. Er bestaan
verschillende soorten waaronder de citrus aurantifolia en citrus
medica. De vrucht gelijkt op de citroen die men doorgaans in het
Westen vindt maar is groen, zuurder, kleiner en ronder. In
vergelijking tot de gele citroen is de Zuidoost-Aziatische limoen
bijna rondvormig. Limoen wordt gebruikt in de keuken en vaak wordt
bij gerechten van gebakken rijst een vers schijfje limoen opgediend.
De limoen is rijk aan Vitamine C en zou een geneeskrachtige werking
hebben tegen keelpijn en hoest, drijft slijmen weg, geneest bloedend
tandvlees en tandvleesontstekingen, voorkomt beroertes en werkt
heilzaam tegen obstipatie. Oorspronkelijk afkomstig uit
Zuidoost-Azië en in het Thais manao en mangao genoemd.

ling (?????)
Thaise benaming voor
linga. Ook
leung.
ling hang san (??????????)
Thais. 'Aap met een korte staart'. Benaming vooreen aap van het
geslacht macaca, een
makaak (fig.)
met een kort varkensstaartje. Ze worden vaak gebruikt op
kokosplantages om kokosnoten te plukken.
linga (लिङ्गं)
Sanskriet. 'Embleem, geslacht, symbool'. Een fallussymbool of
voorstelling van een fallus, het zinnebeeld van de creatieve macht
van
Shiwa en zijn rol in de schepping. Indien
een gezicht op het oppervlak is aangebracht spreekt men van een
mukhalinga, een 'linga met een gezicht', terwijl
de voorstelling van een linga met één enkel
gezicht
ekamukhalinga (fig.)
wordt genoemd. Er zijn verschillende modellen, vaak verdeeld in drie
delen: een rechthoekige, kubusvormige basis die
Brahma vertegenwoordigt, een achthoekige
prisma die
Vishnoe representeert, en een
cylindervormig gedeelte met een geronde top die Shiwa voorstelt. De
cultus wordt vereerd in India en Zuidoost-Azië, door sommigen tot op
de dag van vandaag (fig.).
Men gelooft dat water (of soms melk) dat over een linga heen wordt
gegoten heilig, zelfs magisch wordt. In het verleden graveerden
sommigen zelfs lingas in de rivierbedding om zo het water dat hun
rijstvelden voedde, vruchtbaar te maken. Toen het Mahayana
boeddhisme, dat in Cambodja als staatsreligie werd geïntroduceerd
door de Khmer koning Jayavarman VII, na zijn dood opnieuw door het
hindoeïsme werd vervangen, werden vele van de boeddhabeelden grofweg
veranderd in hindoe lingas. Ook Shiwalinga, lingum en lingam, en in
het Thais
ling,
leung,
siwaleung of
siwaling.
In combinatie (fig.)
met een
yoni
stelt het schepping voor. Zie ook
pladkik
en vergelijk met
lak meuang.

lingam
Zie
linga.
lingaparvata
Sanskriet. 'Berg-embleem'. Een bergpiek in de vorm van een
linga.
lingum
Zie
linga.
Liso (????)
Andere benaming voor
Lisu.
Lisu
(????)
Een
vroeger nomadisch bergvolk
dat rond het einde van de 19de eeuw via
Chiang Mai
gedeeltelijk in Thailand terecht
kwam. Hun taal
behoort
tot de Lolo-tak van de Tibeto-Birmaanse taalgroep,
en ze
komen
oorspronkelijk
waarschijnlijk uit
Tibet, hoewel
de kern van de bevolking nu voornamelijk in het Noorden van de
Zuid-Chinese provincie
Yunnan,
ten westen van de Salween-rivier
leeft. Tegenwoordig
komen meisjes vaker voor in hun traditionele klederdracht dan
jongens (fig.).
Ook Liso.
MEER HIEROVER.

Loei (???)
Naam van een provincie (kaart)
en haar gelijknamige hoofdstad, gelegen in het uiterste noordwesten
van
Isaan op zo'n 520 km van
Bangkok en met ca. 22.000 inwoners. Deze
jangwat staat bekend om haar katoennijverheid en om haar
verschillende Nationale Parken waaronder het 349 km² grote Phu
Kradeung Nationaal Park, met 1.360 meter het hoogste punt van de
provincie en met zo'n 50 km gemarkeerde wandelwegen. Naar verluidt
zitten o.a.
olifanten, tijgers,
gibbons en zwarte beren. Andere Nationale Parken
zijn het Phu Reua NP met zo'n 121 km² en het minder bezochte Phu
Luang NP. In midden-juni viert het Dahn Saai
district jaarlijks het opzichtige
Phie Tah Khoon festival. De provincie telt
twaalf
amphur en twee
king amphur.

loek deuay (????????)
Thais. Job's tranen. Naam voor de eetbare zaden
van een plant van het geslacht coix lachrymajob die behoort tot de
familie gramineae en die uit het Engels gekend is als traangras
(fig.).
De zaden zitten in de bloemknoppen die geopend worden door hun harde
schil te breken. De witte inhoud van de knop is eetbaar, zowel vers
als gekookt en gemengd met kleefrijstpoeder worden de zaden gebruikt
om snoepgoed te maken. Op markten worden ze vaak ook in gedroogde
vorm verkocht. Het gelijkt enigszins op
khaw faang en wordt ook deuay, deuay
hin, madeuay en mateuay genoemd, en door het
Karen-bergvolk
penie, terwijl de Khmer-naam gebruikt door sommigen in
Oost-Thailand, sakoey is.

loek nimit
(????????)
Zie
look nimit.
loek seua (???????)
Thais. 'Tijgerwelp'. Benaming voor de Thaise Padvinderij of
Scoutsbeweging, in 1911 gesticht door
Rama VI.
Vele scholen hebben scouting als een verplicht vak in hun leerplan
waardoor men ook op gewone weekdagen vaak scholieren in
scoutsuniform ziet.

loek taan (??????)
Thais. Vrucht van de
suikerpalm.
Ze kan zowel tot suiker worden
verwerkt als vers
worden gegeten. Het vruchtvlees is crème-wit (fig.).

loek thoeng (???????)
1. Thais. 'Spruiten van het veld'. Populaire soort
volksmuziek.
2. Thais. Een wild geboren dier, tgov. een huisdier.
loek tien pet nahm (?????????????)
Thais voor
het uitermate giftige pong
pong-zaad, de vrucht van een kleine tot middelgrote boom met donkere
balderen en opvallende welriekende wiite bloemen, gelijkend op de
frangipani. De vruchten zijn ovaal en
gespikkeld groen, ietwat gelijkend op
passievruchten. Ze hebben een dunne
schil die nadat de vrucht afvalt snel wegrot, wat het vezelachtige
houten weefsel van het zaad onthult. Van grootte is dit zaad
ongeveer gelijk een tennisbal en van vorm gelijkt het wat op een
kokosnoot, maar dan kleiner. Het gedijt goed nabij water en haar
helder groen plantje komt voort uit een dwarse spleet in het zaad.
De zaden alsook de planten worden vaak gebruikt als decoratie in
binnenhuisinrichting. In vertaling betekent
loek tien
pet nahm letterlijk water-eendevoet-zaad. Vaak
afgekort tot loek tihn pet.

loha (????)
Thais. 'Metaal', als in
Lohaprasat.
Lohaprasat (??????????)
Thais. Bouwwerk met een torenspits in metaal. Er zijn slechts drie
Lohaprasat bouwwerken in de hele wereld. De originele werd gebouwd
in India ter ere van de
Boeddha,
en had een torenspits van goud, wat vermoedelijk de naam deed
ontstaan:
loha
betekent 'metaal', en
prasat
'sierbouwwerk met een naald-achtige torenspits'. De eerste
Lohaprasat had slechts twee verdiepingen maar telde zo'n duizend
kamers om
monniken te
huisvesten. De tweede werd gebouwd in Sri Lanka in 161 VC, ter
gelegenheid van de overwinning op de Tamil, en had negen
verdiepingen en een torenspits van koper. Opgetrokken in hout werd
het door de bliksem vernietigd en herbouwd als een vijf verdiepingen
hoge struktuur, vandaag echter niet meer intact. De derde Lohaprasat
werd gebouwd in opdracht van
Rama III,
ter nagedachtenis aan zijn kleindochter prinses Saomanawatanawadie,
die later de eerste koningin werd van
Rama IV. De
Thaise versie heeft zeven verdiepingen en is aan de buitenkant
omringd door kleine
chedi's,
vierentwintig op de tweede etage en twaalf op de vierde. De Thaise
Lohaprasat van Wat Rachadaram is de enige Lohaprasat nog intact. In
2003 werd het gebouw opnieuw opgeknapt (fig.)
ter gelegenheid van de APEC-bijeenkomst, waarbij alle staatshoofden
van de Aziatische landen met grenzen aan de Stille Oceaan, Bangkok
bezochten.

lohchingchah (?????????)
Thais. 'Schommelfestival' of 'schommelceremonie'. Een eertijds
jaarlijks
brahmaans feest ter ere van
de hindoegod
Shiwa, waarbij deelnemers naar een zak met goud
schommelden die aan een vijftien meters hoge bamboepaal was
gebonden. Dit feest werd gehouden
in de tweede maanmaand, van de ochtend van de derde dag
tot de avond van de negende dag van nieuwemaan. Door het
grote aantal slachtoffers dat hierbij viel werd het feest gedurende
het bewind van
Rama VII uiteindelijk verboden. Zie ook
trihyampawaai.

lohk (???)
Thais voor 'wereld' of 'aarde'.
Loi Krathong (????????)
Thais. 'Drijvende
Krathong'. Festival in Thailand dat valt op
de volle maan van 'yih peng', de tweede maanmaand volgens de
noord-Thaise kalender en in de twaalfde maanmaand van een gewoon
kalenderjaar. Een drijvend bloemstuk (fig.),
krathong genaamd, wordt op het water gezet en weggedreven ter ere
van de godin van het water
Mae Khongkha. Algemeen wordt aangenomen dat
men door een offer te brengen aan de watergodin, vergiffenis bekomt
voor het feit dat men water voor eigen behoefte heeft gebruikt en
bevuild. Iedere krathong is o.a. versierd met brandende kaarsen en
wierrookstokjes, waardoor duizenden lichtjes het water verlichten.
Het festival wordt het uitbundigst gevierd in
Sukhothai, waar elk jaar kleurrijke
optochten (fig.)
plaatsvinden in traditionele kledij (fig.)
langs de ruïnes van de oude stad (fig.)
en waarin elke
jangwat zijn eigen krathong meedraagt. Men
verkiest tevens een Miss Krathong en houdt een klank- en lichtspel
met de ruïnes van de oude stad als decor. Volgens het
phra rachaphithi sip song deuan heeft Loi
Krathong niets te maken met enig erkende rite of ceremonie,
boeddhistisch noch brahmaans. Wel zou er verband zijn met de
kohm loy, drijvende lantaarns die de koningen van
Sukhothai in de lucht lieten, wat ook nu nog wordt gedaan tijdens
dit festival. Ook Loy Krathong.

loka
Sanskriet. 'Wereld, regio, of sfeer (van een godheid)'. Een indeling
van het universum. Algemeen de
triloka of 'drie werelden' zijn de hemel of
het paradijs, de aarde en de hel. Andere classificaties vermelden
zeven of 22 werelden, verenigd in het 'Ei
van Brahma' en verwijzend naar
de verschillende secties binnen deze voornaamste onderverdelingen.
In het Thais
lohk.
lokabaan (??????)
Thais voor
lokapala.
lokanaat (??????)
Thais. 'De grote van de
wereld'. Een benaming voor de
Boeddha.
lokapala
Sanskriet. 'Wereldbeschermer'. In de hindoeïstische mythologie zijn er acht lokapala's die de
leiding hebben over de vier voornaamste windrichtingen en de vier
tussenrichtingen.
Indra beschermt het Oosten (fig.),
Yama het Zuiden (fig.),
Kuvera of
Vaisravana het Noorden (fig.)
en
Varuna het Westen (fig.).
De tussenrichtingen worden beschermd door
Ishana (Shiwa
-
fig.) of
Prithivi in het Noordoosten,
Agni beschermt het Zuidoosten (fig.),
Surya of
Nairriti het Zuidwesten (fig.),
en
Vayu het Noordwesten (fig.).
In het
boeddhisme kunnen er
vier, acht, tien of veertien lokapala's voorkomen. Eveneens
dikpala en ashtadikpala's genoemd, de '(acht)
beschermer(s) van de hemel of lucht'. In het
Thais
lokabaan.
Lokesvara
Sanskriet. 'Vorst van de wereld'. Een gedaante van de
bodhisattva
Avalokitesvara, die in het oude
Cambodja het middelpunt van
een populaire cultus was. Hij is vertegenwoordigd op de torens van
de
Bayon-tempel en komt regelmatig voor in
Khmer
bas-reliëfs. Tijdens het bewind van
Jayavarman VII bestond het
boeddhisme in het Khmer-rijk voornamelijk
uit de verering van een triade bestaande uit de
Boeddha,
Lokesvara, en
Prajnaparamita, samen met de tantrische
godheid
Hevajra, en zijn symbolisch
vertegenwoordigd in drie majestueuze monumenten, namelijk Preah Khan
gewijd aan Lokesvara, Bayon gewijd aan de Boeddha, en Ta Prohm
gewijd aan Prajnaparamita.

longan
Zie
lamyai.
Longka (????)
Een andere benaming voor
Langka.
longkong (??????)
Thais. Tropische vrucht, uiterlijk enigszins gelijkend op
lamyai, maar het vruchtvlees is verdeeld in
mootjes en gewoonlijk iets zuurder van smaak. Het
vruchtdragend seizoen is van augustus tot oktober. Qua uiterlijk
eveneens gelijkend op de
langsat.

look nimit (????????)
Thais. Grote bolvormige stenen, begraven in de grond onder de
bai sema, die de heilige plaats bij een
Thaise tempel markeren waarop een
bot of
ubosot wordt gebouwd. Er worden negen stenen
gebruikt: één onder het middelpunt van de bot, en één op elke hoek
en één tussen de hoeken in, in het midden van elke zijde. Deze
laatste acht worden boven de grond gemarkeerd door de bai sema. Ze
zijn enkel zichtbaar wanneer ze uitgestald liggen (fig.)
vooraleer ze worden begraven om de lokale gemeenschap een
mogelijkheid te geven hun repect te betuigen en
tamboen te doen door er
bladgoud op aan te brengen. Zie ook
nimit. Ook luk nimit en loek nimit
getranscribeerd.

Lopburi (??????)
1.
Naam van een
jangwat (kaart)
en haar homonieme hoofdstad in Centraal-Thailand, 153 km ten noorden
van
Bangkok en
met ca. 40.000 inwoners. In het verleden was de stad een
Mon-stad die reeds bewoond werd sinds de
Dvaravati-periode, van de 6de tot de 11de eeuw AD, toen
ze
Lavo werd genoemd. Toen de
Khmer hun
Angkor-rijk uitbreidden namen zij Lavo hier in de 10de
eeuw mee in op, waardoor zij alle sporen van de bestaande Lavo
beschaving uitwistten. Het werd een voorpost van het oude Khmer-rijk
en een provinciale hoofstad. In de 13de eeuw werd de
heerschappij over Lopburi losgewrikt door de steeds meer groeiende
macht van het ten noorden gelegen
Sukhothai. De culturele invloed van de Khmer bleef
echter tot op zekere hoogte doorbestaan doorheen de
Ayutthaya-periode. Koning
Narai versterkte de stad in de 17de eeuw om dienst te doen als
tweede hoofdstad toen Ayutthaya bedreigd werd door een Nederlandse
scheepsblokkade. Zijn paleis in Lopburi waar hij in 1688 stierf,
werd gebouwd in 1665 en de overblijfselen behoren nu tot één van de
bezienswaardigheden van de stad. De stad staat
bekend voor haar historische ruïnes (fig.)
en de vele ronddolende apen (fig.),
waarvoor de lokale bevolking jaarlijks een apen-buffet organiseert.
De huidige provincie telt elf
amphur.

2.
Naam gegeven aan een kunststijl uit Centraal-Thailand gedurende de
Khmer-periode, van de 11de tot de 14de eeuw
AD, en gedurende de hoogdagen van Lopburi, tussen de 10de en 13de
eeuw AD. Haar eigenschappen zijn een mengeling van
Khmer,
Pala
en lokale stijlen.
3.
Naam van een rivier die o.a. door
Ayutthaya stroomt.
lot (??)
Synoniem voor
solot.
lotus
Een bloem uit de familie der
waterlelies (fig.),
en heilig onder de Indiërs. De bloem wordt geassociëerd met de
goddelijke geboorte van de
Boeddha en symbolisch gebruikt in
hindoeïstische en boeddhistische kunst, vaak in goud of
vervuld (fig.).
Volgens de legende komt
Brahma voort uit de
gouden lotus die ontspringt in de
navel van
Vishnoe, en nam de Boeddha onmiddellijk na zijn
geboorte zeven stappen die veroorzaakten dat bloeiende lotussen
verschenen waar zijn voeten de grond raakten.
Ze
zijn tevens een
symbool van
Verlichting
daar ze boven
de modder uitgroeien, zoals het boeddhisme zich boven
het bederfelijke
verheft, het licht tegemoet,
terwijl de
bloemblaadjes de
Vier
Edele
Waarheden
en het
Achtvoudige
Pad
dat de Boeddha aan de wereld openbaarde symboliseren,
en die wanneer ze zich openen, de harde kern met haar zaden als
zinnebeeld van het nieuwe leven onthullen.
Sokkels voor boeddhabeelden
(tahnphraphoettaroep)
zijn vaak in de vorm van een lotus (fig.)
en in de
wai, de
Thaise groet, worden de handen samengevouwen in de vorm van een vlam
of lotusknop (fig.)
om respect te betuigen.
Sommige delen van deze bloem zijn geschikt voor menselijke
consumptie, zoals de wortel (fig.)
en de zaden (fig.).
Van de wortel wordt een zoete, aromatische, bruinkleurige tonic
gemaakt, die men naam raak bua noemt en
waarvan beweerd wordt dat deze naast verfrissend ook een
geneesmiddel is tegen orale blazen die ontstaan door uitdroging. De
zaden hebben de grootte en vorm van eikels en zitten in grote
bekervormige knoppen (fig.).
Doch, vóór consumptie dienen de zaden van hun groene schil te worden
ontdaan en dient de geel-groene scheut die in het midden van het
zaadje zit te worden verwijderd daar dit nogal bitter van smaak is.
Men treft lotusknoppen en lotuszaden aan op markten over het gehele
land, alsook de gepelde crème-kleurige zaden, die zich onderscheiden
door hun kenmerkend bruine vlekje op de bovenzijde. Gepelde zaden
vindt men vooral in bulk op Bangkok's
Chinatown.
De grote bladeren van de lotus zijn volledig waterafstotend en de
structuur van haar oppervlak wordt technisch nagemaakt en toegepast.
De Thaise benaming voor lotus is
bua luang.

lotus-positie
Bijnaam voor de
asana of 'gezeten positie' in de
iconografie, waarbij de benen gebogen op elkaar
liggen met de voeten rustend op het tegenovergestelde dijbeen, de
voetzolen opwaarts. Birmaanse boeddhabeelden met een
bhumisparsa-moedra
zijn meestal gezeten in deze positie
(fig.),
tgov. boeddhabeelden met dezelfde moedra in Thaise stijl, die
meestal gezeten zijn in de
halve lotus-positie (fig.).
Zie ook
vajrasana (fig.),
en
padmasana.
_small.jpg)
Lua
Een andere benaming voor
Thai Lu.
Luang (????)
Thais. Een niet-erfelijke titel of
bandasak, boven een
Khun en onder een
Phra.

Luang Pho (???????)
1.
Thais. 'Eerwaarde
vader(en)'.
Vooraanstaande,
zeer vereerde
monnik(en)
in Thailand.
Men treft hun beelden vaak aan in
tempels,
en sommigen worden beschouwd als
arahats.
Aan sommige van deze monniken, de
Phra
saksit,
worden speciale spirituele krachten toegeschreven.

2. Thais. 'Eerwaarde vader'. Aanspreektitel voor
monniken,
gebruikt door leken.
luk nimit (????????)
Zie
look nimit.
Lumbini
Sanskriet. Het park
nabij
Kapilavatthu
in het huidige Nepal, waar prins
Siddhartha,
de historische
Boeddha
werd geboren.
Lumphini
Park (??????????)
Thais. Stadspark in
Bangkok genoemd naar
Lumbini,
de geboorteplaats van de historische
Boeddha.
Het park is het grootste in de stad en trekt vele beoefenaars van
tai chi,
en steeds meer en massaal ook beoefenaars van aerobics (fig.).
Daarnaast wordt een verscheidenheid aan andere sporten beoefend
zoals joggen, zwaardvechten, yoga, etc. Het park heeft een enorm
meer waar waterfietsen worden verhuurd en waarin men schildpadden en
varanen kan waarnemen. Het
werd in de jaren twintig aan de stad geschonken door koning
Rama VI, wiens standbeeld nu aan de hoofdingang
staat. Ook Suan Lumphini.

luopon
Het kompas gebruikt om de geschikte oriëntatie van gebouwen te
bepalen door iemand die
geomantie
beoefend. Zie ook
feng shui.
lychee
Zoete subtropische vrucht met een dunne roodkleurige schil en sappig
wit vruchtvlees. Het draagt de wetenschappelijke naam litchi
chinensis en groeit voornamelijk in de noordelijke regionen van
Thailand, aan het begin van het regenseizoen (juni). In het Thais
'linchie'.
 |