home > lexicon > m A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Maan (???)

Thaise benaming voor de demoon Mara.

maansikkel

Zie halvemaan.

maansteen

1. Architecturale term voor een halfronde siersteen bij de voet van een trap of bij de ingang van belangrijke gebouwen. Vaak gedecoreerd met dieren, bloemen en vogels.

2. Halfedelsteen.

Madchanoe (???????)

Sanskriet-Thais. De zoon van Hanuman en de zeemeermin-koningin Suphanamatcha in de Ramayana, aldus voorgesteld met het lichaam van een aap en de staart van een vis. Later hakte Rama deze staart af zodat hij niet langer gedeeltelijk vis was. Ook Matchanoe.

madeua (???????)

Thaise benaming voor de ficus racemosa of cluster-vijgenboom. Groeit gewoonlijk langs het water, waar deze boom goed gedijt. Haar vruchten groeien in trossen op de grotere, gewoonlijk dikkere takken en rechtstreeks op de stam zelf.

Madhava

Een naam van Krishna of Vishnoe.

Madhavi

Een naam van Lakshmi, een gemalin van Vishnoe.

Madira

Een naam van Varuni, godin van de wijn en vrouw van Varuna. Zie ook Sura.

mae ai (??????)

Thais. 'Verlegen moeder'. Bijnaam voor de maiyaraab.

mae chi (?????)

Thais. Boeddhistische non. Zij hebben een lekenstatus en behoren niet tot de Sangha. Zie ook bhikkoeni.

Mae Hong Son (??????????)

Naam van een jangwat (kaart) en haar gelijknamige kleine hoofdstad (fig.) in Noord-Thailand, op 924 km noordelijk van Bangkok en langs de bergweg via Pai, 1.864 bochten en 245 km van Chiang Mai. De stad heeft een bevolkingsaantal van minder dan zevenduizend. De benaming Hong Son is waarschijnlijk afgeleid -hoewel met een verschillende Thaise schrijfwijze- van de naam van een ingesloten ruimte of 'kamer' (hong) tussen twee bergen, in een vlakte van een dal, enkele kilometers zuidelijk van de stad en waar eertijds wilde olifanten naartoe werden gedreven om te worden getemd en getraind (son), terwijl de benaming Mae (moeder) de algemene benaming is voor een dorp of kleine stad in Noord-Thailand en voorkomt in vele plaatsnamen, allicht met de allegorische verwijzing naar een plaats waar men zich thuis voelt. Mae Hong Son bestaat voor de helft uit Shan of Thai Yai. Er zijn verschillende bezienswaardigheden maar de voornaamste attracties zijn Wat Jong Kham en Wat Jong Klang, twee tempels in Birmese stijl nabij een meer in het centrum van de stad (fig.), de Tham Lod grot (fig.) en de Tham Pla visgrot (fig.). Wat Phra That Doi Kong Mu, is een tempel die op een hoge berg ligt en een goed uitzicht biedt over de stad en de lokale luchthaven. De stad is tevens gekend voor het lokale Poi Sang Long-festival waarin jonge Shan-jongens als novice worden gewijd. In deze provincie leven de Langnek Karen en ze telt zeven amphur.

Mae Khong (??????)

1. Thais. Populaire benaming van de 12ste langste rivier in de wereld die in de Himalaya ontspringt en bij de Gouden Driehoek de grens vormt tussen Thailand en Laos, en Laos en Myanmar. Ze wordt gevormd door smeltwater van de Himalaya aangevuld met het water van verscheidene andere rivieren, is 4.590 km lang en doorkruist 7 landen, namelijk Tibet, China, Myanmar (Birma), Thailand, Laos, Cambodja en Vietnam, waar ze een delta vormt die ten slotte in de Zuid-China Zee uitmondt. Het is Thailand's langste waterweg. Ook Maekhong en Mekhong, maar de volledige Thaise benaming is Mae Nam Khong.

2. Naam van een Thais merk whisky op basis van rijst.

Mae Khongkha

Zie Khongkha.

Mae Nam Khong (?????????)

Volledige Thaise benaming voor de Mae Khong-rivier.

maengda (?????)

1. Thaise benaming voor een grote waterwants. Dezen worden door sommigen gegeten en kunnen zowel gefrituurd, dan als een ingrediënt in nahm prik noem, een pikant gerecht van fijngestampte geroosterde groene chili's, voorkomen.

2. Thais. Slang (jargon) voor pooier.

3. Afkorting voor maengda talae, de pijlstaartkreeft.

maengda talae (?????????)

Thaise benaming voor de pijlstaartkreeft.

Mae Phra Thoranie (??????????)

Thaise benaming voor Thoranie.

Maew (????)

1. Thaise benaming voor Hmong. Ook Miao. MEER HIEROVER.

2. Taal behorende tot de familie van de Miao-Yao-Pateng, een subgroep van de Sino-Tibetaanse talengroep, waartoe eveneens taalgroepen zoals het Chinees, Birmees en Tibetaans behoren. Ook Miao. MEER HIEROVER.

maew kwak (???????)

Thais. 'Lonkende kat'. Thaise benaming voor de Japanese kat maneki-neko (fig.). Vergelijk met nang kwak. Zie ook kwak.

Mae Ya Nang (?????????)

Thais. Mascotte of geest die een schip of boot beschermt.

ma fai (????)

Thaise benaming voor een boom van de familie euphorbiaceae, die van april tot mei kleine, geelachtige, op bessen gelijkende vruchten voortbrengt en voorkomt over geheel Thailand.

ma feuang (???????)

Thaise benaming voor de boom met de Latijnse naam averrhoa carambola en haar vrucht, de stervrucht.

Magadha

Zie Makot.

Magadhi

Oude taal uit Magadha.

maha (???)

1. Sanskriet-Thais. 'Groot' of 'machtig'. Een benaming die vaak vóór de naam of titel van belangrijke figuren, zaken of plaatsen wordt gevoegd.

2. Een graduaat in de boeddhistische theologie, die ten minste geslaagd is in het examen voor de derde graad, uit een totaal van negen. Hij moet lid zijn van de clerus, hoewel hij de titel behoudt nadat hij het priesterschap verlaat.

Maha Bali

Een koning die zo machtig werd dat hij de drie werelden domineerde. Vishnoe, in zijn avatar als dwerg, onderwierp hem.

Mahabharata

Sanskriet. Groots episch gedicht uit India van rond de 4de eeuw VC dat de legenden uit de Vedische periode bevat. Het is samengesteld uit achttien boeken en opgebouwd uit honderd-en-tienduizend verzen, die de grote strijd der Bharata's, tussen de Kaurava's en de Pandava's beschrijven, twee verwante families van koninklijken bloede. De hindoegod Krishna speelt een prominente rol in het epos, waarin hij de Bhagavad Gita openbaart. In het Thais Mahapharata.

Mahachaat (???????)

Het verhaal van de laatste grote incarnatie van de Boeddha, bestaande uit verschillende lae.

Mahachai (??????)

1. Andere naam voor Samut Sakon.

2. Thais. 'Grote overwinning'. Een kanaal dat Samut Songkhram met Bangkok verbindt en dwars door de provincie Samut Sakon loopt waar het de Tachin-rivier doorkruist.

Mahadhammaracha Lithai (???????????????)

Koning van Sukhothai in de 14de eeuw AD, opdrachtgever tot het maken van het Phraphoet Chinnarat-beeld (fig.) uit Wat Phra Sri Rattanamahathat. Naast zijn koningschap doceerde hij eveneens boeddhistische cosmologie. Ook Mahadhammaracha Leuthai.

mahadhatu

Zie mahathat.

Mahakala

Sanskriet. 'Grote tijd'. De personificatie van kala in een verschrikkelijke gedaante, geassociëerd met het vernietigende aspect van Shiwa. In sommige teksten was Mahakala eerst een volgeling van Shiwa, en werd er volgens het tantrische boeddhisme in de 10de eeuw AD, een beschermgod van, alsook één van de acht beschermers van de wet. Zijn vrouwelijke tegenhanger is Mahakali. Zie ook Kali.

Mahakali

Sanskriet. 'Grote Kali'. De verschrikkelijke gedaante van Parvati met twee of meerdere armen en soms met meerdere hoofden met uitgestoken tong. Om haar middel draagt ze vaak een jurk van afgehakte armen, en om de hals een slinger van hoofden. Soms uitgebeeld stappend op Shiwa. Zie ook Kali.

Maha Kassapa

De monnik die de Boeddha opvolgde als leider van de Sangha. Gewoonlijk afgebeeld in muurschilderingen als een oude man in het gezelschap van de jonge monnik Ananda, de Boeddha's neef en zijn belangrijkste discipel.

mahal

Een paleis of groots gebouw in India, zoals in Taj Mahal.

mahamandapa

Sanskriet. 'Groot paviljoen'. Een grote zuilenhal of portaal in een tempel, gewoonlijk vóór het belangrijkste shrijn. Zie ook mandapa.

Maha Maya

Sanskriet. 'Grote illusie'. Vrouw van koning Suddhodana en moeder van prins Siddhartha die later de Boeddha werd. In het Vajrayana boeddhisme een beschermende godheid.

Mahantayot

Thais. Tweelingsbroer van Anantayot en zoon van de legendarische Chamadevi van Lopburi, koningin van het Dvaravati rijk in de 7de eeuw AD.

Mahaparinippahn (????????????)

Zie Mahaparinirvana.

Mahaparinirvana

Sanskriet. De definitieve overgang van de Boeddha naar het uiteindelijke nirvana volgend op de dood, en waarbij alle lijden, verlangen, en verdere wedergeboortes ophouden. Dit gebeurde in Kusinagara nadat hij al zijn discipelen had bijeengeroepen om zijn laatste preek te horen, in 483 VC. In het Thais Mahaparinippahn. Zie ook parinippahn.

Mahapharata (???????)

Thaise benaming voor Mahabharata.

Maha Prajapati

De zuster van Maha Maya, die dienst deed als Siddhartha's voogdes toen zijn moeder zeven dagen na zijn geboorte stierf. Zij huwde nadien met Siddhartha's vader Suddhodana. Ze is ook gekend onder de naam Gautami.

mahapurusha

Sanskriet. Een groot man voorbestemd om een wereldleider of redder te worden, en herkenbaar aan de 32 lakshana's, de tekens van een toekomstig groot persoon.

maharadja

Sanskriet. Groot koning of vorst.

Maha Raj (??????)

Thais. Grote koning of monarch. Komt gewoonlijk voor als achtervoegsel bij de namen van de belangrijke koningen uit de Thaise geschiedenis.

maharani

Sanskriet. Groot koningin, vrouw van een maharadja.

maharishi

Sanskriet. Groot meester, wijsgeer of ziener. Een eretitel.

Maha Sarakham (?????????)

Thais. 'Groot zelfstandig dorp'. Hoofdstad van een gelijknamige jangwat (kaart) in centraal-Isaan op zo'n 475 km noordoostelijk van Bangkok, tussen Khon Khaen en Roi Et. De stad werd gesticht aan de oever van de Koet Nang Yai-rivier door thao Maha Chai en thao Bua Thong, twee broers afkomstig uit Roi Et, en in 1865 AD werd de stad Meuang Maha Sarakham gedoopt door koning Phra Chom Klao. De provincie telt elf amphur en twee king amphur.

mahat

Sanskriet. Groot intellect geproduceerd bij de schepping. Het is verwant aan het woord 'manas', dat 'verstand, intellect, begrip' betekent.

Mahathat (???????)

Thais. 'Groot relekwie'. Term in Thailand gebruikt in de naamgeving van de meest belangrijke relikwieënschrijnen die gewoonlijk een relikwie van de Boeddha bevatten.

mahatma

Sanskriet. 'Grote ziel'. Eretitel voor wijzen en leraars.

Mahavairochana

Sanskriet. 'Grote verlichting' of 'zon'. De Adi-Boeddha. Eén van de vijf jina's of transcendente boeddha's uit het Vajrayana boeddhisme. Hij heeft een positie in het midden van een mandala en maakt het gebaar van opperste wijsheid door de rechterwijsvinger in de linkervuist te houden terwijl de linkerduim naar boven wijst. Zijn symbolen zijn het wiel en de zon. Ook Vairochana.

Mahavamsa

Kronieken in het Pali die de geschiedenis van het boeddhisme in Sri Lanka volgen, van haar begin in de 3de eeuw VC tot de vroege 4de eeuw AD. In het Thais Mahawong.

Mahavir (??????)

Thais voor Mahavira.

Mahavira

Sanskriet. 'Grote held'. Titel voor de laatste van de vierentwintig alwetende grote leraars, tirthankara's genaamd,  en de stichter van het jainisme. Hij was een tijdgenoot van de Boeddha. In het Thais Mahavir. Zie ook Vardhamana.

mahawithayahlay (???????????)

Thais voor universiteit. Zie onderwijs.

Mahawong (???????)

Thaise benaming voor de Mahavamsa, de Singalese kronieken die de geschiedenis van het boeddhisme bevatten.

Mahayaan (??????)

Thaise benaming voor Mahayana.

Mahayana

Sanskriet. 'Groot voertuig'. De tak van het boeddhisme waarbij de gelovigen het vertrouwen voor hun verlossing van de eindeloze cirkel van wedergeboortes teneinde het boeddha-schap te bekomen, stellen in de bodhissatva's. Deze sekte van het boeddhisme verspreidde zich in de 2de eeuw AD vanuit Noord-India en wordt voornamelijk gepraktiseerd in de landen van noordelijk Azië, waaronder Tibet, Nepal, China, Mongolië, Korea en Japan, maar ook in Vietnam en op gegeven ogenblik ook in Maleisië, Indonesië, Birma, Thailand en Cambodja. Deze laatste drie belijden nu echter het Theravada of Hinayana boeddhisme, een andere belangrijke tak van het boeddhisme. In het Thais Mahayaan genoemd.

Mahayogi

Sanskriet. 'Groot asceet'. Een benaming van Shiwa.

Mahendraparvata

Sanskriet. Eén van de zeven bergketens  van de Himalaya en de vroegere naam voor Phnom Kulen in Cambodja.

Mahesvara

Sanskriet. 'De grote heer'. Een benaming voor Shiwa.

mahingsa (??????)

Thaise uitspraak voor mahisha, buffel.

mahisha

Sanskriet. 'Buffel'. Het voertuig van de god Yama. In het Thais mahingsa uitgesproken.

Mahishasura

Sanskriet. 'Buffel-demoon'. Een asura of demoon van de duisternis met enorme krachten die, na zich aanhoudelijk van gedaante te hebben veranderd, zich uiteindelijk transformeerde in een buffel (mahisha) en alzo door Durga werd afgeslacht. In de Mahabharata werd hij afgemaakt door Skanda.

Mahishasuramardini

Sanskriet. 'Slachter van de buffeldemoon'. De naam van Durga wanneer ze Mahishasura bevecht, de buffeldemoon die de kwade en boze machten symboliseert.

mahk (????)

Thaise benaming voor de betelpalm en haar vrucht de betelnoot.

mahk daeng (???????)

Thais. 'Rode betelpalm'. Een palmachtige boom met een roodachtige stam tot ongeveer 6 meter hoog, met de Latijnse benaming cyrtostachys renda, én cyrtostachys lakka, een boom van dezelfde soort en die iets korter is. Vaak gezien in tuinen als sierboom.

mahorateuk (????????)

Zie klong mahorateuk.

mahorie (?????)

Thais. Orkest, grotendeels samengesteld uit snaarinstrumenten.

mahout

Hoeder, verzorger of oppasser van een olifant. Ook kornak. In Thailand behoren de mahouts vaak tot het bergvolk van de Karen (fig.).

mai (???)

1. Thaise benaming voor zijde.

2. Thaise benaming voor zijderups.

mai jan (?????????)

Thaise benaming voor sandelhout. Ook mai chan.

mai kaan haab (?????????)

Thais. Buigzame stevige bamboe houten (mai) stok gebruikt om pakkingen of manden te dragen (kaan) balancerend over de schouder (haab), zoals vaak gezien op het platteland en bij rondtrekkende voedselverkoopsters. Ook kaan. Vergelijk kaanhaam.

mai kham (??????)

Houten balken die tegen een bodhiboom worden geplaatst, Deze houten steunen worden gezien als gunstige balken, die ontbering moeten voorkomen en de levensduur verlengen. Soms uitgevoerd als onderdeel van de seubchatah-ceremonie.

mai phai (??????)

Thaise benaming voor bamboe. Ook kortweg phai.

mai sak (??????)

Thaise benaming voor teak.

Mai Thai (??????)

Thaise benaming voor handgewoven Thaise zijde.

maithuna

Sanskriet. 'Koppelen' of 'paren'. Copulerende figuurtjes of beeldhouwerken zoals gezien in de iconografie of gebruikt als amulet (fig.). Ook mithuna en  in het Thais methun. Zie ook yabyam.

Maitreya

Sanskriet. Een bodhissatva die nu in de Tushita hemel verblijft en in de toekomst wedergeboren zal worden als Boeddha om het geloof te vernieuwen. Hij wordt zowel in het Mahayana als het Theravada boeddhisme aanbeden, en wordt soms voorgesteld als een bodhissatva gekleed in vorstelijke ornaat die heerst vanop zijn troon in de hemel. Hij draagt een stoepa in zijn hoofdtooi en onder zijn attributen zijn vaak een vaas en een wiel. Ook Metraiya en Metteya.

maiyaraab (??????)

Thais. Naam van een alomtegenwoordig onkruid dat goed gedijt en voorkomt over heel Thailand. Deze struikachtige, erg gevoelige plant heeft de wetenschappelijke naam mimosa pudica. Zijn blaadjes sluiten zich bij de minste aanraking en wanneer hij in contact komt met regen. Dit is een zelfverdedigingssysteem dat moet voorkomen dat de relatief zware regendruppels deze zeer kwetsbare plant zouden beschadigen. De plant beschermdt zich tevens tegen natuurlijke vijanden door kleine stekeltjes aan de onderkant van zijn stengels en bladeren. Dit onkruid kan makkelijk tot een hoogte van twee meter groeien en brengt bolvormige, violetkleurige bloemen voort. Door zijn overgevoeligheid wordt de plant in het Thai mae ai (verlegen moeder) bijgenaamd en sommige soorten zijn gekend onder de Thaise namen maiyaraab yak (reuzen-mimosa pudica) en maiyaraab leuay (mimosa pudica-kruiper).

mak (????)

Thais. 'Weg, pad'. Eén van de Vier Edele Waarheden van het boeddhisme.

makaak

Naam van een apensoort van het geslacht macaca. Ze worden vaak ingezet op kokosplantages om de noten te plukken (fig.). Er bestaan verschillende soorten, waaonder de crab-etende makaak, de kort-staart makaak, etc. In het Thais worden ze kang genoemd, ofwel ling hang san indien ze een kort varkensstaartje hebben.

makanayok (???????)

Thais. 'Tempelvoogd'. Een leek die instaat voor de regeling of organisatie van allerhande praktische zaken in en i.v.m. een tempel. Ook maknayok.

makara

Sanskriet. Een mythisch zee-schepsel dat 'water' en 'overvloed' symboliseert. In de architectuur, vnl. in Khmer-bouwwerken, komt het vaak voor als decoratie bij deuropeningen en in lateiën, soms in kombinatie met kala . In Thailand komt het vnl. voor als balustrade van tempels, voorgesteld terwijl het een naga (fig.), uit zijn open muil spuwt (fig.). In India heeft het het lichaam en de staart van een vis, maar in Zuidoost-Azië gewoonlijk dat van een reptiel. In Java is de kop dan weer als die van een krokodil, met een grote kaak en verlengde snuit, als een slurf. In Champa heeft het de kop van een leeuw met slagtanden en een slurf, of de kop van een antilope met voorpoten. Het is het symbool van Kama en het rijdier van de hindoeïstische godin Ganga en van Varuna.

Makha (???)

Thais. De derde maanmaand met de Steenbok als teken van de zodiak.

makhaam (?????)

Thaise naam voor tamarinde (fig.). Daarnaast is tamarinde eveneens gekend onder een aantal lokale benamingen, die verschillen volgens de streek: in Kanchanaburi is hij gekend bij zijn Karen benaming meuang klohng, in Korat wordt hij taloob genoemd, in het Zuiden is hij gekend als khaam en in de provincie Surin gebruikt men de Khmer-naam ampial. Zie ook makhaampom en makhaamthet.

makhaampom (?????????)

Thaise benaming voor een vrucht en boom met de wetenschappelijke naam phyllanthus emblica. De vruchten zijn zoetzuur van smaak.

makhaamthet (????????)

Thaise benaming voor de camachile, een boom met de wetenschappelijke naam pithecolobium dulce. De vruchten gelijken op tamarinde maar hebben een zachtere schil en een andere smaak. Haar zachte gekrulde schil is rood-groen en het wit-roze vruchtvlees zit rond glanzend bruine zaden.

Makha Bucha (???????)

Thais. Boeddhistische feestdag die alle heiligen gedenkt en gehouden wordt tijdens de volle maan van de derde maanmaand (Makha), gewoonlijk midden-februari. Men gedenkt de 1.250 verlichte monniken die allen tegelijkertijd naar de Boeddha kwamen om hem te horen preken, zonder voorafgaande oproep. Deze Thaise publieke feestdag, bereikt haar hoogtepunt in een wandeling met kaarsen rond het belangrijkste tempelgebouw of chedi doorheen het land. Ook Wan Makha Bucha.

Makkawaan (??????)

Een Thaise benaming voor Indra.

maknayok (???????)

Zie makanayok.

makoet (????)

Thaise benaming voor 'kroon'. Ook mongkoet.

makoetrajakoemaan (????????????)

Thaise benaming voor 'kroonprins'.

makok (?????)

Een pruimenboom van het geslacht spondias.

Makot (???)

1. Het koninkrijk Magadha in oud-India, tegenwoordig Bihar genaamd.

2. Het Magadhi, de Prakrit-taal van Magadha, gelijkend op het Pali.

malaeng phi (??????)

Thais. 'Spook-insect'. Populaire benaming voor een spooksprinkhaan, een insekt dat zich camoufleert als een dorre tak (fig.), twijg of verdord blad. Het komt voor in vele afmetingen en vormen, voornamelijk als wandelende tak.

malaeng (????)

Thais voor insect, zoals een wants, een kever, etc. Hoewel niet volledig onderling verwisselbaar kunnen sommige insecten ook maeng worden genoemd, gewoonlijk dezen met 8 poten. Verscheidene insectensoorten worden door de lokale bevolking ook gegeten, zoals schorpioenen (malaeng/maengpong), krekels (jingrihd), waterwantsen of degenkrabben (maengdah), zijdepoppen (dakdae), sprinkhanen (takkataen), bamboewormen (rotduan - fig.), etc.

malai (?????)

Zie puang malai.

malai khlong meua (?????????????)

Thais. Een rondvormige guirlande om rond te pols te dragen. Zie ook puang malai.

malai piya (?????????)

Thais. Een ovaalvormige guirlande  met onderaan een kwastje van bloemen en bovenaan een lus om het geheel op te hangen. Zie ook puang malai.

malai song chai (???????????)

Thais. Een dubbele guirlande met twee uiteinden en verbonden door een lint om rond de hals te dragen. Zie ook puang malai.

malai toem (?????????)

Thais. Een ietwat bolvormige guirlande met onderaan een kwastje van bloemen en bovenaan een lintje om aan opgehangen te worden. Zie ook puang malai.

malako (??????)

Thaise benaming voor papaja. Een kleine boomsoort met de Latijnse benaming carica papaja die tot 7,5 meter hoog kan worden. De nog groene vruchten (fig.) worden o.a. gebruikt als voornaamste ingrediënt in het populaire Thaise gerecht somtam. Indien rijp gelijken de vruchten op meloen. De Hawaïaanse papaja is kleiner dan de Thaise soort (fig.). Ook meloenboom genoemd.

malaria

Ziekte die gepaard gaat met een terugkerende koorts en veroorzaakt wordt door een parasiet die overgedragen wordt door de beet van de anophelese-mug, de drager van deze parasiet. Deze muggensoort is enkel aktief ná valavond en vóór zonsopgang. In het Thais khai pah (junglekoorts) en khai jab san (beefkoorts) genoemd.

malay loekkaew ok kai (?????????????????)

Thais. Ingedeukte chedi met een centraal gedeelte van een aantal opeenvolgende ringen (malay) met drie hoeken, waarbij de uiterste hoekrand bij elke ring, in profiel gelijkt op de vorm van een kippenborst (ok kai). Dit gedeelte van de chedi gelijkt op een decoratieve buffer en was populair op het einde van de Ayutthaya-periode.

Maleise beer

Naam van een kleine beersoort die van nature voorkomt in zuidelijk Thailand, het Maleise schiereiland en de Indonesische archipel. Hij draagt de wetenschappelijke naam helarctos malayanus maar is tevens gekend onder de naam zonnebeer, dankzij een roomkleurige sikkelvormige curve bovenaan zijn borst. In het Thais wordt hij mih mah genoemd.

Maleisië

Buurland van Thailand in het Zuiden. Het omvat het zuidelijke schiereiland en het noordelijke één-derde-deel van het eiland Borneo, grenzend aan Indonesië en de Zuid China Zee, ten zuiden van Vietnam. De totale oppervlakte bedraagt 329.750 km² en het heeft 2.669 km aan grenzen, waarvan het er 381 km deelt met Brunei, 1.782 km met Indonesië, en 506 km met Thailand. De totale kustlijn is 4.675 km (2.068 km op het Schiereiland en 2.607 km op Oost-Maleisië) en het hoogste punt is Gunung Kinabalu met 4.100 meter. De hoofdstad is Kuala Lumpur. Maleisië ontstond in 1963 door het vormen van een federatie bestaande uit de voormalige Britse kolonies Malaya en Singapore, alsook de Oost-Maleisische staten Sabah en Sarawak op de noordkust van Borneo. De eerste jaren van het bestaan van de federatie werden verstoord door Indonesische pogingen om Maleisië te beheersen, de Filippijnen die aanspraak maakten op Sabah, en Singapore's afscheiding van de federatie in 1965. De bevolkings bestaat uit ongeveer 23 miljoen inwoners, waarvan 58% Malays en andere inheemse volkeren, 24% Chinezen, 8% Indiërs, en 10% anderen. Bahasa Melayu is de officiële taal, maar daarnaast wordt er een verscheidenheid aan andere talen gesproken, zoals het Engels, allerlei Chinese dialecten (Kantonees, Mandarijns, Hokkien, Hakka, Hainan, Foochow), het Tamil, Telugu, Malayalam, Panjabi, en het Thais. Bovendien worden er in Oost-Maleisië nog verschillende inheemse talen gesproken, de meest voorkomenden het Iban en Kadazan. Bestaande religies zijn de islam, het boeddhisme, taoïsme, hindoeïsme, christendom en de sikh-religie. In Oost-Maleisië wordt verder eveneens het sjamanisme beoefend. De munteenheid is de 'ringgit' en natuurlijke rijkdommen zijn tin, petroleum, hout, koper, ijzererts, aardgas en bauxiet.

ma-li (????)

Thais voor Arabische jasmijn, een struik van het geslacht jasminum sambac. De knoppen van haar welriekende bloemen zijn het voornaamste onderdeel in de meeste puang malai-bloemenslingers (fig.).

ma muang (??????)

Thaise benaming voor mango. Een boom en vrucht van het geslacht mangifera indica, met een grote variëteit aan soorten. De meest populaire in Thailand alleszins die met de Thaise benaming ma muang ok rong.

ma muang fah lan (?????????????)

Thais. 'Donderende mango'. Een mango met een groene schil, en lichtjes gespikkeld met gele stipjes. Groeit vnl. in de maand april. Ze maakt een licht geluid (lan) wanneer men ze schilt, wat ze de naam 'fah lan' (donder) opleverde. Het vruchtvlees is geel en erg zoet.

ma muang himaphan (??????????????)

Thais voor 'cashewnoot'.

ma muang man (?????????)

Thaise verzamelnaam voor alle mango-soorten die gegeten worden wanneer ze nog groen zijn, en dus hard en zuur van smaak.

ma muang naam dok mai (???????????????)

Thais. 'Barracuda mango'. Benaming voor een zoete en zachte mango-soort met geel vruchtvlees.

ma muang ok rong (????????????)

Thaise benaming voor een populaire mango-soort.

ma muang raed (?????????)

Thais. 'Neushoorn mango'. Een harde soort mango met een groene schil die groeit van april tot mei, vnl. in de provincie Chachengsao. Ze heeft boveneen een typerend haakje gelijkend op een hoorn, wat haar de naam 'raed' (neushoorn) opleverde.

mandala

Een mystiek diagram dat het universum symboliseert en wordt gebruikt als voorwerp ter meditatie in het Vajrayana boeddhisme. Het bestaat gewoonlijk uit één of meer gesloten cirkels (fig.) die geometrisch verdeeld zijn, en met afbeeldingen van goden en boeddha's met hun eretempels.

mandapa

In India een open hal vooraan de ingang van een heiligdom van het jainisme of hindoeïsme. Bij Khmer-tempels is het het vooruitspringend portaal en toegang tot het voornaamste schrijn. In Thailand wordt het mondop genoemd en is het een -meestal open- vierkant gebouw met een pyramidaal of kruisvormig dak, gebruikt om voorname religieuze voorwerpen of teksten te huisvesten. Ook mondap.

Mandara

Sanskriet. De berg die de goden gebruikten om samen met de demonen en d.m.v. Ananta, de Oceaan van Melk om te roeren.

mandir

Sanskriet voor tempel.

maneki-neko

Japans. 'Lonkende kat'. Beeldje van een wenkende kat die met één poot een verwelkomend gebaar maakt en met de andere poot soms een oude munt vasthoudt. Ze wordt in verband gebracht met het uitnodigen van verschillende gelukstoestanden, afhankelijk van haar kleur. Zo nodigt een witte kat geluk uit en een gouden kat rijkdom. Indien de linkerpoot opgeheven is nodigt ze voorspoed uit. Vaak uitgestald in winkels en bedrijven om goede zaken aan te trekken. In het Thais maew kwak.

manggis

Altijdgroene boom tot twaalf meter hoog met gelijknamige vruchten in een purperachtige bolster, gekend als de 'Koningin der Vruchten', de tegenhanger van de durian die gekend is als de 'Koning der Vruchten'. Het zoete vruchtvlees bestaat uit crèmekleurige, zachte en sappige mootjes. Aan de onderkant van de dikke schil zit een klein bloemachtig 'kroontje' waarvan het aantal 'blaadjes' aangeeft uit hoeveel mootjes de vrucht bestaat. Men kan dus aan de buitenkant zien hoeveel mootjes er binnenin de schil zitten. Algemeen wordt aangenomen dat het eten van deze vrucht nieuwe kracht geeft en de lichaamstemperatuur doet verlagen. Het seizoen loopt van april tot september. In het Thais mangkoet.

mangkoet (??????)

Thaise benaming voor manggis.

mangkon (?????)

Thais voor draak.

mango

Vrucht van een altijdgroene boom tot twintig meter hoog met de Latijnse benaming mangifera indica. In Thailand ma muang genoemd. Er bestaan verschillende soorten waarbij de smaak van de vrucht bepalend is. Zie eveneens Big Mango.

mangrove

Naam van een tropische boom of struik die groeit in vochtige grond op plaatsen waar zoet- en zeewater met elkaar vermengen, t.t.z. langs sommige kustgebieden. Er bestaan verscheidene soorten: sonneratia, avicennia, rizoforen en bruguiera. Sonneratia en avicennia hebben lange kabelvormige wortels onder de modder en naar boven groeiende lucht- of ademwortels, de zgn. pneumatoforen, die boven de modder uitgroeien voor zuurstof (fig.) die via speciale porieën wordt opgenomen tijdens eb. Deze pneumatoforen scheiden tevens overtollig zout uit waardoor de boom aan een hoog zoutgehalte kan weerstaan. De sonneratia en avicennia onderscheiden zich o.a. door de kleur van hun gebladerte: dat van de sonneratia is doorgaans lichter van kleur. Rizoforen daarentegen kenmerken zich door hun lange steltwortels (fig.) die voorkomen dat de boom omvalt en waardoor hij kan gedijen in zachte modder en sterke getijdenbewegingen kan weerstaan. De grotere bruguiera-bomen groeien in compacte modder die slechts bij springtij onder water komt te staan. Mangrove heeft grote ronde zaaddozen die apart van elkaar groeien, hangend aan dunne houterige vezels. De buitengewone zaaddozen van de bruguiera hebben dolkvormige stekels (fig.) die wanneer ze vallen in de modder penetreren zodat ze niet door het getijde worden meegezogen. Mede hierdoor kan mangrovebos vaak grote kustgebieden colonizeren, zoals de Baai van Phang Nga in Zuid-Thailand. De vele verstrengelde wortels van mangrove vormen een natuurlijke habitat voor allerlei dieren waaronder slijkspringers, krabben, slangen, otters en krab-etende makaken. Mangrove-hout wordt gebruikt om houtskool (fig.) van te branden. In het Thais ton gohng gahng.

mani

Sanskriet. 'Edelsteen'. Een mani-muur bij boeddhistische lokaties is gebouwd uit stenen met heilige inscripties. Zie ook kamphaeng kaew.

Manibhadra

Sanskriet. Beschermer der reizigers en leider van de yakshas.

maniok

Kleine plant van het geslacht manihot die in Thailand vnl. gekweekt wordt in de provincie Kanchanaburi, om zijn verdikte wortel waaruit tapioca of cassave wordt bereid. In het Thais mansampalang en mansamrohng. Ook broodwortel en cassaveplant.

Manjushri

Sanskriet. De god van onderwijs en geleerdheid, een bodhisattva van het Mahayana boeddhisme. Zijn attribuut is een boek, zijn rijdier een leeuw, en zijn gemalin Sarasvati.

Manmatha

Sanskriet. 'Omroerder of agitator (van de geest)'. Een bijnaam van Kama, de god der liefde.

Manohra (???????)

1. Langst bestaande dansdrama in Thailand met thematische gelijkenissen aan de Ramakien. Het verhaal vertelt de gebeurtenissen van de protagonist prins Phra Suthon die erop uit trekt om Manohra, een ontvoerde kinnari, te bevrijden. De opvoeringen zijn vaak met komisch commentaar aangevuld en gelijken enigszins op likae. Vooral populair in Zuid-Thailand. Ook nohra.

2. Dochter van de koning der kinnon, die uiteindelijk huwt met Phra Suthon.

mansampalang (???????????)

Thaise benaming voor maniok, de plant waaruit men uit de wortel cassave of tapioca bereidt. Ook mansamrohng.

mansamrohng (????????)

Thaise benaming voor maniok, de plant waaruit men uit de wortel cassave of tapioca bereidt. Ook mansampalang.

mantra

Sanskriet. 'Mystieke syllabes'. Een mystieke incantatie. Een monotoon gezang of religieuze spreuk, bij de Hindoes met een bezwerende bedoeling. Een opwekkend fonetisch teken dat de godheid die aanbeden wordt oproept en verlevendigt. Het geluid is hierbij belangrijker dan de betekenis. In het Thais mon uitgesproken. Zie ook om.

Mantrayana

Zie Vajrayana.

maphlab (??????)

Een Thaise benaming voor dadelpruim.

mapraang (??????)

Thais. Benaming voor een pruimachtige fruitboom van het geslacht anacardiaceae, die behoort tot de familie van de sumac. Het fruit wordt marianpruim genoemd en heeft een dunne geelachtige schil. De boom draagt vrucht van maart tot april. Er bestaat een ondersoort die mapring wordt genoemd.

mapraaw (???????)

Thais voor kokosnoot.

mapring (??????)

Een variëteit van de mapraang.

maqbara

Arabisch. Kamer in een mohammedaanse tombe.

maqsura

Arabisch. De overwelvende gevel van een moskee.

Mara

Sanskrit. 'Vernietiger, verleider'. Naam van een belangrijke god die heerst over de elf niveau's van de Wereld van Verlangen, afgeleid van het Sanskriet woord mri, 'dood', en zodoende de god van het verlangen en de dood. Hij is de personificatie van het kwaad, en één van de vijf duivels die de Boeddha trachtte te verleiden net voor hij de verlichting bereikte. Toen Siddhartha in meditatie onder een bodhiboom in Bodh Gaya gezeten was, weigerde hij die plaats te verlaten eer hij het ware inzicht zou hebben gevonden, terwijl Mara trachtte dit te verhinderen door hem af te leiden en een aantal verleidingen op hem af te sturen. In het Thais Maan.

marapajon (??????)

Thais. 'Gevecht met Mara'. Thaise term die verwijst naar de scene tijdens de maravijaya.

maravichaya

Zie maravijaya.

maravijaya

Sanskriet-Pali. 'Overwinning op Mara'. Een benaming voor de meest voorkomende moedra in de Thais-boeddhistische beeldhouwkunst, eveneens gekend als bhumisparsa. Het symboliseert de episode uit de Boeddha's legendarische levensverhaal toen hij in meditatie onder een vijgenboom zat in Bodh Gaya en gelofte deed om niet van die plek weg te gaan eerdat hij de Verlichting zou bereiken. Mara, de god van verlangen en dood, probeerde echter te storen door een aantal afleidingen en verleidingen op te roepen, waaronder enkele jonge maagden. Hierop reikte de Boeddha met zijn rechterhand naar de aarde en haar aanrakend riep hij de hulp in van de godin van de aarde, Mae Phra Thoranee (fig.). Zij kwam tot zijn hulp en door water uit haar lange haar te wringen waste ze Mara en zijn legertje geesten weg, een scene die in Thailand gekend staat als de marapajon (fig.). Zo werd de Boeddha gered van de verleiding van het verlangen terwijl hij de aarde aanriep als getuige van zijn verworven verdiensten uit vorige levens. De Boeddha maakt deze moedra gezeten in halve lotus-positie. In een zeldzaam geval afgebeeld bij een paang naag prok-positie (fig.). Ook maravichaya.

mareuk (???)

Thais voor een mannetjes-hert.

mareukathaiwan (?????????)

Thaise benaming voor Mrigadava.

mareuki (????)

Thais voor een wijfjes-hert.

Marmeren Tempel

Zie Wat Benjamabophit.

Maruts

Sanskriet. Vedische stormgoden gemaakt door de rishi Kashyapa voor de godin Diti, de moeder van de asura's, die hem gevraagd had een zoon te geven die machtig genoeg zou zijn om Indra te vernietigen, als wraak omdat deze de asura's had omgebracht. Indra, die hier lucht van kreeg, drong binnen in haar baarmoeder en sneed haar embryo in stukken met zijn bliksemschicht, waardoor hun aantal vermeerderde tot ergens tussen de 21 en 180, naargelang de mythen die hun oorsprong verhalen.

massage

Zie traditionele massage.

masjid (??????)

Arabisch-Thais. 'Plaats van teraardewerping of prosternatie'. Een moskee.

Masjid Kreu Se (?????????????)

Naam van een moskee in Pattani, geboiuwd door Lim To Khieng, een Chinese immigrant die huwde met een lokaal meisje en zich bekeerde tot de Islam. Zijn zuster Lim Ko Niau zeilde echter uit China met een sampan-boot in een poging om haar broer te overhalen Islam de rug toe te keren en weer huiswaarts te keren. In een negatieve respons wilde de broer zijn geloof demonstreren en begon alsdus met de bouw van een masjid, in het jaar 1578. Zijn zuster sprak toen een vloek uit over de moskee, dat deze nooit zou worden voltooid. Na een mislukte laatste poging om haar broer te overhalen verhing ze zichzelf tenslotte aan een cashewboom en van verdriet kon de broer de moskee niet verder bouwen waardoor deze onafgewerkt blijft tot op heden. In April 2004 werden hier meer dan honderd vermeende separatistische moslim-rebellen door het Thaise leger doodgeschoten nadat zij de lokale politie hadden aangevallen en zich in de moskee hadden verschanst en weigerden zich over te geven.

Matchanoe (???????)

Zie Madchanoe.

math

Hindoeïstisch en jainistisch klooster.

mathayom (?????)

Thais voor middelbaar onderwijs. Zie onderwijs.

Mathura

1. Eén van de heiligste steden van het hindoeïsme op de westelijke oever van de Yamuna-rivier, daterend van 600 VC. The stad wordt geassociëerd met de geboorte van Krishna en zijn heldendaden, and met verscheidene dynastieën waaronder de Gupta-dynastie. In de 7de eeuw AD was het een belangrijk boeddhistisch centrum, alsook een culturele en commerciële ontmoetingsplaats, maar de stad werd in 1017 geplunderd en de boeddhistische tempels vernietigd.

2. Kunststroming afkomstig uit Mathura.

matmi

Thais. Een term uit de textielwereld van Laos en Thailand, dat het proces aangeeft van een weefsel met patronen die verkregen worden door de scheringsdraden vooraf plaatselijk te kleuren, en waarbij het doordringen van de verf voorkomen wordt door het afbinden van kleine bundeltjes ('mat') garen. Ook gekend onder de naam ikat.

Matris

Sanskriet. 'Moeders'. De goddelijke moeders. Oorspronkelijk verwijst de term naar een klasse van godinnen die ontstonden in een ver verleden en in verband werden gebracht met de krachten der natuur. Later verschijnen ze als de vrouwelijke energie (shakti) van grote goden en worden vnl. in het tantrisme aanbeden.

Matsya

Sanskriet. 'Vis'. Verwijst naar Vishnoe's eerste belangrijke avatara in de vorm van een vis, voorgesteld als een grote vis of als half mens-half vis. Het symboliseert het bestaan dat voortkomt uit de wateren van het niet-bestaan.

matoem (?????)

Thaise benaming voor een boom van het geslacht aegle marmelos, die een vrucht voortbrengt die gouden appel of bengaalse kwee wordt genoemd. Door gedroogde schijfjes van deze vrucht in water te laten weken kan men een gezondheidsbevorderend amberkleurig drankje trekken, rijk in vitamines en in het Thais naam matoem genoemd.

Maung

Birmaans. 'Broeder'. Een Birmaanse beleefdheidstitel gelijkwaardig aan en vergelijkbaar met 'mijnheer', soms ook in Thailand gebruikt.

Maurya

1. Dynastie van 324 tot 187 VC, gesticht door de Chandragupta in Patna, India.

2. Kunstrichting uit de periode van de Maurya-dynastie in India.

maya

Sanskriet. 'Illusie, magie, fenomenale realiteit'. Creative macht, gepersonificeerd als een vrouw met de bedoeling te verleiden en bedriegen. Het individu heeft de illusie alles in de hand te hebben, maar in feite wordt alles bepaald door maya. Zie ook Maha Maya.

mayom (????)

Thais. Naam voor de sterkruisbessenboom, een altijdgroene boom tot negen meter hoog met geelgroene bessen in de vorm van een ster, en met de Latijnse naam phyllanthus acidus. De boom is geschikt voor verschillende medicinale doeleinden, waaronder het behandelen van koorts die gepaard gaat met huidaandoeningen, zoals bijvoordbeeld de mazalen.

mayura

Sanskriet. 'Pauw'. Het rijdier van o.a. Skanda, Karttikeya en Sarasvati.

medaillon

Architecturale term voor een omkaderd rond, ovaal of halfrond middenstuk met decoratieve versieringen, figuren of motieven. Vaak op gevels.

meditatie

Zie samaati.

Mekala (?????)

Thais. Godin van de bliksem en metgezel van Ramasoen, de dondergod.

Mekhong (??????)

Zie Mae Khong.

Mekka

Belangrijkste bedevaartplaats van de islam gevestigd in westelijk Saoedi-Arabië en geboorteplaats van de profeet Mohammed. Het is de richting naarwaar elke gelovige moslim zich keert voor gebed.

meloenboom

Zie malako.

Mengrai (???????)

Stichter en koning van Chiang Rai (fig.) en Chiang Mai, met de titel Poh Khun. In 1281 veroverde hij het noordelijke rijk van Haripunchai op de Mon en plaatste dit onder zijn bewind als onderdeel van het noordelijk rijk Lan Na, een koninkrijk dat floreerde tussen de 13de en 14de eeuw AD en Chiang Mai als centrum had. Hij wist zijn macht te consolideren door in de noordelijke regionen een verbond te sluiten met de naburige koningen van Sukhothai en Phayao, bekend onder de namen Ramkamhaeng en Ngam Meuang (fig.). MEER HIEROVER.

Meru (????)

1. Sanskriet-Thais. Mythologische en heilige gouden berg in het centrum van het universum, in zowel de hindoeïstische als boeddhistische kosmologie. Op de top is de Tavatimsa hemel, verblijfplaats van de god Indra en de 33 goden. De berg is gesitueerd in het Himalaya-gebergte en de Ganga-rivier stroomt vanaf haar top naar de aarde, waar ze splits in vier rivieren, één voor elke windstreek. In de architectuur vaak voorgesteld als een quincunx. Tijdens het schudden van de Oceaan van Melk werd de piek van de berg Meru door de goden en demonen ondersteboven in de oceaan geplaatst, terwijl Vishnoe incarneerde als een schildpad -zijn allereerste avatar- om met zijn schild de berg te ondersteunen, toen deze dreigde weg te zinken in de zachte modder van de oceaanbodem (fig.). Vergelijk met Krailaat.

2. Thais. Een crematorium (meen uitgesproken).

Metrai (???????)

Thaise benaming voor Maitreya. Ook Metraiy.

Metraiy (???????)

Zie Metrai.

Metteya

Zie Maitreya.

meuang (?????)

1. Thais. Vrije staat, prinsdom, vorstendom, land, of stadstaat.

2. Populaire Thaise benaming voor een gemeente of de hoofdstad van een provincie.

3. Populaire Thaise benaming voor een land, als in 'Meuang Thai', Thailand.

Meuang Boraan (??????????)

Thais. 'Oude Stad'. Naam van een openluchtmuseum in Samut Prakan, dat een gebied van zo'n 830 km² beslaat, een gebied waarvan de vorm overeenkomt met de contouren van (een kaart van) Thailand. Het bestaat uit een aangelegd domein of land (meuang) met beelden uit de geschiedenis en de mythologie, traditionele huizen en historische (boraan) monumenten uit geheel Thailand, en heeft in totaal meer dan honderd bezienswaardigheden.

Miao (????)

Andere schrijfwijze voor Maew.

middenweg

In het boeddhisme het pad zonder uitersten, en een aanvaarding van de dingen zoals ze zijn.

Mien (??????)

Yao. 'Mensen'. Een Yao-Thaise benaming voor Iu Mien. MEER HIEROVER.

mihrab

Arabisch. Een gebedsnis of gewelfde uitsparing in één der binnenmuren van een moskee, die de richting van Mekka aangeeft en naarwaar gelovigen zich keren om te bidden, of een afbeelding daarvan op een bidkleed (fig.).

Militaire Parade van de Koninklijke Troepen

Jaarlijkse Militaire Parade van de Koninklijke Troepen op het Royal Plaza in Bangkok, op 4 December. In het Westen wordt hier meestal naar verwezen als de Trouw aan de Vlag ceremonie (wat in het Thais Phittih Sabaan Tong is), maar door de Thais zelf eerder Phittih Suansanam Thahaan Rachawanlop wordt genoemd.

moedra

Letterlijk uit het Sanskriet 'zegel' of 'afdruk', maar meestal vertaald als 'handpositie'. Gebruikt zowel in iconografie (fig.) als bij khon (fig.), waar door middel van een complex samenspel van moedra's en andere lichaamsbewegingen verschillende situaties, gedachten en gevoelens in het verhaal worden duidelijk gemaakt. Elke handpositie heeft in combinatie met de positie van het lichaam een exact bepaalde betekenis. In de boeddhistische iconografie is de beduiding voornamelijk symbolisch voor de weergave van bepaalde legendarische scenes of situaties in het leven van de Boeddha.

Moen (???)

Naam van Thailand's tweede grootste rivier, ná de Mae Kohng. Ze is gesitueerd in het Noordoosten en is ongeveer 750 kilometer lang. Ze ontspringt in de amphur Pak Thongchai  in de provincie Nakhon Ratchasima (kaart), waar ze de eerste tien kilometers Hoeb Pla Kang wordt genoemd. Ze stroomt dan verder oostwaarts door de provincies Buriram, Surin, Roi Et en Sri Saket en mondt ten slotte uit in de Mae Khong-rivier, in de amphur Kohng Chiam, in de provincie Ubon Ratchathani (kaart).

Moesseu (?????)

Een andere schrijfwijze voor Mussur.

Mogallana (??????????)

Pali-Thais. Eén van de voornaamste discipelen van de Boeddha en meestal afgebeeld in paar met Sariputta (fig.). In Birma gewoonlijk in een gezeten positie en als houtsnijwerk versierd met lakboomhars, soms met ogen van glas. In Thailand eeder gezien in een staande phranommeua-positie, vóór boeddhabeelden.

mogol

Europese benaming voor de voormalige Mongoolse heersers van de Mughal-dynastie in Hindoestan. Ook grootmogol.

Mohammed

Arabisch. 'Geprezene'. Stichter en profeet van de islam, geboren in Mekka in 570 AD en gestorven in 632 AD. Hij  openbaarde de koran aan de moslims, vestigde een monotheïstisch geloof in Arabië en verenigde de vele oude stammen onder één enkele bestuursvorm.

moh fai (??????)

Thais. 'Vuurpot'. Een aarden -of steeds vaker- aluminium pot met een rookgat in het midden om soep-achtige gerechten in op te dienen terwijl deze worden warm gehouden. Onderaan zit een opening waar een vuurtje brandt terwijl de soep in een basin rond de koker wordt bewaard. Het populaire gerecht 'tom yam' wordt gewoonlijk op deze wijze opgediend.

moksha

Sanskriet. 'Bevrijding, perfektie'. In zowel het hindoeïsme als boeddhisme betekent het de bevrijding van karma, en van de cyclus van geboorte en dood, en ontheffing van tijd.

molie (????)

Thais. 'Haarknot', zoals in tat molie. Ook juk, pomjuk en kleh. Zie ook kwan.

momchao (?????????)

Thaise titel voor de kleinzoon van een koning. Voor een kleindochter gebruikt men de titel momchaoying.

momchaoying (?????????????)

Thaise titel voor de kleindochter van een koning. Voor een kleinzoon gebruikt men de titel momchao.

momluang (?????????)

Thaise titel voor de zoon van een momratchawong. Voor een dochter van een momratchawong gebruikt men de titel momluangying.

momluangying (?????????????)

Thaise titel voor de dochter van een momratchawong. Voor een zoon van een momratchawong gebruikt men de titel momluang.

momratchawong (????????????)

Thaise titel voor de zoon van een momchao. Voor een dochter van een momchao gebruikt men de titel momratchawongying.

momratchawongying (????????????????)

Thaise titel voor de dochter van een momchao. Voor een zoon van een momchao gebruikt men de titel momratchawong.

mon (?????)

Thais voor mantra.

Mon (???)

Afstammelingen van het Mon-Khmer ras, en nu een ethnische groep in zuidelijk Birma en beperkt aanwezig in Thailand, vnl. als vluchteling.  Ze maakten deel uit van het Dvaravati-rijk in Centraal-Thailand tussen de 6de en 11de eeuw AD. Ook Peguaan.

mondap

Zie mandapa.

mondop (????)

Thais. Een -meestal open- vierkantig gebouw met vier bogen en een pyramidaal of kruisvormig dak, gebruikt om voorname religieuze voorwerpen of teksten te huisvesten, of als een open hal vooraan de ingang van een heiligdom. Afgeleid van het Sanskriet woord mandapa.

Mongkoet (?????)

Thais. Naam van de zoon van Rama en Sita, die in een woud werd geboren. Hij vocht later met Rama, niet beseffende dat het zijn vader was totdat hij zag dat hun wapens elkaar geen letsel konden toebrengen. Toen op gegeven ogenblik gedacht werd dat Mongkoet verdwenen was, schiep een heremiet een dubbelganger die Phra Lob werd genoemd.

mongkoet (?????)

1. Thaise benaming voor een 'kroon'. Ook makoet.

2. Thais. 'Kroon'. De finial of torenspits als ornament op de top van een stoepa, toren of koepel.

mongkoet rachakoemaan (?????????????)

Thais. Erfgenaam tot de troon. Ook radjataayaat.

mongkon (????)

Thais. 'Gunstig'. Een slinger bestaande uit wit garen en gemaakt in paar, die door een sai sin met elkaar verbonden tijdens huwelijkceremonieën, om het huwelijksverbond te symboliseren. Hij wordt bij de bruid en bruidegom op het hoofd geplaatst en vastgehouden door de aanwezige getuigen.

mongkonlasoet (????????)

Thais. De witte draad of sai sin die naar een heilig watervat leidt en wordt vastgehouden door monniken terwijl ze mantra's repeteren, of verbonden is met belangrijke boeddhabeelden in een bot.

Mongkut (??????)

Westerse benaming van de vierde monarch uit de Chakri-dynastie, met als kroontitel Rama IV. In het Thais gekend als Chom Klao. MEER HIEROVER.

Mongkutklao (??????????)

Thaise benaming voor Rama VI.

mon ing (???????)

Thais. 'Leun-kussen'. Een andere naam voor mon khwahn.

Mon-Khmen (???????)

Thais voor Mon-Khmer.

Mon-Khmer

Ras dat floreerde in Zuidoost-Azië vóórdat de Thais uit Zuid-China immigreerden. De huidige Mon zijn afstammelingen van dit ras. Zie ook Khmer. In het Thais Mon-Khmen.

mon khwahn (????????)

Thais. 'Bijl-kussen'. Een vloerkussen, driehoekig in vorm (als een bijl), gebruikt om tegen te leunen. Ook mon ing.

monnik

Zie Phra, Phra pikkoe, bhikkoe, bhiksoe, Phrasong en Phrasong Ong Chao.

Montho (????)

Sanskriet voor 'kikker'. Het is de naam van de voornaamste vrouw van Totsakan die door een reusi gecreëerd werd uit een kikker. Als kikker leefde ze vlakbij de ashram van vier hermieten, die haar voedden met melk. Op een dag zag ze een naga die zijn gif in de melkemmer spoot, met de bedoeling om de vier hermieten te doden. Daar ze -zonder spraak- niemand kon waarschuwen, offerde ze haar eigen leven op om de anderen te redden, door in de melkemmer te springen en de vergiftigde melk te drinken tot ze er aan dood ging. Doch, om hun nieuwsgierigheid te bevredigen wekten de hermieten haar terug tot leven en ondervroegen haar. Nadat ze de ware feiten hoorden veranderden ze de kikker in een mooie vrouw en voerden haar mee naar de hemel om de godin Uma te gaan aanbidden. Nadien gaf de god Idsuan haar aan Totsakan als geschenk omdat deze de berg Krailaat terug op zijn oorspronkelijke plaats had teruggebracht. Als gevolg diende ze haar man Bali, een aap en soldaat in het leger van Rama en van wie ze zwanger was, te verlaten. De foetus werd derhalve uit haar schoot gesneden en in die van een geit geplaatst voordat ze terugkeerde naar Totsakan. Het kind dat later geboren werd werd Ongkhot genoemd. MEER HIEROVER.

Monument van de Democratie

Zie Anusawarie Prachathipatai.

Monument van de Overwinning

Zie Anusawarie Chai Samora Phum.

morakot (????)

Thais. 'Emerald' of 'smaragd'. Oosterse halfedelsteen variërend in kleur van licht- tot donkergroen. Zie ook Phra Kaew Morakot.

moskee

Mohammedaanse tempel of gebedshuis. Thailand heeft ongeveer 2.900 moskeeën. Ook wel masjid genoemd.

moslim

Arabisch woord verwant aan islam. Belijder van de islamitische godsdienst. Ook mohammedaan, islamiet of muzelman.

Motaka

Sanskriet. Een zoet dessert gemaakt van bloem, gemengd met suiker en kokosnoot, en gerold in kleine balletjes. Het is het favoriete voedsel van de hindoegod Ganesha, en hij wordt er regelmatig mee afgebeeld. Motaka symboliseert tevens grote wijsheid, de wijsheid van Ganesha.

mri

Sanskriet voor 'dood'. Van dit woord is Mara afgeleid, de personificatie en god van dood en verlangen.

Mrigadava

Het hertenpark in Sarnath, waar de Boeddha de eerste maal zijn leer verkondigde en daarmee het Wiel der Wet in beweging zette.

muay thai (??????)

Thai-stijl boksen waarbij eveneens de ellebogen, knieën en voeten mogen worden gebruikt. Een wedstrijd duurt vijf maal drie minuten met telkens een pauze van twee minuten. Vóór de wedstrijd voeren de nak muay de ram muay uit, en een officiële wedstrijd wordt gewoonlijk begeleid door opdwepende muziek van een traditioneel orkest. Ook kickboksen of Thais boksen genoemd.

mu ban (????????)

Thais. 'Groep van huizen'. Een dorp of wijk. Thailand heeft in het totaal 69.866 dorpen. Uitspraak moe baan.

Muchalinda

1. De koning der naga's die de mediterende Boeddha beschermde tegen hevige regenval, door een overdekking te maken met zijn meerkoppige gedaante, terwijl hij zijn lijf rond hem kronkelde als bescherming. Andere teksten vermelden echter dat hij zijn lijf onder de Boeddha kronkelde om hem boven de overstromingswateren uit te lichten. Deze scene speelde zich af tijdens de zesde week na de verlichting van Siddhartha en wordt soms uitgebeeld met een Boeddha met een bhumisparsa-moedra (fig.).

2. Een boom in de boeddhistische mythologie die groeit naast een meer met dezelfde naam.

3. Een meer in de boeddhistische mythologie.

mucuna bennetti

Latijn. Wetenschappelijke benaming voor een indrukwekkende klim- en slingerplant die een briljant hangende bloem voortbrengt, samengesteld uit verschillende sikkelvormige bloemkronen. De fijne haartjes van de bloemkelk kunnen jeuk veroorzaken. Hij hangt gewoonlijk hoog in de boomtakken. Eveneens gekend als rode jade-klimmer en Nieuw Guinee-kruiper.

Mughal

Islamietische dynastie gesticht in Noord-India door Babur, die afkomstig is uit Centraal-Azië. De dynastie heerste van 1525 AD tot het uiteindelijk in 1857 door de Britten ten val werd gebracht. De heersende grootmogols waren beschermers van de kunst.

Muk (???)

Zie Sri Sunthon.

Mukdahan (????????)

Thais. 'Verdeelde parel'. Hoofdstad van een gelijknamige jangwat (kaart) in Isaan op zo'n 642 km noordoostelijk van Bangkok en met een bevolking van ca. 25.000 inwoners. Gelegen aan de Mae Kohng-rivier en de grens met Laos. Door de nabijheid van de Laotiaanse stad Suwannakhet, op de andere oever van de rivier, heerst er een levendige handel met Laos. Dit is zichtbaar op de lokale markten van de stad, waaronder de beroemde 'Talaat Indojien', de Indochinese Markt. Onder de bezienswaardigheden is het Phu Pha Thoep Nationaal Park en de vele panoramische gezichten over de Mae Kohng-rivier. De stad met de schoonheid van een 'parel' (mukda) was eerst een amphur van Nakhon Phanom maar splitste (han) in 1982 en werd zelf een provinciehoofdstad. De provincie telt zeven amphur. Uitspraak Moekdahaan.

mukhalinga

Sanskriet. 'Linga met een gezicht'. Een linga waarbij een gezicht op het oppervlak is aangebracht. Zie ook ekamukhalinga.

mukuta

Sanskriet. 'Tiara' of 'diadeem'. Verwijst naar het sierhoofdtooi dat als een diadeem wordt gedragen in Zuidoost-Aziatische kunst.

Museum voor Wetenschappen en Planetarium

Een museum en centrum ter demonstratie en verspreiding van kennis in wetenschap en astrologie. Het organiseert regelmatig periodieke evenementen, waaronder tentoonstellingen, filmvoorstellingen, lezingen en verhandelingen over onderwerpen met betrekking tot de wetenschappen. Het museum heeft tevens een planetarium voor studies over het zonnestelsel. Het is gevestigd in Sukhumvit Road te Bangkok, nabij Ekkamai. In het Thais Phiphithaphan Witthayahsaht Lae Thong Fah Jamlong genoemd.

mussaenda philippica

Latijn. Wetenschappelijke benaming voor een altijdgroene struik met herkomst uit de Filippijnen en waarvan twee soorten bestaan, de Koningin Sirikit mussaenda en de Dona aurora. Ze kunnen tot 4 meter hoog worden en hun bloeiwijze bestaat uit ofwel roze- tot pêchekleurige of witte kelkbladen, die elk een bloemkroon van vijf kleine, gele kroonblaadjes omvatten.

Mussur (?????)

Thais-Birmees. 'Jager'. Andere benaming voor Lahu. Uitspraak Moesseu. MEER HIEROVER.

Mussur Dam (???????)

Thais-Birmees. Andere benaming voor Zwarte Lahu. Uitspraak Moesseu Dam. MEER HIEROVER.

Myanmar (????????)

Sinds 1989 de benaming voor Birma, haar volledige officiële naam Unie van Myanmar. Deze naam werd gepromoot door de militaire overheid, maar deze beslissing werd nooit goedgekeurd door enig zittende legislature in Birma, en de rest van de wereld heeft de naam nooit aangenomen. De naam is afgeleid van de oude Birmese naam, Myanma Naingngandaw.

My Son

Heilige stad der hindoes in Vietnam's Da Nang provincie, gebouwd tussen de 7de en 13de eeuw door de koningen van Champa.