home > lexicon > s A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

saad (????/????)

Thais. Elk festival dat traditioneel gehouden wordt op het einde van de herfst, als in 'saad kanom koh', een jaarlijks festival tijdens de herfst, wanneer Chinees snoepgoed gemaakt van rijstbloem wordt gegeten. De term wordt echter ook vaak populair gebruikt voor elk jaarlijks festival. Zie ook krayahsaad.

Saadsada (?????)

Thais. 'Grootgeleerde' of 'religieus profeet'. Een benaming voor de historische Boeddha, de Verlichte.

saak (???)

Thais. Een stamper gebruikt om iets fijn te stampen in een vijzel of mortier, die in het Thais krok wordt genoemd (fig.).

Saam Kok (??????)

Thaise benaming voor het verhaal van de Drie Koninkrijken.

Saam Liam Thong Kham (???????????????)

Thaise benaming voor de Gouden Driehoek.

saamloh (??????)

Thais. 'Driewieler'. Thaise benaming voor een rikshaw. Indien gemotoriseerd wordt in de volksmond vaak gesproken van een tuktuk (fig.).

sabong (???)

Thais. Een sarong-achtig kledingstuk van een boeddhistische monnik, gedragen samen met de angsa onder de pahkahsahwapad.

Sadayu (?????)

Een enorme vogel in het epos Ramakien. Hij bracht Rama het nieuws van Sita's ontvoering en toonde hem haar ring als bewijs.

sadhu

Sanskriet. Iemand die de seculaire wereld verwerpt om een religieus leven na te streven.

sa-do kro (?????????????)

Thais. Ritueel om zich van ongeluk te ontdoen, gewoonlijk door het sprenkelen van wijwater op het hoofd.

sadtah (??????)

Thais. Geloof in een religie.

saenyahkon (???????)

Thais. 'Leger' of 'militaire macht'. Ook kong thap.

saffraan

1. Specerij, bereid uit de gedroogde stampers en stijlen van de saffraankrokus, een krokussoort. Bestaat zowel in gedroogde vorm, als in poedervorm (fig.). In het Thais ya faran.

2. Gele kleurstof bereid uit de saffraankrokus.

sahlie (?????)

Thaise benaming voor de Chinese peer of zandpeer, van het geslacht pyrus. Ze heeft sappig, romig wit vruchtvlees en smaakt ofwel zoet of zoet en een beetje zurig. Bij sommige soorten is het vruchtvlees zanderig en stevig, bij andere eerder zacht.

sahmmanaen (??????)

Zie neen. Ook sahmmaneen.

sahmmaneen (??????)

Zie neen. Ook sahmmanaen.

sahn lak meuang (????????????)

Thais. Een schrijn in Thailand dat de lak meuang, of stadspilaar huisvest.

sahn phra phoem (??????????)

Thaise benaming voor geestenhuis.

sah-papier

Papier van de papiermoerbeiboom, die in het Thais ton sah wordt genoemd. In het Thais kradaat sah.

Sahrihrikathat (???????????)

Thais. Een relikwie van de Boeddha. Zie ook Phramahathat.

Sahsanah Phraam (????????????)

Thaise benaming voor brahmanisme.

Sa Huynh

Oude beschaving die zo'n vierduizend jaar geleden bestond in het gebied van het huidige Vietnam en die als voorloper van de Cham-beschaving wordt beschouwd.

sai baat (???????)

Thais. 'Offeren in een bedelkom'. Een goede daad verrichten en verdienste verwerven door 's ochtends voedsel in de bedelkom te doen van een boeddhistische bedelmonnik op bedelronde. Zie ook tamboen sai baat (fig.) en bintabaat.

sai krok moe (??????????)

Thais. 'Varkensworst'. Gerecht bestaande uit gehakt varkensvlees gemengd met gekookte rijst en reuzel, in een vlies van varkensingewanden gepropt en gegrild boven een rooster. Het wordt gegeten met verse, in plakjes gesneden gember, rauwe kool en hele maar kleine cayennepepers die men prik kih noo noemt. Het wordt gewoonlijk verkocht in eetstalletjes langs de kant van de weg en bestaat zowel in de vorm van een worst als in de vorm van een snoer van kleine balletjes die op dezelfde wijze worden bereid.

Sailendra

Sanskriet. 'Heerser van de berg'. Een Mahayana boeddhistische dynastie die heerste in centraal-Java gedurende de achtste en negende eeuw AD, en in Shrivijaya van de achtste tot en met de dertiende eeuw AD.

sai sin (?????????)

Thais. Een wit koordje gebruikt in allerlei ceremonieën in Thailand. Soms wordt het door boeddhistische monniken vastgehouden terwijl ze mantra's repeteren, soms rond een tempel (fig.), huis of heel dorp gebonden om kwade geesten weg te houden, of symbolisch voor de sutra, de leer van de Boeddha. In de seubchatah-ceremonie overspant de sai sin het interieur van de bot, vertrekkende van het belangrijkste boeddhabeeld (fig.), en bij andere gelegenheden wordt het rond de pols gebonden (fig.) als talisman. Het wordt eveneens gebruikt in lijkdiensten en huwelijksceremonieën (fig.). Zie ook mongkon en mongkonlasoet.

saiyaat (???????)

Zie liggende Boeddha.

sak (???)

Thais. 'Tatoeëren'. In Thailand hebben traditionele tatoeages gewoonlijk een beschermende funktie, naast een meestal religieuze of animistische betekenis. Ze worden op rituele wijze met de hand aangebracht door gebruik te maken van een 'khem sak', een zware metalen pin (fig.). Vaak gebeurd dit door speciaal begaafde monniken, de zgn. Luang Pho. Veel voorkomende tatoeages zijn een spingende tijger getatoeëerd op de borst, de woorden 'moeder' en 'vader' getatoeëerd op de linker- en rechterbovenarm, yan-tekens en oude Khmer-symbolen (fig.). Een bijkomend geloof beweert dat bepaalde tatoeages ook bescherming bieden tegen kogels. Deze tatoeages zijn populair onder militairen en politiemensen die in probleemgebieden gestationeerd zijn en een geliefd design is de 'kawyod', een ontwerp in de nek en tien boeddhabeeldjes op de rug. Er wordt beweerd dat gewijde tatoeages met bovennatuurlijke krachten best op een donderdag worden aangebracht, daar dit volgens het bijgeloof een gunstige dag is.

Sa Kaeo (???????)

Thais. 'Vijver van kristal'. Hoofdstad van een gelijknamige in jangwat (kaart) Oost-Thailand, 237 km ten oosten van Bangkok. De provincie grenst aan Cambodja en is net als Prachinburi bezaaid met minder belangrijke en kleine ruïnes uit zowel de Dvaravati- als Khmer-periode, helaas met weining waarde voor de toevallige bezoeker, daar de meeste ruïnes niet gerestaureerd werden en sommigen soms niet meer zijn dan een paar losse blokken lateriet. Berucht vanwege de handel met Cambodja is het grensdistrict Aranya Prathet. Ook Sa Kaew. De provincie heeft zeven amphur en twee king amphur.

sake (????)

Thais. Benaming voor de broodvrucht en haar boom. De soort is verwant aan de kanoen en wordt ook kanoen sampalo genoemd. Haar wetenschappelijke benaming is artocarpus altilis en ze behoort tot de botanische familie van de moraceae. De vruchten kunnen tot 2 kilogram wegen en hebben een groene bolsterachtige schil die geel wordt wanneer ze rijpen. Wordt in Thailand vnl. geplukt wanneer nog onrijp en gebruikt als een groente in curries, of gefrituurd en gegeten als een snack.

Sakoh (????)

Een voorname subgroep van de Karen in Thailand. Ook Sgaw. MEER HIEROVER.

Sakon Nakhon (??????)

Naam van een provincie (kaart) en haar hoofdstad in Isaan, op 647 km noordoostelijk van Bangkok. De stad is gelegen aan het Nong Han-meer, het grootste natuurlijk meer in Thailand, maar waarvan het water besmet is met het gevaarlijke leverbot, een aandoening veroorzaakt door te zwemmen in besmet water of door het eten van slecht gekookte vis of slakken, de voornaamste dragers van deze parasiet. Deze streek is gekend vanwege de meest geregistreerde gevallen van leverbot ter wereld (!). Een andere controversiële reputatie van de stad is het eten van gekookte hond op de lokale hondenmarkt, een gebruik dat geïntroduceerd werd door de Soh, een etnische minderheidsgroep in de streek. Onder de bezienswaardigheden in de provincie is o.a. het Phu Phaan Nationaal Park, met een oppervlakte van zo'n 665 km² en waar naar verluidt nog tijgers en wilde olifanten voorkomen. De provincie telt achttien amphur.

saksit (????????????)

1. Thais. 'Gewijd' of 'heilig'.

2. Thais. Speciale spirituele krachten toegeschreven aan bepaalde boeddhistische monniken in Thailand. Deze monniken, Phra saksit genaamd, kunnen hun krachten overbrengen op amuletten en votiefplaatjes (fig.) en deze gelden dan als besherming tegen allerlei boze krachten en onheil. Saksit betekent eveneens 'effectief'. MEER HIEROVER.

Sakuntala (???????)

Een drama in het Sanskriet geschreven door de Indische dichter Kalikdasa en door koning Vajiravudh in het Thais vertaald.

Sakya

Pali. Het geslacht waartoe prins Siddhartha behoorde, die later de historische Boeddha werd. In het Sanskriet Shakya.

Sakyamuni (????????)

Pali-Thais. 'Wijsgeer van het Sakya-geslacht'. Een benaming voor de historische Boeddha, nadat hij in leer was geweest bij de brahmaanse meester Arada Kalapa en de wijsgeer Udraka Ramaputra. Ook Shakyamuni.

sa-la (???)

Thais. Fruit en palm met de Latijnse namen zalacca en salacca, met een hoogte tot zeven meter. Draagt het hele jaar door vrucht, waarvan het patroon van de schil doet denken aan de huid van een slang. Het erg voedzame fruit zit in grote dichte trossen bij elkaar aan top van de stam, en smaakt zowel wat naar banaan als naar ananas, maar heeft een wat wrange nasmaak. De vrucht heeft de bijnaam slangenvrucht, en is in Indonesië en Maleisië gekend onder de naam salak.  Een variant van het fruit wordt in het Thais ra-kam genaamd maar is een beetje ronder en korter van vorm dan de sa-la.

sala (????)

1. Thais. Een open schutplaats, hal of paviljoen, met enkel een afdak tegen de regen en de zon, vaak op het domein van een tempelcomlex, langs de kant van de weg, of in de velden (fig.).

2. Thais. Een hal of paviljoen.

3. Thais. Een openbaar gebouw.

salaboom

Boomsoort tot 15 meter hoog met de Latijnse benaming couropita guianensis en behorend tot de familie der dipterocarpaceae. Liggend tussen twee zulke bomen stierf de Boeddha (fig.). Volgens sommige bronnen werd de Boeddha eveneens onder zulk'n boom geboren, een scene die in de iconografie gewoonlijk uitgebeeld wordt door Maha Maya die met de rechterhand de tak vasthoudt (fig.), soms terwijl een zuigeling uit haar zijde te voorschijn komt (fig.). Sommige bronnen beschrijven de geboorte van de prins echter onder een teakboom (fig.). De salaboom is herkenbaar aan de typisch roodroze bloemen die rechtstreeks van de stam groeien (fig.), en aan de doosvruchten, grote ronde bollen (fig.) die de boom de bijnaam kanonbalboom opleverden. Wordt regelmatig aangetroffen bij tempels. De Thaise benaming voor deze boom is ton sala langka.

sala pao (???????)

Thais voor dim sam.

saleung (????)

1. Thais. Muntstuk met een waarde van één-vierde van een baht, ofwel 25 satang.

2. Thais. Gewichtseenheid gebruikt door juweliers en apothekers in Thailand, gelijk aan één-vierde van een baht, ofwel 3,75 gram.

saliang (???????)

Thais. 'Draagstoel'. In het Thais ook kaanhaam, yaanamaat en yaanoemaat. Zie eveneens palankijn.

Sama

Sanskriet. Eén van de vier Veda's.

samaati (?????)

Thaise term voor meditatie. De historische Boeddha bereikte de Verlichting gezeten in een positie van concentratie of meditatie, zoals te zien in beelden met een dhyani-moedra. Algemeen is meditatie een poging om door inwendige overpeinzing de diepste werkelijkheid te ervaren.

samaddhi

Zie dhyani en samaati.

samana (????)

Thais. 'Kluizenaar' of 'asceet'.

samanaborikaan (?????????)

Thais. De toegestane acht zaken of gebruiksvoorwerpen voor boedhistische monniken, nodig voor het dagelijkse leven. Dit zijn o.a. de bedelkom of baat, het gewaad of pahkahsahwapad, een naald, een scheermesje, een waterfilter, etc. Ook kortweg borikaan.

samanera

Een asceet, bedelmonnik, of zwerver van verschillende religieuze strekkingen in het oude India. De term verwijst tegenwoordig naar een novice in de boeddhistische orde.

samenvoegen van de bedelkommen

Een positie van de Boeddha waarin hij gezeten is in een halve lotus-positie met een bedelkom in zijn schoot, die hij met zijn linkerhand vasthoudt en bedekt met de rechterhand. Het verwijst naar de scene waarin de Boeddha in gedachten over zijn Verlichting verzonken zat onder een boom toen er twee handelaren, de broers Tapussa en Bhallika, bij hem aankwamen na een lange reis uit de stad Ukkala. Bij het zien van de Boeddha werden ze vervuld van geloof en offerden hem wat gezoete rijst. De Boeddha vroeg hen echter waarmee hij hun offer diende te ontvangen en onmiddellijk verschenen toen de bewakers van de vier windstreken, die hem elk een groene bedelkom van marmer gaven. Door gebruik te maken van zijn bovennatuurlijke krachten voegde de Boeddha de vier kommen toen samen tot één enkele en ontving het offer.

sa-mie (???)

Thais. Een boeddhistisch monnik die geëxcommuniceerd werd ten gevolge van een ernstige wandaad. Zie ook abat en Boeddhistische voorschriften.

Samon (????)

Koning uit het Thaise verhaal Sangthong wiens dochter Rochana huwde met Phra Sang.

sampan (??????)

Chinees-Thais. Oorspronkelijk een kleine zeilboot gebruikt als kustvaartuig in China, maar in Thailand ook de populaire benaming voor reua jaew, een kleine roeiboot.

sampot

Khmer. Een kledingstuk dat het onderste gedeelte van het lichaam bedekt, gewoonlijk gedragen door mannelijke goden in de Khmer-kunst.

samsara

Sanskriet. De transmigratie van de ziel of zielsverhuizing veroozaakt door de eindeloze cyclus van geboorte, verouderen, dood en wedergeboorte, die gepaard gaat met lijden. Zowel hindoes als boeddhisten trachten deze cyclus te doorbreken door te streven naar het elimineren van begeerte en verlangen.

Samui (????)

Groot eiland (kaart) in de Golf van Thailand, vóór de kust van Surat Thani, de zuidelijke provincie waarvan het eiland ook deel van uitmaakt. Hoewel de haven en het handelscentrum in Nathon zijn, is Chaweng de voornaamste vakantiebestemming met een rijkelijk aanbod aan winkels en restaurants, alsook aan nachtclubs en accommodatie in elke klasse. Een andere bestemming in volle opmars is Lamai, even ten zuiden van Chaweng. Naast de vele ongerepte zandstranden heeft Samui tevens enkele watervallen (fig.), vele kokosnootplantages, de zonderlinge 'grootvader en grootmoeder'-rotsformaties (fig.), een safaripark, etc. Op slechts een korte boottocht westwaarts vindt men het Ang Thong Nationaal Marienpark en even ten noorden ligt het populaire 'hippie-eiland' Pha Ngan. Vaak Koh Samui of Ko Samui genoemd, wat Samui-eiland betekent.

Samut Prakan (???????????)

Naam van een kleine en provincie (kaart) en haar gelijknamige hoofdstad in Centraal-Thailand, zo'n 29 km ten zuiden van het centrum van Bangkok. Het is de dichtst bevolkte provinciehoofdstad van Thailand met zo'n 72.000 inwoners op een gebied van ongeveer 1,004 km² en grenzend aan Bangkok. Algemeen gekend als Meuang Pak Nam, de stad aan de riviermonding, door haar ligging aan de monding van de Chao Phya-rivier (fig.), bij de Golf van Thailand, een plaats met vele zandbanken die sandon (fig.) worden genoemd. Bezienswaardigheden zijn het Phra Chulachomklao-fort uit 1893 (fig.), strategisch gebouwd bij de riviermonding als een defensieve voorpost van Bangkok, en Phra Samut Chedi, een chedi waarvan de bouw gestart werd tijdens het bewind van koning Phra Phoetta Leut La en voltooid werd in de periode van koning Phra Nang Klao, en die zich nu op de oever van de Chao Phraya-rivier bevindt (fig.), maar destijds in het midden van de rivier op een eilandje stond waardoor hij door de lokale bevolking Phra Chedi Klang Nahm (de chedi in het midden van het water) wordt genoemd. In het Chulachomklao marine-park op de Westoever, nabij de Golf van Thailand, staat een standbeeld van koning Chulachomklao (fig.) en is een zeevaartmuseum dat bestaat uit een groot slagschip (fig.) en een tuin met wapens van de marine (fig.). Er is tevens het Erawan Museum (fig.) een krokodillenboerderij en Meuang Boraan (fig.), een openluchtmuseum bestaande uit een kunstmatig aangelegd dorp (meuang) met beelden, traditionele huizen en bezienswaardigheden uit de Thaise oudheid (boraan). De provincie heeft vijf amphur en één king amphur.

Samut Sakon (?????????)

Thais. 'Oceaanstad'. Naam van een provincie (kaart) en haar gelijknamige hoofdstad aan de Golf van Thailand, op 36 km westelijk van het centrum van, en grenzend aan Bangkok. Ook gekend als Mahachai, vanwege het Mahachai-kanaal dat op haar grondgebied de provincie en de Tachin-rivier doorkruist, en Samut Songkhram met Bangkok verbindt. De provincie heeft drie amphur.

Samut Songkhram (???????????)

Thais. 'Zee van oorlog'. Naam van een provincie (kaart) en haar moderne provinciehoofdstad in West-Thailand, op 72 km zuidwestelijk van Bangkok en gelegen aan een scherpe bocht in de Mae Khlong-rivier. De stad is ook algemeen gekend onder de bijnaam Mae Khlong. Het is tevens Thailand's kleinste provincie met een oppervlakte van slechts 416 vierkante km. Gelegen in West-Thailand, aan de Golf van Thailand. Wegens de nabijheid van de zee vindt men er talrijke garnaalkwekerijen en zoutziederijen (fig.). Een overvloed aan waterwegen en kanalen maakt de streek erg geschikt voor irrigatie, en men vindt er verschillende talaat nahm, zgn. 'drijvende markten'. Het is tevens de geboorteplaats van In en Chan, een Siamese tweeling. De provincie heeft drie amphur.

Sanam Luang (????????)

Thais. Het Phra Meru-veld in Bangkok vóór het koninklijk paleis. Op dit groot grasveld worden vliegergevechten gehouden, vindt de jaarlijkse koninklijke ploegceremonie plaats, en worden leden van het koningshuis gecremeerd. In 1948 werd de eerste en oudste weekend-markt van Bangkok hier opgericht, maar in 1982 werd deze verplaatst naar haar huidige lokatie, een stuk land aan de Phahon Yothin Road, en tot Phahon Yothin Markt herdoopt, wat later nogmaals veranderde in Chatuchak Weekend Markt.

Sanchi

Belangrijke boeddhistische plaats waarop in de derde eeuw BC door keizer Ashoka de Grote Stoepa werd gebouwd, die zo'n honderd jaar later in grootte werd verdubbeld.

sandelhout

Welriekende, lichte houtsoort waarbij makkelijk erg fijne inkervingen kunnen worden gemaakt en derhalve populair voor houtsnijwerk (fig.). Het is tevens het ingrediënt voor thanaka (fig.). In het Thais mai jan genaamd.

sandon (??????)

Thais. Een zandbank aan een riviermond, in het bijzonder aan de monding van de Chao Phrya-rivier in Samut Prakan, waar reua khoet (dreggers) met de toepasselijke naam 'sandon' (fig.) toezicht houden op de diepgang en de rivier open houden voor de scheepvaart.

Sang (?????)

Thaise benaming voor Sankha.

Sangha

Thais. De gemeenschap van monniken die de voorschriften van het boeddhisme volgen. Een deel van de Trairat, samen met de Boeddha en de Dhamma.

Sanghavasa

Sanskriet. De verblijfplaats van boeddhistische monniken in een tempelcomplex. Zie ook kuti.

sang-i

'Geluk'. Chinees teken of karakter vaak voorkomend als juweel, opdruk en opschrift, vnl. bij Chinese tempels en in de kunst. Ook foe.

sangkaat (???????)

Thais. Een geel stuk kleding gedragen door monniken als bescherming tegen de koude.

Sangkalok

Chinese benaming voor Sawankhalok. Ook Sangkhalok.

Sangkayana (????????)

Thais-Pali. Groot Concilie gehouden door de boeddhistische Sangha met als doel de herziening van de Tripitaka. Zulk een concilie werd gehouden in Chiang Mai in 1477 AD. Eveneens Sangkayanai genoemd.

Sangkayanai (?????????)

Zie Sangkayana.

Sangkhalok

Zie Sangkalok.

Sangthong (????????)

Held uit een Thais verhaal met dezelfde naam. Hij had een lichaam van goud en trouwde met Rochana, de dochter van koning Samon. Ook Phra Sang. Zie eveneens kumaanthong.

Sankha

Sanskriet. 'Schelp der overwinning'. Een attribuut van verscheidene goden en waarmee Vishnoe zijn overwinningen op de demonen mee aankondigt. Symbool voor het oergeluid en eveneens aanwezig in het boeddhisme. In het Thais Sang en Phrasong.

sanoek (????)

Thais woord dat 'vermakelijk, amusant, plezant, genietbaar, zich vermaken, opgewekt zijn en genieten' betekent. Ook sanoek sanaan. Soms sanuk of sanook getranscribeerd.

Sanskriet

Een oude taal uit India die 'puur' betekent. Ze is etymologisch van Indo-Europese afkomst en wordt gebruikt in de heilige teksten van het hindoeïsme. In het boeddhisme is het de taal van het Mahayana boeddhisme, in tegenstelling tot het Pali, dat gebruikt wordt in het Theravada of Hinayana boeddhisme. In het Thais ook Phasa Sanskriet.

santol

Westerse benaming voor de krathon.

Saowapha

Een vrouw van Rama V en moeder van Wachirawut, die in 1910 als oudste zoon van deze koningin de troon besteeg als Rama VI (fig.).

sapaan (?????)

Thaise benaming voor 'brug'.

sapparot (???????)

Thaise benaming voor ananas (fig.).

Sapta Sindhava

Sanskriet. Term die verwijst naar de zeven grote rivieren vermeld in de Veda's: de Ganges, Jumna, Sarsuti, Satlej, Parushni, Marudvridha en Arjikija. Soms verwijst de term naar de zeven grote wereldzeeën. Zie ook panjanatie.

Saraburi (???????)

Naam van een provincie (kaart) en haar hoofdstad in Centraal-Thailand op ca. 110 km noordelijk van Bangkok en met een bevolking van 64.000 inwoners. In de gelijknamige provincie vindt men de beroemde maar controversiële tempel Wat Tham Khao Krabok, een plaats waar men opium- en heroïneverslaafden van hun verslaving tracht af te helpen d.m.v. een behandeling van kruiden en een strik regime, gecombineerd met onderricht uit de dhamma. Deze provincie heeft eveneens een tempel die de hoogst mogelijke koninklijke titel van Rajavora Maha Vihaan werd verleend, Wat Phra Phutthabaat (fig.). In geheel Thailand zijn slechts enkele tempels die deze allerhoogste titel werd verleend. De tempel huisvest een voetafdruk van de Boeddha in een kleine, mooi versierde mondop. Deze reusachtige voetafdruk werd ontdekt tijdens het bewind van koning Song Tham (1610-1628) en draagt de 108 gunstige tekens van een boeddha. De provincie heeft dertien amphur.

Saranatrai (???????)

Zie Traisarana.

Sarasvati (???????)

De hindoegodin van de kunsten, kennis en geleerdheid, en de gemalin van Brahma (fig.). In het Mahayana boeddhisme is ze de godin van onderwijs, muziek en poëzie, en de gemalin van Manjushri. Haar rijdier is een pauw. In het Thais Surasvati Devi.

Sariputta (?????????)

Pali-Thais. Eén van de voornaamste discipelen van de Boeddha, in Birmaanse religieuze kunst meestal samen afgebeeld met Mogallana (fig.) gezeten vóór een boeddhabeeld. In Thailand vaker gezien in een staande positie, vóór boeddhabeelden. In het Sanskriet Sariputtra.

Sariputtra

Sanskriet voor Sariputta.

Sarnath

Lokatie nabij Varanasi in Noord-India, waar de Boeddha zijn eerste publieke verhandeling over de boeddhistische leerstelling hield nádat hij de Verlichting had bereikt. Die eerste preek werd gegeven aan de panjawakkie of vijf asceten in een hertenpark. Zie ook dhammachakka.

sarong (?????)

Thais. Kledingstuk bestaande uit een van de heupen afhangende doek (fig.) zoals gedragen in India en in sommige landen van Zuidoost-Azië. In Thailand geeft het weefpatroon van een sarong vaak aan uit welk deel van het land men komt. Vrouwen dragen vaak een gelijkaardig kledingstuk dat pah thoeng (fig.) wordt genoemd. Sarongs in Birmaanse stijl zijn gewoonlijk langer dan die in Thailand. Zie ook pah noeng en sabong.

satahban (??????)

Thais voor een instituut van hoger onderwijs. Zie onderwijs.

satang (??????)

Thais. De satang is een onderdeel van de Thaise baht met een valuta gelijk aan één honderste deel van ervan. Bestaande munten zijn de zeldzame, zilverkleurige muntjes van 1, 5 en 10 satang, en de koperkleurige munten van 25 (fig.) en 50 satang (fig.), hoewel gewoonlijk slechts die van 25 en 50 satang in de omloop worden aangetroffen. Zie ook tamboen sai baat (fig.).

sat prajam wan (?????????????)

Thais. 'Dier per dag'. Systeem in Thailand waarbij elke dag van de week correspondeert met een bepaald mythologisch of werkelijk dier, d.i. de Garoeda voor zondag, de tijger voor maandag, een leeuw of paard voor dinsdag, een olifant voor woensdag, t.t.z. een olifant met slagtanden voor de middag en een olifant zonder slagtanden voor de namiddag of avond, een rat voor donderdag, een cavia voor vrijdag en een slang voor zaterdag. De keuze van deze dieren is afgeleid van de rijdieren van zeven belangrijke goden, die op hun beurt geassocieerd zijn met de hemellichamen opgetekend in het daaw prajam wan systeem. De dieren toegewezen voor de dagen van de week verschillen in de verschillende Zuidoost-Aziatische landen, en kunnen ook lokaal anders zijn. Zie ook phra prajam wan en sie prajam wan.

Satrud (??????)

Tweelingbroer van Lakshmana en de incarnatie van Vishnoe's knuppel.

sattaphan (????????)

Thais. 'Altaarscherm'. Een rijkelijk gedecoreerd, zwaar scherm bedoeld om vóór een altaar te worden geplaatst. Ze worden expliciet vervaardigd als een vorm van tamboen en worden als offerandes aan kloosters geschonken. Ze hebben zeven pieken die dienst doen als kandelaars, verwijzend naar de zeven bergen die de berg Meru omringen.

Satul (????)

Andere transcriptie voor Satun.

Satun (????)

Hoofdstad van een gelijknamige provincie (kaart) aan de zuidelijke westkust van het Thaise schiereiland op zo'n 973 km zuidelijk van Bangkok, vlakbij de grens met Maleisië en met een hoofdzakelijk islamietische bevolking. Bezienswaardigheden in de provincie zijn de twee nationale marienparken vóór de kust. De provincie heeft zes amphur en één king amphur. Ook Satul getranscribeerd.

Satya

Andere benaming voor Krita, eerste van de vier yuga's.

Savatti (???????)

Plaats in India waar de Boeddha een mirakel verrichtte in een poging om ongelovigen te overtuigen. Ook Sawatthi.

Sawankhalok (????????)

1. Een stad in het noorden van Centraal-Thailand, berucht vanwege haar keramisch aardewerk dat er vervaardigd werd tussen de 14de en 16de eeuw AD. De oude benaming van Sawankhalok was Sri Satchanalai, nu een historisch park met oude ruïnes en meer dan tweehonderd oude pottenbakkersovens (fig.).

2. Naam van keramisch aardwerk afkomstig uit Sawankhalok, en vervaardigd tussen de 14de en 16de eeuw AD. Het in China geïmporteerde aardewerk uit de periode van Sukhothai en Ayutthaya werd Sangkalok genoemd, een foutieve uitspraak Sawankhalok. Een typisch kenmerk bij beelden is de tatoeageachtige beschildering (fig.).

sawankot (??????)

Thais. Rajasap voor 'sterven'. Eveneens sinphrachon.

sawarot (??????)

Thais voor passievrucht.

Sayaam (????)

Thaise uitspraak voor Siam.

Sayaam Thewathiraat (?????????????)

Zie Siam Thewathiraat.

schelp

Symbool voor het oergeluid en aanwezig in zowel het hindoeïsme als boeddhisme. Zie ook sankha.

scopimera zandkrab

Benaming voor een kleine krabbensoort van het geslacht scopimera inflata en behorende tot de familie ocypodidae. Deze krabben worden niet veel groter dan zo'n 1,5 centimeter en hebben scharen die naar beneden wijzen, wat hen in staat stelt om in een snel tempo zand op te scheppen en naar hun speciaal aangepaste mond te brengen. Ze voeden zich met organische materie en microscopisch kleine diertjes die myofauna worden genoemd en in de vochtige bovenlaag van zandstranden leven. Spoedig nadat het eb het strand heeft blootgelegd komen deze kleine krabbetjes te voorschijn uit smalle tunneltjes in het zand en beginnen dan detritus uit het zand te zeven. Tijdens dit proces laten ze kleine zanddeeltjes door hun mond passeren, waarbij ze de eetbare partikels uit het zand filteren en de ongewilde deeltjes terug uitbraken in de vorm van minuscule zandballetjes, die ze overal op het strand achterlaten. In het Thais poe pan saay genoemd.

sek (???)

Thais. Bezweren, betoveren, een bezweringsformule uitspreken, als in sekpao. De term tevens gebruikt om zegeningen uit te drukken waarbij water wordt gesprenkelt of gegoten, als in rod naam mon.

sekpao (???????)

Thais. Iemand of iets bezweren of betoveren (sek) door een magische formule te prevelen en met de mond te blazen (pao) alsof men zo de magie overbengt op het voorwerp of de persoon. Deze praktijk wordt gewoonlijk uitgevoerd door een oudere monnik, een dorpshoofd of oudste om iemand te zegenen of geluk te wensen vóór de aanvang van een verre reis, een belangrijke taak, etc.

sema (????)

Zie bai sema.

Sena

Een hindoedynastie in Oost-India gedurende de 12de eeuw AD, volgend op de Pala-dynastie en waarvan de kunstrichting bekend staat als de Pala-Sena stijl.

sesam

Naam van een Oost-Indische plant van het geslacht sesamum die voorkomt in tropische en subtropische streken, en oliehoudende zaadjes heeft (fig.). Het bovenste gedeelte van zijn stengels is bedekt met harige, horizontale kelkjes, die elk ongeveer drie minuscule zaadjes bevatten. Gedroogde zaadjes zijn eetbaar en worden gebruikt om snoepgoed te maken (fig.). Het wordt beweerd dat sesam een slaapverwekkend effect heeft en het wordt aan kinderen gegeven om hen te helpen slapen. In het Thais nga en snoepgoed gemaakt van sesamzaad wordt nga lua en nga tad genoemd. Zie ook krayahsaad.

Sesha

Zie Shesha.

seua (????)

Thais. 'Tijger'. In Thailand voorkomend in het wild in verscheidene Nationale Parken, en vaak afgebeeld in de kunst en bij tempels. Tevens geassociëerd met reusi, die zich meestal kleedt in tijgervellen en zich ophoudt in -of in de nabijheid van- een grot. Een goede manier om deze grote katten te zien is in Sri Racha Tijger-zoo in de provincie Chonburi, de grootste in de wereld van zijn soort. In Kanchanaburi, even ten noorden van de stad, is een boeddhistische tempel  waar een monnik en zijn aanhangers tot huisdier gemaakte tijgers terug in de natuur rehabiliteren.

seua kohng (????????)

Thais. 'Overwelvende tijger'. Naam voor een grote boomsoort met een naakte stam in erg herkenbare leger-camouflagekleuren. Vergelijkbaar met de eucalyptusboom, vernieuwd hij voortdurend van binnenuit zijn schors door de buitenste schorslaag af te werpen. Hierbij splijt de schors open en pelt af, wat kleurrijke strepen, als die van een tijger, oplevert. Hoewel vrij zeldzaam komt hij het meeste voor in Noord-Thailand. Ook ton pleuay (stripboom of naaktboom) genoemd.

seua kroei (?????????)

1. Thais. Een toga-achtige witte lange mantel zoals gedragen door een brahmaanse priester of een boeddhistische kandidaat-monnik (fig.) in Thailand.

2. Thais. Een academische toga.

seua mo hom (????????????/?????????????)

Thais. Een blauw katoenen landbouwershemd, soms gedragen met een gelijkaardige broek en een pahkaomah rond het middel. De blauwe kleur van het shirt wordt gewonnen uit een plant die kraam wordt genoemd, en die men in het water laat weken. Daarna wordt deze oplossing gemengd met kalk en dit laat me dan twee dagen en twee nachten intrekken (fig.). De bekomen blauwe substantie wordt vervolgens gemengd met een aftreksel dat men bekomt uit water dat gemengd werd met as, een procedure die maakt dat de blauwe kalkachtige substantie vloeibaar wordt en geschikt voor het onderdompelen van het katoen. Vervolgens wordt het katoen herhaaldelijk in de vloeistof gedrenkt totdat de verfstof in het materiaal dringt, en wordt dan in de zon te drogen gehangen (fig.). Dit proces wordt tot vier keer toe herhaalt, totdat men de typische donkerblauwe kleur heeft bekomen. De naam is afgeleid van de aarden pot (mo/moh) waarin het shirt (seua) wordt gekleurd. Afkomstig uit Noord-Thailand en gewoonlijk vervaardigd in de province Phrae. Eveneens seua moh hom getranscribeerd.

seubchatah (???????)

Thais. 'Afstammen van, volgen of slagen in lot, fortuin of geluk'. Animistisch rituele ceremonie in noordelijk Thailand waarbij een witte draad of sai sin het interieur van de bot overspant, vertrekende van het voornaamste boeddhabeeld in het gebouw. Deze draad wordt vervolgens verbonden met de hoofden van de monniken en alle aanwezigen die eronder op de tempelvloer plaatsnemen. Een sjamaan voert een rite uit terwijl de monniken worden uitgenodigd om te prediken. Deze ceremonie, waarvan men gelooft dat ze het leven verlengt, kan eender wanneer gehouden worden en de gastheer beloont de sjamaan voor zijn diensten, gewoonlijk met geld. Soms worden er ook palen tegen een bodhiboom geplaatst om deze symbolisch te ondersteunen (fig.).

Sgaw (????)

Andere vnl. in Engelstalige literatuur gebruikte spellingswijze voor Sakoh.

shakti

Sanskriet. De gemalin van een hindoegod die de vrouwelijke energie of levenskracht van die god personificeert. Zo is Parvati bijvoorbeeld de shakti van Shiwa.

Shakya

Sanskriet. Het geslacht waartoe prins Siddhartha behoorde, die later de historische Boeddha werd. In het Pali Sakya.

Shakyamuni

Sanskriet. 'Wijsgeer van het Shakya-geslacht'. Een benaming voor de historische Boeddha. In het Pali Sakyamuni.

Shan (???)

Bevolkingsgroep (fig.) in West en Noordwest-Thailand met moederstam of van het Thaise geslacht in Birma. Ook Thai Yai en Ngiaw genoemd. Shan is eveneens de taal van deze bevolkingsgroep.

Shaolin

Chinese gevechtskunst die bestaat uit negentien verschillende vormen. Het ligt aan de basis van de Chinese gevechtsport, het gekende Kungfu inbegrepen. Het wordt beoefend door de vechtende monniken van de Shaolin-orde in China, maar heeft aanhangers wereldwijd.

Shesha

Mythologische slang met duizend koppen, symbool van de kosmische wateren en het dier waarop de hindoegod Vishnoe rust gedurende de nachten die twee kosmische tijdspannes van elkaar scheiden. Ook gekend als Ananta en Vasuki.

Shiwa (शिव)

Eén van de drie prominente goden uit het hindoeïstische Trimurti of pantheon waarvan ook Brahma en Vishnoe deel uitmaken (fig.). Hij vertegenwoordigt zowel vernietiging als regenererende energie. In de Thaise kunst wordt hij meestal voorgesteld met zijn haar in een dikke haardot gevlochten, met een brahmaanse koord (fig.) die soms als een slang wordt afgebeeld, een urna op zijn voorhoofd en een halve maan in zijn haar. Onder zijn vele attributen zijn een trisula of drietand en een bijl, en hij is vaak gezeten op een tijgervel (fig.). Zijn gemalin is Devi, ook gekend als Parvati of Uma. Hij is de lokapala van het noordoosten en zijn rijdier is de buffel of stier Nondi, ook Nandi genoemd (fig.). Hij wordt tevens vaak voorgesteld in kosmische dans, en als 'vorst der dans', een voorstelling van de kosmische waarheid of energie, gekend is als Nataraja (fig.). Ook gekend onder andere benamingen, zoals Isana, Ishana, Prithivi, en Rudra, en in het Thais Siva, Siwa of Idsuan genoemd. Indien afgebeeld in gekombineerde vorm met Vishnoe, is hij gekend als Harihara (fig.), en in kombinatie met Uma als Ardhanari (fig.). Shiwa is Sanskriet voor 'gelukkig'. Bij een linga wordt hij gesymboliseerd in de geronde top (fig.).

Shiwaïsme

Eerste en meest belangrijke vorm van aanbidding in Angkor, gepraktiseerd in Cambodja vanaf de 5de eeuw AD, en waarbij de hindoeïstische god Shiwa vereerd werd onder de naam Bhadeshvara.

Shiwalinga

Zie linga.

Shri

Godin van fortuin en weelde, en gemalin van de hindoegod Vishnoe. Ook gekend als Lakshmi. Zie ook Sri.

Shrivijaya

Zie Srivijaya.

Shudra

De laagste van de vier sociale klassen uit het hindoeïstische kastestelsel in India, oorspronkelijk bestaande uit krijgsgevangenen en onderworpen volkeren, maar later uit ongeschoolde arbeiders en gevallen leden uit de drie hogere kasten. Ook Sudra.

Shwedagon

Birmaans. Grote klokvormige pagode of chedi uit Yangon in Birma, die bedekt is met 60 ton bladgoud en bezet met kostbare edelstenen. De bouw ervan zou in de 5de eeuw AD begonnen zijn om acht haren van de Boeddha in op te bergen, maar werd door de eeuwen heen vergroot, gerestaureerd en herbouwd.

Shyama

Sanskriet. 'Donker' of 'duister'. Een andere naam voor Mahakali, een verschrikkelijke gedaante van Devi. Het is tevens het woord waarvan de naam Sayaam of Siam, de oude naam van Thailand, is afgeleid.

Si

Zie Sri.

Siam (????)

De oude benaming voor Thailand tot 1939, afgeleid van het Sanskriet woord shyama wat 'donker' betekent, een benaming door de Khmer gegeven op grond van de donkere huidkleur van de Thai. Ook Sayaam getranscribeerd.

Siamese tweeling

Benaming voor een aan elkaar vergroeide eeneiige tweeling. De term werd in het Westen geïntroduced door Robert Hunter, een Brit die In en Chan, een Siamese tweeling geboren op 11 mei 1811 tijdens de heerschappij van koning Rama II, internationale beruchtheid gaf. De tweeling was het vijfde kind van Tai-ai, een Chinese immigrant en zijn vrouw Nok van gemengd bloed, die op een woonvlot leefden in Mae Khlong, het huidige Samut Songkhram. De nieuwgeborenen waren aan elkaar vergroeid door weefsel dat ze met elkaar deelden ter hoogte van hun borst. Van gewaagde plannen om hen van elkaar te scheiden werd uiteindelijk afgezien en de jongens groeiden op tot ware bekendheden. Ondanks een redelijk normaal bestaan groeide de publieke belangstelling en door een audiëntie bij koning Rama III werd hun erkenning bevestigd, wat hen toeliet om uit hun aanvankelijke tegenspoed een goed inkomen te verwerven. Ze werkten in circussen en freak shows, verhuisden naar het buitenland en huwden zelfs. Ze stierven in 1874. In het Thais faed sayaam.

siamsih (???????)

Thais-Chinees. Benaming voor Chinese fortuinstokjes.

Siam Society

Engelse benaming voor het genootschap dat zich inzet om de traditionele Thaise cultuur te bewaren. Het heeft een uitstekende bibliotheek met naslagwerken terzake en een etnologisch museum dat Thaise Volkskunst tentoonstelt. Het geeft eveneens een tijdschrift uit. De Siam Society is gevestigd in Soi Asoke op Sukhumvit Road.

Siam Thewathiraat (?????????????)

Thais. De beschermgeest of beschermengel van de natie. Ook Sayaam Thewathiraat getranscribeerd.

Siang Khwang

Een oud vorstendom in huidig Laos, eerder Phuan genaamd, en nabij de 'vlakte van de aardekruiken'. De bevolkingsgroep ervan wordt beschouwd als de stamvaders van de Siamezen uit Centraal-Thailand. In 1830 werd het kort bezet door de Vietnamezen, maar in 1834 door Luang Phrabang in samenwerking met Siam, teruggewonnen. Ook Xiengkhouang.

Sida

Thaise benaming voor Sita, in de Ramakien, de Thaise versie van de Ramayana.

Siddhartha

Sanskriet. 'Doel bereikt', 'elke wens vervuld' of 'hij die succes en voorspoed behaald'. De naam van de prins die later de historische Boeddha werd. In het Pali Siddhatta.

Siddhatta

Pali voor Siddhartha.

sidphratathahkot (?????????????)

Sanskriet-Thais. Een discipel of volgeling van een groot man, met name de Boeddha.

sie (??)

1. Thais. 'Pellen' en 'wrijven'. Molen om rijst van de peul te scheiden. Zie ook rohng sie khaw.

2. Thais voor 'kleur' en 'kleurstof'. Zie ook sie prajam wan.

Sie

Zie Sri.

siedoh (????)

Thaise term voor een mannetjesolifant met korte slagtanden. Zie ook phlaay en phang.

sienha (??????)

Thais. De vijf geboden van de Boeddha, de boeddhistische regels voor leken. Monniken en leden van de Sangha dienen zich aan 227 gedragsregels van de monastieke discipline te onderwerpen, beschreven in de Vinaya Pitaka of Vinay Pidok. Zie ook jam sien en Boeddhistische voorschriften.

siek (???)

Zie sihk.

sie prajam wan (??????????)

Thais. 'Kleur per dag'. Systeem in Thailand waarbij elke dag van de week correspondeert met een bepaalde kleur, d.i. rood voor zondag, geel voor maandag, roze voor dinsdag, groen voor woensdag, oranje voor donderdag, lichtblauw voor vrijdag en purper voor zaterdag. Dit kleurensysteem wordt o.a. toegepast bij de bepaling van het veld van de vlag met het wapenschild van de verschillende leden van de koninklijke familie. Vgl. ook phra prajam wan, daaw prajam wan en sat prajam wan.

sihk (???)

Thais. 'Deel' of 'portie'. Een oude Thaise munteenheid met een waarde van acht siyau of twee feuang. Er zitten vier sihk in één saleung. Ook siek getranscribeerd.

Sikhs

Indische religie gesticht door de goeroe Nanak Dev (1469-1539) in de late 15de eeuw en die de nadruk legt op overgave aan God en dienst aan de mensheid. Sikh betekent 'discipel' of 'zoeker naar de waarheid' en de aanhangers geloven in één God, delen het hindoe geloof in karma en reïncarnatie, maar verwerpen de rituelen. Sikhs geloven dat hebzucht, verlangen, hoogmoed, woede en elke vorm van hechting aan wereldse dingen van voorbijgaande aard, de bron van alle kwaad zijn. Dit egocentrisme wordt haumai genoemd en scheidt de mensen van God. Het is de oorzaak van iemands karma dat leidt tot de eindeloze cyclus van geboorte, dood en wedergeboorte, een opeenvolging die slechts doorbroken kan worden door Verlichting en spirituele eenheid met die ene God. De leer van de Sikhs benadrukt gelijkheid van alle mensen, ongeacht kaste of geslacht. Om hun aanvaarding van deze gelijkheid te demonstreren veranderen alle mannen hun familienaam in Singh (leeuw), terwijl alle vrouwen de naam Kaur (prinses) aannemen. In de geschiedenis van de Sikhs zijn er tien grote goeroe's geweest. De stichter Nanak Dev benoemde zijn opvolger die op zijn beurt opgevolgd werd door negen anderen. De laatste echter, de goeroe Gobind Singh (1666-1708), verkondigde het einde van deze lijn van opvolging en verklaarde het heilige boek van de Sikhs, de Adi-Granth, als de ultieme spirituele autoriteit, eerder dan een persoon of nieuwe opvolger. Het heiligste schrijn van de Sikhs is de Gouden Tempel (fig.) in Amritsar, waarvan h et fundamant werd gelegd in de periode van de vijfde goeroe, Arjan Dev (1581-1606 ). Het Sikhs wapenschild bestaat uit twee kromme sabels en een recht zwaard in een cirkel. Er zijn ongeveer 22 miljoen Sikh-gelovigen over heel de wereld en Thailand heeft Sikh-tempels in de meeste grote steden, daar velen van de talrijke Indische immigranten Sikhs zijn.

sila daeng (???????)

Thais. 'Rode steen'. Thaise benaming voor lateriet. Ook din daeng.

sila jahreuk (?????????)

Thais. Een steen met een gegraveerde inscriptie. Zie ook stele.

Silpa Bhirasri (????? ???????)

Professor van Italiaanse origine, geboren op 15 september 1892 in Santa Giovani, Florence, met de westerse naam Corrado Feroci. Na zij studies aan de Academie voor Beeldende Kunst te Florence werd hij er in 1914 benoemd tot hoogleraar. In 1923 kwam hij naar Thailand op uitnodiging van Thaise regering en werd in 1924 aangesteld als beeldhouwer van het Koninklijk Instituut voor Beeldende Kunsten. In 1933 stichtte hij de School voor Beeldende Kunsten en werd bestuurder en leraar van de school, waar hij kunst, kunstgeschiedenis en verschillende kunstrichtingen onderwees. In 1943 werd de school, na een bezoek van de Eerste Minister en Veldmaarschalk Phibun Songkram (fig.), verheven tot status van universiteit, en Corrado Feroci werd toevertrouwd met de taak om de Silpakorn Universiteit (fig.) te vestigen, en werd aangesteld als professor en decaan van de faculteit voor schilderkunst en beeldhouwkunst (fig.). In 1944, tijdens WO II, veranderde professor Feroci zijn naam in Silpa Bhirasri en werd een Thais staatsburger. Hij stierf aan kanker in 1962, te Bangkok. Zijn bijdrage en devotie tot de Thaise kunst geven hem een unieke status. Ook Silpa Phirasie.

Silpakorn Universiteit

Universiteit in Bangkok die in 1943 ontstond uit de School voor Beeldende Kunsten, van de Italiaanse beeldkunstenaar Corrado Feroci (fig.), die er decaan was van de faculteit voor schilder- en beeldhouwkunst (fig.).

Silpa Phirasie (????? ???????)

Een andere transcriptie voor Silpa Bhirasri.

sim

Laotiaans. Het belangrijkste heiligdom of de ordinatiehal van een boeddhistische tempel in Laos, vergelijkbaar met de bot in Thailand.

simha

Sanskriet voor singha.

Simhahanu

Grootvader van Siddhartha, die de boog bezat die de prins met succes hanteerde in een wedstrijd om zijn vaardigheden te bewijzen voor een huwelijk met Yasodhara, een wapen dat anderen nauwelijks konden opheffen.

simhasana

Sanskriet voor 'leeuwentroon', één van de gezeten posities of asana in de iconografie.

Singburi (?????????)

Thais. 'Leeuwenstad'. Naam van een provincie (kaart) en haar gelijknamige hoofdstad in Centraal-Thailand, gelegen op zo'n 142 km noordelijk van Bangkok. De provincie is bekend vanwege de historische helden van het Bang Rajan-kamp (fig.). De provincie heeft zes amphur.

singh (?????)

Thais voor singha.

singha

'Leeuw', afgeleid van het Sanskriet woord simha. In Thailand singh, en in Birma cinthe genoemd. In het boeddhisme beschouwd als de beschermers van de boeddhistische leer, meestal afgebeeld in een mythologische gedaante, en voornamelijk in Noord Thailand in paar als bewakers aan tempelpoorten.

singhabanchon (?????????)

Thaise term voor een venster van waarachter een Thaise koning in het verleden buitenlandse gasten ontving.

singtoh (?????)

Thais voor leeuw. Eveneens singha.

sinphrachon (???????????)

Thais. Rajasap of vorstelijk taalgebruik voor 'sterven'. Komt regelmatig voor op standbeelden in Thailand, naast de term phrasoet. Eveneens sawankot.

Sipsongpannah (???????????)

Laotiaans-Thais. 'Twaalfhonderd velden' (vgl. Lan Na). Een streek in de Zuid-Chinese provincie Yunnan, in het Noorden grenzend aan Nan-chao, en in de 12de eeuw AD onder de heerschappij van onafhankelijke Tai en later, in de 17de eeuw, vorstendommen van de Thai Lu. In het Chinees gekend onder de naam Xishuangbanna. MEER HIEROVER.

Sirikit Kitthiyagon (????????? ????????)

Geboren als de dochter van een Thaise prins en zijn gade, op 12 augustus 1932. Koningin van Thailand door een huwelijk met koning Bhumipon Adunyadet, op 28 april 1950. Zij blies de traditionele Thaise ambachten nieuw leven in en bevorderde de voortzetting van dit culturele erfgoed op nationaal niveau. Zij is tevens voorzitster van verscheidene organisaties, waaronder het nationale Rode Kruis. Ze bracht vier kinderen terw wereld, drie dochters en één zoon, de huidige kroonprins Maha Vajiralongkorn. De naam Sirikit betekent 'mooi en aanzien'.

Sirindhorn (???????)

Een andere -vaak gebruikte- transliteratie voor de naam van prinses Sirinthon.

Sirinthon Thep Rattana Rachasudah (?????????????????????)

Tweede dochter en derde kind van koning Bhumipon en koningin Sirikit. Geboren in Dusit op 2 april 1955. Haar naam wordt in Romaans schrift gewoonlijk Sirindhorn getranscribeerd.

Siriraj Ziekenhuismuseum (?????????????????????????????)

Het eerste koninklijke ziekenhuis in het land, voorheen Wang Lang Hospitaal genaamd, naar een paleis dat ooit op deze plaats stond. Het werd hernoemd als herdenking aan prins Siriraj Kakuthaphan, die stierf aan dysenterie op de jonge leeftijd van één jaar en zeven maanden. Hij was de vijfde zoon van koningin Patcharintra en koning Rama V, die het liet bouwen ten dienste van het volk toen het tijdperk van de moderne geneeskunde haar opgang maakte in Thailand. Wanneer leden van de huidige koninklijke familie medische zorgen nodig hebben komen ze gebruikelijk hier. Het ziekenhuis heeft tevens een educatief museum dat een aantal lugubere objecten tentoonstelt, waaronder de doorsnede van een menselijk hoofd op formaldehyde. Het hospitaal was Thailand's eerste medische school die werd opgericht om studenten te helpen bij hun medische studies en onderzoek, alsook voor geïnteresseerden onder het volk.

Sita

De vrouw van Rama en heldin in het epos Ramayana. Ze is de belichaming van de vrouwelijke deugden. In de Thaise versie van de Ramayana, de Ramakien, wordt ze Sida genoemd.

Sitthaat (???????)

Thaise benaming voor Siddhartha. Ook Sittharot uitgesproken.

Sittharot (???????)

Thaise benaming voor Siddhartha. Ook Sitthaat uitgesproken.

Siva

Zie Shiwa.

Siwa (????)

Thaise benaming voor Shiwa.

Siwaleung (????????)

Een Thaise benaming voor linga.

Siwaling (????????)

Een Thaise benaming voor linga.

siyau (??????)

Thais. 'Kwart'. Oude munteenheid met een waarde van vier sihk, of één vierde van een solot.

sjamaan

Benaming voor een priester uit het sjamanisme.

sjamanisme

Bij sommige natuurvolkeren aanwezig geloof waarbij priesters of sjamanen in trance komen en zo contact hebben met het bovenzinnelijke.

Skanda

De god van oorlog. Hij is één van de zonen van Shiwa en zijn gemalin. Zijn rijdier is de mayura (pauw).

slang

In Thailand en het Indomaleise gebied leven ruim honderd verschillende soorten slangen, waaronder de netpython, met een lengte tot tien meter, één van de grootste soorten ter wereld. Inheems is ook de uiterst giftige cobra (fig.) en groefkopadder, samen met een aantal andere minder giftige soorten. De meest giftige slangen leven echter in het water, zowel in zoet als zeewater. In de mythologie speelt de slang een belangrijke rol en verschijnt vaak ten tonele in zowel boeddhistische als hindoeïstische verhalen, bijvoorbeeld als Ananta , de slang waarop Vishnoe rust tijdens zijn kosmische slaap (fig.), en als de naga, de beschermer van de Boeddha. In het sat prajam wan-system wordt de slang geassocieerd met de zaterdag, vandaar dat de Boeddha's naagprok-positie (fig.) in het Phra prajam wan geut-systeem ook aan die dag werd toegewezen. Zie ook slangenboerderij. In het Thais ngu.

slangenboerderij

Kwekerij van slangen die gebruikt worden bij het maken van tegengif in geval een giftige slangenbeet. In Bangkok is deze kwekerij verbonden met het Rode Kruis en is toegankelijk voor het publiek. Regelmatig wordt het gif van de slang 'gemolken' en ingespoten bij paarden die dan het tegengif aanmaken zonder dat deze daar zelf ziek van worden of overlast van ondervinden.

slijkspringer

Naam van een amfibie-achtig diertje dat voor korte periodes uit het water kan leven en toch het meerendeel van zijn leven op land doorbrengt, waar het zich met kleine sprongetjes voortbeweegt over het slijk, gebruik makend van zijn vinnen. Dit bizarre, levende fossiel kan het best worden omschreven als een wandelende vis. Het onderscheid zich van andere vissen door het feit dat het kan ademen wanneer het zich uit het water bevindt. Eens aan land beginnen zijn kieuwen (het ademhalingsorgaan van een vis) op te drogen en gaan aan elkaar kleven. Doch, in een speciale holte achter hun oren kunnen ze zeewater opslaan; door met hun uitpuilende ogen rond te draaien oefenen ze hier druk op uit wat het opgeslagen water re-oxideert en de uitgedroogde kieuwen tot hun normale functie hertstelt. Slijkspringers leven in modderige kustgebieden en zijn alomtegenwoordig in mangrove-gebied. In het Thais pla tien genoemd.

Smaragden Boeddha

Een donkergroen circa 75 centimeter hoog, monoliet boeddhabeeldje, dat uit jaspis of nefriet is vervaardigd en met een beenspan van 48 centimeter. Het wordt bewaard in Wat Phra Kaew in Bangkok. Het wordt aanbeden als een palladium en wordt beschouwd als de beschermgeest van het koninkrijk. Het wordt Thailands grootste kunstschat geacht en geniet nationale verering. Naargelang het seizoen wordt het gehuld in verschillende sierlijke gewaden (fig.) en het is de koning zelf (of een plaatsvervanger) die de kledij van het beeldje aanpast. Het beeldje werd toevallig 'gevonden' toen in 1434 AD een blikseminslag de achthoekige chedi van een tempel in Chiang Rai vernietigde en het beeldje onthulde. Na een jarenlange zwerftocht doorheen het land werd het beeldje in 1772 AD, na de verovering van Vientiane, door generaal Chakri naar Bangkok gebracht en aanvankelijk in Wat Arun ondergebracht.

sodahban (???????)

Thais. Term gebruikt voor iemand die pas de Verlichting heeft bereikt, een heilige. De term is tevens een verzamelnaam voor alle heiligen en voor het bereiken van heiligheid. Ook sodah.

soefi

Beoefenaar van de islamitische mystiek; een mohammedaans mysticus.

soet (????)

Thais voor sutra, 'draad'. Het staat voor de leer of traktaten van de Boeddha die het tweede deel vormen van de boeddhistische Tripitaka, en gesymboliseerd wordt door de sai sin. Het woord wordt tevens gebruikt als werkwoord om het gebruik van de sai sin aan te duiden, en kan worden vertaald als 'binden of omwinden met een draad'.

Soet Saakhon (???????)

Een personage uit de Phra Aphaimanie van Sunthorn Phu.

sohm jien (??????)

Thais voor ginseng.

solot (????)

Thais. Een uit gebruik geraakte munteenheid, gelijk aan één 1,128-ste van een baht. Ook lot.

soma

Sanskriet. Levensnectar geïdentificeerd met het elixir der onsterfelijkheid of amrita.

Soma

Een andere naam voor de maangod Chandra.

Somdet (??????)

Thais. 'Majesteit', 'sereniteit', of 'heiligheid'. Titel gewoonlijk gebruikt als eerste deel in titels voor monarchen en bij namen van personen van koninklijken bloede, of monniken van hoge rang. Vanaf de Ayutthaya-periode (1350-1767) is de titel voor een monarch Somdet (Phra), in de Thonburi-periode (1767-1782) veranderde dit in Somdet Phra Chao en in de Rattanakosin- of Bangkok-periode (ná 1782) is dit Phrabaht Somdet (Phra).

Somdet Phra Borom Raja Channanie (???????????????????)

Thais. Titel voor de moeder van de koning. Zie ook Somdet, Phra, Borom, Raja en Channanie.

Somdet Phra Pan Pie Luang (??????????????????)

Thais. 'Heilige Majesteit vereerd voor duizend jaren'. Moeder van de koning, en weduwe van adel. Zie ook Somdet, Phra en Luang. Zie ook panwatsa.

som-oh (?????)

Thaise naam voor pomelo.

somtam (?????)

Thais. Een populair inlands gerecht van in dunne reepjes gesneden groene papaja en wortels, fijn gestampt en gemengd met kruiden (chili's, suiker, palmsuiker, limoensap en vissaus), tomaten en soms pindanootjes. Meestal stampt men er een ongekookte krab doorheen en spreekt men van somtam poe. Een eveneens geliefde vegetarische versie is somtam khai khem, papaja-salade gemengd met een gezouten (khem) eenden-ei (khai).

somtam poe (???????)

Thais. Het gerecht somtam gemengd met een fijngestampte ongekookte landkrab.

song (???)

Rajasap of Thaise term gebruikt door en voor personen van de koninklijke familie, monniken en priesters om een bad te nemen, en zoals in song nahm phra.

song (???)

Thais. Een voorvoegsel gebruikt om eerbiedwaardige uitdrukkingen te vormen wanneer men spreekt van of tegen leden van de koninklijke familie of goden. Indien gebruikt voor een zelfstandig naamwoord krijgt song de macht van een werkwoord, en wordt de uitdrukking een onovergankelijk werkwoord met een betekenis geschikt voor het onderwerp, zoals in songmah. Zie ook rajasap.

Songkhla (?????)

Naam van een provincie (kaart) en haar gelijknamige hoofdstad met ca. 84.000 inwoners in Zuid-Thailand. Deze havenstad ligt aan de oostkust van het Thaise schiereiland, op 950 km van Bangkok. De stadsnaam zou volgens sommigen afgeleid zijn van Singora, de vroegere naam van een nabije berg in de vorm van een leeuw (singh), die tegenwoordig Khao Daeng (Rode Berg) wordt genoemd. Andere bronnen beweren echter dat de naam afgeleid zou zijn van de lokale heerser Phraya Wichian Khiri, ook gekend onder de naam 'Boensang van Songkhla', die de stad tijdens zijn regentschap (1847-1865) welvarendheid bracht (een 'overwinning' op armoede). Mogelijk is de naam simpelweg afgeleid van Sankha, tegenwoordig het logo van de stad en een Sanskriet woord voor 'Schelp der Overwinning', wat derhalve enerzijds duidt op de ligging aan zee en anderzijds op de overwinning op het land door het bouwen van de stad. De provincie heeft zestien amphur.

Songkraan (????????)

Thais-Sanskriet. 'Opkomen, verplaatsen'. Verwijst naar de datum waarop de zon het sterrenbeeld van de ram ingaat. Het wordt aanzien als het begin van een nieuw jaar, het einde van het droge seizoen en het oproepen van de eerste regens. Songkraan valt volgens de maanrekening gewoonlijk in midden april en wordt in Thailand gevierd van de 13de tot 15de. Ter voorbereiding worden huizen schoongemaakt en alle oude rommel verbrand. Families komen bij elkaar en op sociaal vlak is het een gelegenheid om solidariteit te tonen, terwijl op religieus gebied boeddhabeelden worden besprenkeld met water, het zgn. song nahm phra. Jongeren getuigen eveneens hun respect bij ouderen en monniken door hen te besprenkelen met water, en op straat wordt feest gevierd in de vorm van een waterfestival waarbij uitbundig met water wordt gegooid en men elkaars gezicht met natte talkpoeder besmeert (fig.). In Myanmar wordt het festival Thingyan genoemd en in het Thais ook Troet Thai.

songmah (??????)

Rajasap voor 'een paard berijden'.

songmah kanthaka (????????????)

Thais-rajasap. 'Het paard Kanthaka berijdend.' Term in rajasap die verwijst naar de scene in het leven van Siddhartha waarin het paard Kanthaka de prins wegvoert van het paleis tijdens het Grote Vertrek (fig.).

song nahm phra (?????????)

Thais-rajasap. Het besprenkelen van boeddhabeelden met water. Song is de Thaise term gebruikt voor en door monniken om het 'baden' uit te drukken.

songthaew (??????)

Thais. 'Twee rijen'. Een pick-up truck met twee rijen zitjes of zitbanken achterin een overdekte laadbak. Ze rijden doorgaans zoals een bus op een vaste route en voor een vastgesteld tarief, maar kunnen ook individueel worden ingehuurd zoals een gewone taxi. Ze bestaan in verschillende groottes en worden vaker aangetroffen buiten Bangkok. Aan de terminus of bij populaire stopplaatsen wacht de chauffeur meestal op voldoende klanten vooraleer weer verder te rijden. Wanneer alle zitplaatsen bezet zijn hangen de passagiers gewoonlijk aan de achterkant of zetten zich neer op het dak.

Song Tham (???????)

Koning van Ayutthaya van 1610 tot 1628.

so saam saai (????????)

Thais. Een traditioneel strijkinstrument met drie snaren dat bespeeld wordt met een strijkstok (fig.). Zie ook mahorie.

Sothon (????)

Zie Phra Phoetta Sothon.

spean

Cambodjaans of Khmer voor 'brug'. Vergelijk met het Thaise sapaan.

spinlelie

Tropische plant met de Latijnse benaming hymenocallis caribaea, drager van witte bloemen die een diameter tot 15 centimeter kunnen bereiken en enigszins gelijken op een witte spin, aldus de naam. In het Thais noemt deze plant echter phlab phleung tien ped, wat vertaald 'eendenvoetlelie' betekent.

srah

Cambodjaans of Khmer voor 'vijver'.

Sravasti

Een oude stad in Noord-India waar de Boeddha mediteerde en een aantal mirakelen verichtte. Als reaktie op diegenen die aan zijn leer twijfelden verichtte de Boeddha het zogenaamde Grote Mirakel, waarbij hij leviteerde terwijl er water en vuur uit zijn lichaam gutste, en zijn verschijning zich vermenigvuldigde.

srei

Cambodjaans of Khmer voor 'vrouw'.

Sri (???)

1. Pali. Godin van fortuin en weelde, en gemalin van de hindoegod Vishnoe. Ook gekend als Lakshmi en in het Sanskriet als Shri getranscribeerd. Zie ook abhisheka van Sri.

2. Thais. Voorvoegsel dat 'majestueus' of 'glorieus' betekent en vaak vóór eigennamen of plaatsnamen wordt geplaatst, zoals in Phra Nakhon Sri Ayutthaya, de volledige naam voor Ayutthaya. Soms als Sie of Si getranscribeerd en ook zo uitgesproken.

Sri Aria Metrai (??????????????)

Zie Maitreya.

Sri Intaratitya

Legeraanvoerder die in het begin van de 13de eeuw AD in het noorden van Thailand een gebied wist te veroveren op de heersende Khmer, waarna de Thai in 1238 het eerste onafhankelijke Thaise koninkrijk van Sukhothai stichtten.

Sri Mariamman

Een benaming voor Lakshmi.

Sri Praht (?????????)

Gevierde Thaise poëet uit de 17de eeuw AD.

Sri Preukthetsuan (???????????)

Thais. Naam van een soort aanbiddingsdans die jaarlijks op het einde van de maand januari in Prasat Hin Wat Sra Kamphaeng Yai, in de provincie Sri Saket, wordt gehouden.

Sri Saket (????????)

Naam van een jangwat (kaart) en haar gelijknamige hoofdstad in Isaan, op zo'n 571 km noordoostelijk van Bangkok en met ca. 35.000 inwoners. De provincie grenst aan Cambodja en onder de lokale bezienswaardigheden zijn allerlei oude Khmer-tempels, waaronder de beroemde overblijfselen van Khao Phra Wihaan die op Cambodjaans grondgebied liggen maar enkel via Thailand toegankelijk zijn. De provincie heeft twintig amphur en twee king amphur.

Sri Satchanalai (???????????)

Oude benaming voor Sawankhalok.

Sri Sunthon (????????)

Thaise heldin en thao die in 1785 samen met haar zuster Thep Krasatri een Birmese invasie van Phuket-eiland wist te voorkomen. Eveneens gekend als Muk. Zie ook heldinnen van Phuket.

Srivijaya (????????)

Een Mahayana boeddhistisch rijk dat zich van de 7de tot 13de eeuw AD uitstrekte over Sumatra, de Indonesische archipel, en het Maleisische schiereilend, met delen van het huidige zuiden van Thailand, waaronder Chaiya (fig.), dat als zeehaven een belangrijke rol speelde in de handel tussen het Thai-Maleisische schiereiland, India en China. De omvang van dit rijk en de hoofdstad worden nog betwist, hoewel algemeen wordt aangenomen dat dit Palembang in Sumatra was. Eveneens een kunstrichting. Ook Shrivijaya gespeld.

staande Boeddha

Eén van de vier iryapatha (fig.), de verschillende posities van het lichaam, nl. wandelend (fig.), staand, zittend (fig.), en liggend (fig.), waarin de Boeddha volgens de bestaande iconografie kan worden uitgebeeld.

stambha

Term uit het Sanskriet waarmee een alleenstaande zuil wordt aangeduid.

Steen van Ramkamhaeng

Naam van een historische sila jahreuk, een stenen blok met een epigraaf, naar men vermoedt geschreven door koning Ramkamhaeng en ontdekt in Sukhothai in de eerste helft van de 19de eeuw. Hoewel de oorsprong wordt betwist, vormt hij de voornaamste bron van informatie betreffende de geschiedenis van Sukhothai.  Een bekend gedeelte van de inscriptie leest: 'Dit land van Sukhothai bloeit. Er is vis in de wateren en rijst op de velden. De koning int geen belastingen van zijn onderdanen; wie wil handelen (...), laat hem handelen. Dit Sukhothai is goed, de gezichten van de mensen stralen helder. De koning heeft een bel opgehangen in de opening van de poort; indien een burger een grief heeft dat zijn maag misselijk maakt en knaagt aan zijn hart, laat hem op de bel slaan: koning Ramkamhaeng zal de man ondervragen, de zaak onderzoeken en rechtvaardig voor hem oordelen...'. Dit leidde tot het begrip dat de vroege Siamese heersers van nature goedhartig en rechtvaardig waren.

stele

Rechtopstaande meestal platte steen met een inscriptie (fig.), de vroegste methode om historische gebeurtenissen te noteren. Soms ook gebruikt als grafzuil. Ook stèle. Zie eveneens sila jahreuk.

stervrucht

Geelgroene eetbare vrucht van de averrhoa carambola, een tot twaalf meter hoge boom. De vrucht wordt ook wel -zoals de boom- carambola genoemd. Produceert vrijwel het hele jaar door vruchten. In het Thais ma feuang.

sthaviravada

Pali voor Theravada.

stier

Vahana of rijdier van de god Shiwa gekend als Nandi, het symbool voor mannelijke kracht, viriliteit en potentie. Ook vertegenwoordigd in pre-Arische kunst uit de Indus-vallei.

stoepa

Sanskriet. 'Aardhoop' of 'heuvel'. Term gebruikt in India voor een heuvelvormig bouwwerk waarin relikwieën van de historische Boeddha of vereerde monniken worden bewaard, en soms gebruikt voor heilige beelden of andere objecten. Ook chedi genaamd.

Stralende Avalokitesvara

Een bepaalde verschijning van de bodhisatva Avalokitesvara uit het Mahayana boeddhisme, met zijn lichaam bedekt met ontelbare kleine boeddhabeeldjes, de beeltenis van Amitabha in zijn hoofdtooi en met meerdere armen waaiervormig als een stralenkrans uitgespreid rond zijn lichaam. Hij kan tot 22 armen en 11 hoofden hebben.

stuc

Een soort gips gebruikt in architecturale decoraties, beeldhouwwerken, en als mortel tussen bouwstenen.

stupa

Zie stoepa.

Suan Lumphini (??????????)

Zie Lumphini Park.

Suan Pakkad Paleis (????????????)

Voormalige residentie van Chumphotphong Bariphat, prins van Nakhon Sawan, één van Thailand's meest prominente kunstverzamelaars en een kleinzoon van koning Rama V. Suan Pakkad betekent 'kolentuin' en verwijst naar de plaats vóórdat de koninklijke residentie er werd gebouwd. Het paleis bestaat uit vijf traditionele Thaise huizen met een goed onderhouden tuin. Vandaag is het een museum en huist een grote verzameling Aziatische kunst en antiek, waaronder een verzameling zeeschelpen, mineraalkristallen en aardewerk uit Ban Chiang.

Subhadra

Eén van de princessen waarmee Arjuna huwde, de zuster van Krishna en moeder van Abhimanyu.

subinnimit (??????????)

Thais. 'Visioenaire droom'. Verwijst naar de droom die Maha Maya had waarin een witte olifant uit het Himaphan woud haar zij aanraakte, en die de toekomstige geboorte van de Boeddha aankondigde.

Subramaniam

Een andere naam voor Phra Kanthakuman of Kanthakumara, zoon van Devi.

Subramanya

Zie Skanda en Kanthakumara.

Suchada

De devote vrouw die Siddhartha de maaltijd gaf die zijn vastentijd verbrak, vóór zijn Verlichting. Ook Sujata.

Suddhodana

Vader van de historische Boeddha en heerser over het koninkrijk van de Sakya in het huidige Nepal, dat Kapilavastu werd genoemd. Eveneens gekend onder de namen Totsarot en Dasharatha.

Sudhana

Pali voor Suthon.

Sudra

Zie Shudra.

Sugriva

Apenkoning, broer van Valin en bondgenoot van Rama.

suikerappel

Zie noi nah.

suikerpalm

Palmboom waarvan uit de vruchten, loek taan genaamd (fig.), suiker wordt gewonnen. In het Thais ton taan.

suikerriet

Een gewas van het geslacht saccharum officinarum. De stengel is opgebouwd uit verschillende segmenten die een eetbaar zoet sap bevatten waaruit suiker wordt gewonnen. Wordt in verschillende provincies over het gehele land verbouwd, mat name in Kanchanaburi waar tevens een aantal suikerraffinaderijen en perserijen zijn, waar het zoete sap uit deze plant wordt gewonnen. Het wordt vaak verkocht als een verfrissende snack of een zoete drank op markten en bij voedselstalletjes doorheen Thailand. Oude houten suikerrietpersen worden nog vaak aangetroffen als tuinversiering en heel af en toe vindt men er nog wel eens eentje die nog in gebruik is (fig.). In het Thais ton ohy.

Sujata

Zie Suchada.

Sukhavati

Sanskriet. De westerse hemel van het Mahayana boeddhisme waarover Amitabha waakt, één van de vijf transcendentale of dhyani boeddha's.

Sukhothai (???????)

Thais. 'Opkomst van het geluk'. Naam van een jangwat (kaart) en haar hoofdstad in Noord-Thailand, op 427 km noordelijk van Bangkok en met ca. 25.000 inwoners. Gedurende de 13de en 14de eeuw AD was het een koninkrijk, gesticht door Phra Ruwang en waarvan de overblijfselen heden te zien zijn in een Unesco Wereld Erfgoed site met goed bewaard gebleven en gerestaureerde ruïnes, gekend als 'meuang kao', de oude stad. Het was de plaats waar het boeddhisme als staatsreligie werd aanvaard en waar door koning Ramkamhaeng het Thaise schrift werd ontworpen. Het wordt beschouwd als de wieg van de Thaise beschaving en als Thailand's allereerste onafhankelijke rijk en hoofdstad. Sukhothai is tevens een kunststijl uit de regio en uit de periode tussen de 13de en 14de eeuw AD. De hedendaagse provincie heeft negen amphur. Onder de lokale bezienswaardigheden zijn meerdere historische sites.

Sumedha

Een vorige incarnatie van Siddhartha Gautama, ten tijde van de eerste van zijn 24 boeddha-voorgangers, Dipankara. Toen Sumedha, die een leven als brahmaans asceet leidde, Dipankara ontmoette, deed hij zichzelf de gelofte dat ook hij op een dag een boeddha zou zijn. Dit werd vervolgens door de alwetende boeddha Dipankara en al zijn 23 nakomelingen bevestigd.

sunak (?????)

Thais. Het officiële woord voor 'hond'. Hoewel honden algemeen door de meeste Thais geliefd zijn, zijn er toch ook vele zwerfhonden zonder een thuis en worden mensen af en toe ook aangevallen door honden die plots vals worden. Zwerfhonden leven vaak in troep en velen hebben huidziektes en open wonden van het vechten. Sommige tempels en goedaardige mensen zorgen soms wel voor zwerfhonden en ook de koning is een voorname verdediger door zijn onderdanen aan te sporen om goed voor de dieren te zorgen. Koning Bhumipon's favoriete huisdier is zijn hond Thong Daeng, wat vertaald Rood Koper betekent. Thailand heeft ook een eigen hondenras, dat gekend is als de 'Siamese hond' (fig.), en waarvan verschillende soorten bestaan. Sommige mensen eten ook hondenvlees, zoals de Akha in Noord-Thailand en de Soh in Sakon Nakhon, waar tevens een hondenmarkt is waar gekookte hond wordt verkocht. In de omgangstaal worden honden 'mah' genoemd.

Sunthorn Phu (????????)

Meest populaire Thaise dichter die leefde van 1786 tot 1855. Eerst werd aangenomen dat hij geboren werd in Klaeng, in de provincie Rayong, maar tegenwoordig geloven wetenschappers dat hij eerder eigenlijk uit Thonburi afkomstig is. Als schrijver stond hij erg in aanzien bij koning Rama II, met wie hij samen een versie van de Ramakien bewerkte. Hij is de auteur van het romantische Phra Aphaimanie-epos, zijn meest beroemde werk. Onder koning Rama III viel hij in ongenade, maar werd later door koning Rama IV weer in ere hersteld. Zijn standbeeld staat in Klaeng maar in juni 2005 werd een nieuw beeld opgericht in Thonburi, wat nu als zijn geboorteplaats wordt gezien.

Suphanamatcha (???????????)

Sanskriet-Thais. 'Gouden vis'. Een zeemeermin en dochter van Totsakan in de Ramayana, waarbij Hanuman zijn zoon Madchanoe verwekte, die geboren werd met het lichaam van een aap en de staart van een vis (fig.).

Suphanburi (??????????)

Thais. 'Stad van goud'. Naam van een jangwat (kaart) en van haar oude hoofdstad met zo'n 26.000 inwoners, gelegen aan de Tachin-rivier in Centraal-Thailand, 100 km noordwestelijk van Bangkok. In de Dvaravati-periode werd de stad Meuang Thawarawadi Sri Suphannaphumi genoemd, een mogelijke verwijzing naar Suvarnabhumi. In Nong Sarai, nabij Suphanburi, versloeg prins (en later koning) Naresuan (fig.), in 1593 de Birmaanse kroonprins in een duel gevochten op de rug van een olifant en bevrijdde zo Ayutthaya van het juk van Birma. Later werd op deze plek, tegenwoordig Don Chedi genoemd, een chedi en standbeeld opgericht om deze gebeurtenis te herdenken. De streek is ook gekend vanwege haar vele teakhuizen in traditionele stijl (fig.). De provincie heeft tien amphur.

Sura

Godin van de wijn die kwam bovendrijven tijdens het schudden van de Oceaan van Melk.

Suranari (???????)

Geboren als Mo in Korat in 1771 AD ten tijde van koning Taksin de Grootte. Ze was de dochter van Kip en Bunma en huwde met Chao Phraya Mahisarathibodi, plaatsvervangend gouverneur van Korat. In 1826 rebelleerden de troepen van koning Anuwong van Vientiane tegen de Thaise dominantie en veroverden verschillende steden in Noordoost-Thailand. Toen ze met een leger van 3.000 manschappen ook Korat belegerden, leidde Mo een succesvolle tegenaanval met de vrouwen van Korat, waardoor de Laotiaanse troepen zich uiteindelijk terugtrokken. Nadien leidde ze haar troepen terug in Korat waar ze een leger van mannen bij haar troepen voegde en zich aansloot bij de troepen van de hoofdstad om het leger van koning Anuwong verder uit het land te verdrijven. Rama III gaf haar voor haar moed en omdat ze Korat bevrijdde de titel van Lady Suranari.

Surasvati (????????)

Zie Surasvati Devi.

Surasvati Devi (????????????)

Thaise naam voor Sarasvati. Tevens Surasvati.

Surat Thani (????????????)

Naam van een jangwat (kaart) en haar homonieme hoofdstad in Zuid-Thailand, aan de oostkust van het Thaise schiereiland en 644 km van Bangkok. De provincie heeft vele bezienswaardigheden waaronder Chaiya, één van de oudste steden van Thailand. De eilanden vóór de kust behoren tot de bekendste in Thailand, waaronder Koh Tao (fig.), Koh Pha Ngan (fig.), Koh Samui (fig.) met de bekende Hin Ta en Hin Yai-rotsformaties (fig.) en de Na Meuang-waterval (fig.), en de eilandengroep Koh Ang Thong (fig.), een nationaal marienpark. Het is ook de provincie met één van de meest interessante nationale parken van het land, het Khao Sok Nationaal Park (fig.), de enige plaats in Thailand waar de grote rafflesia-bloem voorkomt en met o.a. een tunnel-grot en verschillende watervallen (fig.). De provincie heeft achttien amphur en één king amphur.

Surin (????????)

Hoofdstad van een gelijknamige jangwat (kaart) die grenst aan Cambodja en gelegen is op zo'n 457 km noordoostelijk van Bangkok. Deze stad in Isaan met ca. 40.000 inwoners, is gekend vanwege haar olifantenfestival dat jaarlijks plaatsvindt rond eind november. Onder de lokale bezienswaardigheden van de provincie zijn verschillende oude Khmer-tempels, vnl. in de omgeving van de Cambodjaanse grens, waarvan een groep van drie sites die algemeen gekend is onder de benaming Prasat Ta Meuan, en Prasat Hin Ban Phluang. De provincie heeft dertien amphur en vier king amphur.

Suriyothai (?????????)

Koningin van Ayutthaya die sneuvelde in een oorlog tegen de Birmanen in 1544 AD. Een chedi in deze voormalige hoofdstad gedenkt haar en een historische film over haar leven werd gesponsord door koningin Sirikit Kitthiyagon.

Surya (??????)

Sanskriet-Thais. De zonnegod, vaak voorgesteld met een stralenkrans en een lotus in elke hand. Hij ment een strijdwagen getrokken door zeven paarden. Hij is tevens de lokapala van het zuidwesten. In Thailand is hij beter gekend onder de naam Nairitti (fig.). Hij ontdekte samen met Chandra, de god van de maan, het bedrog door de demoon Rahu (fig.) bij het uitdelen van de amrita. Zij meldden dit aan Vishnoe, die de demoon onmiddellijk in tweeën hakte met zijn discus. De amrita door Rahu ingenomen had echter reeds effect en beide delen leefden onafhankelijk voort. Omdat Rahu het verraad door de zon en de maan nooit heeft vergeten jaagt hij hen afwisselend achterna met open mond, en veroorzaakt wanneer hij hen tijdelijk opslokt de verduistering van beurtelings zon en maan (doordat hij geen onderkant meer heeft vallen ze er steeds weer uit).

Suthon (????)

Zie Phra Suthon.

sutra

Sanskriet. 'Draad'. De leer of traktaten van de Boeddha die het tweede deel vormen van de boeddhistische Tripitaka. Ook gebruikt voor sommige hindoeïstische teksten. In het Thais soet uitgesproken en gesymboliseerd door de sai sin. Zie ook Boeddhistische voorschriften.

sutta

Pali voor sutra.

Suvarnabhumi

Pali. 'Land van goud'. In oude literatuur verwijst het naar een gebied in Zuidoost-Azië, waarschijnlijk Thailand. De naam verwijst vermoedelijk naar de vele rijstvelden -zoals Lan Na-, die wanneer ze klaar zijn voor de oogst goudgeel van kleur zijn. Zie ook de Thaise term Suwannaphoem.

Suwaan (???????)

Thais. Naam van één van beide klerken van Phra Yom, de god die waakt over de doden. Hij wordt afgebeeld met een pen en boek waarin hij de slechte daden van de mensen optekent (fig.). Zijn tegenhanger is Suwan, de klerk die de goede daden van de mensen bijhoudt. Vergelijk met de vedische klerk Citragupta.

Suwan (??????)

1. Thais woord dat 'goud' of 'gouden' betekent, als in Suwannaphoem.

2. Thais. Naam van één van beide klerken van Phra Yom, de god die waakt over de doden. Hij wordt afgebeeld met een pen en boek waarin hij de goede daden van de mensen bijhoudt (fig.). Zijn tegenhanger is Suwaan, de klerk die de slechte daden van de mensen optekent. Vergelijk met de vedische klerk Citragupta.

Suwannaphoem (??????????)

1. Thais. 'Gouden land'. Term die verwijst naar het Indochinese shiereiland, vrijwel gelijk aan Zuidoost-Azië. Zie ook Suvarnabhumi.

2. Thais. Naam van een district (amphur) in de provincie Roi Et.

swastika

Sanskriet. 'Welzijn'. Een hakenkruis. In het boeddhisme wordt het geïnterpreteerd als een symbool voor de dhammachakka, het Wiel der Wet.