home > lexicon > w A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Wa

Naam van een bergvolk in Noord-Thailand. Hoewel er slechts een paar duizend Wa in Thailand wonen, zijn zij toch een talrijk volk met een meerderheid in Birma en Yunnan, waar hun aantal op zo'n twee miljoen wordt geschat. Daarnaast zijn zij allicht een van de meest inheemse volkeren van de streek. Aanvankelijk koppensnellers, dan communisten, zijn velen illigale drugleveranciers. Volgens sommigen is Wa een Shan-term voor inboorling en hun verering van menselijke schedels gaf hen de naam Ta Wa (Wilde Wa), tegenover Lawa (Tamme Wa). Ze worden tevens Wa Daeng (Red Wa) genoemd.

waanlawichanie (????????)

Thais. 'Jakstaart-waaier'. Zie padwaanlawichanie.

wachira (????)

Thais voor vajra. Komt vaak voor als voorvoegsel in de Thaise nomenclatuur.

Wachiralongkorn (??????????)

Kroonprins, tweede kind en enige zoon van koning Bhumipon en koningin Sirikit. Geboren in Dusit op 28 juli 1952.

Wachirawut (????????)

Naam van de Thaise koning met de kroontitel Rama VI (fig.), die in 1910 na de dood van koning Chulalongkorn de troon besteeg. Zie ook Rama VI. Ook Vajiravudh.

waen fah (???????)

Thais. 'Met stukjes glas versierd', gewoonlijk m.b.t. een schotel, voetstuk of phaan.

wah (??)

Thaise lengtemaat gelijk aan twee meter.

wai (????)

Thais. De handen samenbrengen als een groet of om respect te betuigen zoals gebruikelijk in Thailand. De positie van de handen verhoogd naargelang het betuigde respect en naargelang wie men groet volgens diens sociale status. Hoe meer respect hoe hoger de handen worden gehouden. Ook phranommeua.

wai kroe (???????)

Thais. 'Groet aan de leraar'. Respectbetuiging aan een leraar of docent door de handen samen te brengen als bij een groet (wai). Zie ook Wan Kroe en vgl. met ram muay.

Wajirunhit (?????????)

Eerste kroonprins ten tijde van de Rattanakosin-periode. Geboren op 2 juli 1878 als zoon en troonopvolger van koning Chulalongkorn en koningin Sawang Wadhana. Volgens sommige bronnen was hij intelligenter dan de meeste van zijn leeftijdsgenoten en was zich zeer bewust van zijn opdracht. Op 13-jarige leeftijd schreef hij zijn eigen dagboek met een agenda van verplichtingen en verantwoordelijkheden voor zichzelf als toekomstig vorst. Hij was de lieveling van koning Chulalongkorn, die hem persoonlijk instrueerde en begeleide met de bedoeling dat hij beter voorbereid zou zijn om hem op te volgen. In 1895 stierf hij echter onverwacht op zeventienjarige leeftijd aan tyfus, en werd hij opgevolgd door zijn dertienjarige halfbroer Wachirawut (fig.), de oudste zoon bij koningin Saowapha, die in uiteindelijk 1910 de troon besteeg als Rama VI. Ook Vajirunhis getranscribeerd.

Wan Chakri (????????)

Thaise benaming voor Chakri Dag.

Wan Chaleum Phra Chonma Phansa (???????????????????)

Thais. Verjaardag van koning Rama IX.

Wan Chat Mongkon (???????????)

Thaise benaming voor de Kroningsdag, de dag waarop jaarlijks de soevereine macht wordt gevierd.

wandelende Boeddha

Een belangrijke artistieke vernieuwing in de iconografische kunst tijdens de Sukhothai-periode. Beelden van wandelende Boeddha's verwijzen naar de scene uit het leven van de Boeddha toen hij, nadat hij in de Tavatimsa hemel ging preken tegen zijn moeder die zeven dagen na zijn geboorte gestorven was, hij via een trap terug afdaalde naar de aarde vergezeld van de goden Brahma en Indra. In kombinatie met een vitarka- of dhammachakkamoedra duidt deze vorm op peripatetisch onderricht. Tegenwoordig vindt men vrijwel over heel Thailand beelden van wandelende Boeddha's (fig.).

Wang (???)

Thais. Naam van een rivier in Noord-Thailand die door samenvloeiïng met de Ping-, Yom- en Nan-rivieren nabij Nakhon Sawan de Chao Phraya-rivier vormt.

Wan Kroe (??????)

Thais. 'Dag van de leraar'. Dag gewoonlijk op een donderdag in de maand juni of juli waarop leerlingen gezamelijk respect betuigen aan hun leraren (wai kroe). Op deze dag ontvangen de docenten van hun studenten een goudkleurige schaal met drie soorten bloemen: de ikora (ixora), in het Thais 'kem' genaamd, de bloem van de 'makeua' of eierplant, en een lotus. Deze bloemen hebben elk hun eigen symbolische betekenis: 'kem' betekent 'naald', en verwijst naar de scherpzinnigheid die de studenten door onderricht willen bekomen; de bloem van de eierplant buigt zich onder het gewicht van haar vrucht en duidt aldus op onderdanigheid en respect; en de lotus is algemeen het symbool voor verlichting. Wan kroe dateert uit de periode toen de tempel het enige centrum van onderwijs was. Vergelijk met ram muay an zie ook Phra Phareuhadsabodie.

Wan Mae (??????)

Thais. 'Moederdag'. Thaise nationale feestdag én verjaardag van koningin Sirikit. Dit verwijst enigszins naar de status van de koningin als publieke moederfiguur. Jaarlijks gevierd op 12 augustus.

Wan Makha Bucha (??????????)

Thaise benaming voor de dag waarop jaarlijks Makha Bucha wordt herdacht.

wannayuk (?????????)

Thais-linguïstische term voor 'toonteken'. Een toonteken wordt gebruikt om de toon en de betekenis van een woord te veranderen. De Thaise taal heeft vier toontekens, maar vijf tonen: de middentoon of gewone toon (siang saman - gebruikt geen toonteken), de lage toon (mai ek - ??),  de vallende toon (mai toh - ??), de hoge toon (mai trie - ??) en de stijgende toon (mai chatawah - ??). MEER HIEROVER.

Wan Pheut Mongkon (??????????)

Thaise benaming voor de dag waarop de jaarlijkse koninklijke ploegceremonie wordt gehouden.

Wan Phra (??????)

Thais. Boeddhistische heilige dag in Thailand. Vaak samenvallend met volle maan. Ook Wan Tham Masawana.

Wan Piya Maha Raj (?????????????)

Thais. 'Dag van de geliefde grote koning'. Thaise benaming voor Chulalongkorn Dag, een nationale feestdag op 23 oktober. Eveneens Wan Piya Maha Raat getranscribeerd. Zie ook Piya Maha Raj.

Wan Rattamnoen (?????????????)

Thais. 'Dag van de Constitutie'. Thaise benaming voor de nationale feestdag die jaarlijks wordt gevierd op 10 december en waarbij men de grondwet gedenkt.

Wan Tham Masawana (???????????)

Thais. Boeddhistische heilige dag in Thailand. Vaak samenvallend met volle maan. Ook Wan Phra.

Wan Visakha Bucha (????????????)

Thaise benaming voor de dag waarop jaarlijks Visakha Bucha wordt herdacht.

Wanthong (??????)

Eén van de hoofdpersonages uit het verhaal Khun Chang Khun Paen geschreven door koning Phra Phoetta Leut La. De bigamische Wanthong aarzelde tussen ware liefde en achtenswaardigheid en werd tenslotte door de koning geëxecuteerd als zijnde een onruststookster. Haar geest Praet Wanthong trad nadien op om een gevecht tussen haar man en zoon te stoppen.

warmwaterbron

Zie nahm phu ron.

Warunih (??????)

Thaise godin van de wijn.

Wasuthep (???????)

Een andere Thaise benaming voor Narai of Vishnoe.

wat (???)

Thais en Laotiaans voor een boeddhistische tempel of klooster, afgeleid van zowel het Pali woord avasa, als van het Sanskriet woord avasatha. Een typische 'wat' in Thailand wordt gewoonlijk gebruikt voor zowel religieuze als educatieve en residentiële doeleinden, en bestaat meestal uit een bot (fig.), de ordinatiehal; een viharn (fig.), de gebedshal; een sala (fig.), een open schutplaats met een afdak; en een aantal kuti's (fig.), de kwartieren van de monniken. Grotere tempels hebben meestal ook een ho trai (fig.), een bibliotheek voor boeddhistische geschriften; een ho klong (fig.), een drumtoren; en een ho rakhang (fig.), een klokkentoren; terwijl kleinere tempels zoals wat pah, de zogenaamde bostempels, meestal geen bot of ordinatiehal hebben. In landelijk Thailand doet de 'wat' gewoonlijk zowel dienst als religieus centrum dan als een sociale ontmoetingsplaats. Thailand heeft ongeveer 27.000 boeddhistische tempels. Ook araam.

Wat Arun (???????)

Thais. 'Tempel van de dageraad'. Een zesentachtig meter hoog bouwwerk langs de Chao Phrya-rivier met prangs in Khmer-stijl en waarvan de voornaamste stoepa geflankeerd door vier kleinere, een prang op een chedi-vormige basis is. De gegroefde torens wijzen erop dat de opdrachtgever een koning was. Toen generaal Taksin na de val van Ayutthaya bij het ochtendgloren met een bevrijdingsleger op de Chao Phraya-rivier verscheen werd de vroegere tempelnaam veranderd in Wat Jaeng, synoniem voor het latere Wat Arun afgeleid van de Indische god van de dageraad, Aruna. Nadat generaal Chakri, de latere koning Phra Phoetta Yotfa Chulalok in 1772 AD door koning Taksin tot opperbevelhebber van de Siamese legers werd benoemd en de Laotiaanse stad Vientiane had veroverd bracht hij de Smaragden Boeddha mee terug naar Thonburi waar het beeldje in Wat Arun werd geplaatst. Tegenwoordig nog steeds gebruikt door het hof voor sommige religieuze staatsceremonieën, zoals het jaarlijkse kathin phra racha thaan (fig.). De officiële naam is Wat Arun Rajawarahrahm, en de tempel behoort tot één van de weinige tempels in Thailand die de hoogst koninklijke titel van Rajavora Maha Vihaan werd verleend.

Wat Arun Rajawarahrahm (????????????????)

De officiële naam voor Wat Arun. Vaak wordt deze naam nog gevolgd door de hoost mogelijk titel voor tempels die door de koning verleend werd, nl. Rajavora Maha Vihaan.

Wat Benjamabophit (?????????????)

Thais. De Marmeren Tempel in Bangkok (fig.). Gebouwd rond de vorige eeuwwisseling in opdracht van koning Chulalongkorn. De tempel is opgetrokken in wit Carrarisch marmer uit Toscane en heeft een kruisvormige bot. De basis van het centrale boeddhabeeld (fig.), dat een kopie is van  het Phraphoet Chinnarat-beeld (fig.) uit Phitsanulok, bevat de as van koning Rama V. In de galerij op de binnenplaats achter de bot bevinden zich 53 boeddhabeelden (33 originelen en 20 kopies) die verschillende posities en stijlen uit geheel Thailand en andere boeddhistische landen weergeven. Vaak afgekort Wat Ben genoemd.

Wat Chaiwatthanaram (??????????????)

Thais. Eén van de meest imponerende oude boeddhistische kloosters, gebouwd in 1630 AD op een oever van de Chao Phraya-rivier in Ayutthaya, in opdracht van koning Prasatthong om verdienste (tamboon) te verwerven voor zijn overleden moeder. Er wordt aangenomen dat het gebouwd is op de plaats van zijn voormalige woning. De architectuur gelijkt op die van Angkor Wat met een grote prang die de berg Meru vertegenwoordigt, en zou derhalve gebouwd kunnen zijn om de overwinning op Cambodja te gedenken. De tempel bestaat uit één grote prang en vier kleinere prangs, gebouwd op dezelfde basis en omgeven door acht nog kleinere prangs, en een galerij met 120 vergulde boeddhabeelden in de maravijaya-positie. In de acht kleinere prangs vindt men in totaal twaalf gekroonde Boeddha's. Het plafond van elk alkoof onder iedere prang was vervaardigd uit hout en gedecoreerd met vergulde stermotieven geschilderd op een zwarte achtergrond van lakboomhars. Toen Ayutthaya in 1767 belegerd werd door de Birmanen, werd de tempel gebruikt als legerkamp. Na de val van de stad werd de tempel verlaten en later leeggeplunderd, waarbij men vele boeddhabeelden onthoofdden.

Wat Chedi Jed Yod (????????????????)

Thais. 'Tempel met de zeven stoepa's'. Eén van de meest belangrijke heiligdommen van noordelijk Thailand in Chiang Mai, eveneens gekend onder de naam Wat Photharam Maha Wihaan. Hij werd gebouwd in 1455 in opdracht van koning Tilokarat XI, de toenmalige vorst van het Lan Na-Rijk. Het hoofdgebouw met zeven stoepa's is een replica van de Maha Bodhi Tempel te Bodh Gaya in India. De koning liet op het tempelplein eveneens een zaailing van een bodhiboom planten, waardoor de tempel de naam Wat Photharam Maha Wihaan, de 'tempel van de bodhiboom' kreeg. De allereerste abt was Phra Bodhi Rangsi Maha Thera, een geleerd schrijver van de Chamadevi Wongsa, een geschrift over de Chamadevi Dynastie. In 1477 riep koning Tilokarat hier een raad van hooggeplaatste monniken, ervaren in de Tripitaka, samen. Zij werden voorgezeten door Phra Dhammadina en kwamen samen met geleerde leken voorgezeten door de koning om dit boeddhistische Tripitaka te vernieuwen. Hun werk wordt gezien als de achtste vernieuwing van de boeddhistische Tripitaka. Toen koning Tilokarat in 1487 stierf, liet zijn kleinzoon en opvolger Phra Yod Chiang Rai bij de tempel een crematorium bouwen voor de crematie van de koning, alsook een grote chedi om de as van zijn grootvader in te bewaren.

Wat Doi Suthep (???????????)

Thais. Tempel in Noord-Thailand die gelegen is op een hoogte van 1.053 meter, op de heuvel Doi Suthep, 14 km ten Westen van de stad Chiang Mai. Deze populaire tempel is genaamd naar Sudeva, de naam in Pali van een kluizenaar die op de berg woonde vóór de bouw van de tempel en die in het Thais als Suthep wordt vertaald. De tempel heeft een trap van 306 treden met naga-leuningen (fig.) en biedt een panoramisch zicht over de stad (fig.). Volgens de legende werd de tempel gebouwd op de plaats waar een witte olifant, die relikwieën van de Boeddha vervoerde (fig.), drie maal rond de top liep en vervolgens stierf. Deze relikwieën werden eerder ontdekt in Sri Satchanalai, door de Singhalese monnik Sumanathera die regelmatig tussen deze stad en Sukhothai reisde om het Theravada boeddhisme te verspreidden. Er wordt gezegd dat toen de relikwie ontdekt werd deze een mirakel vertoonde door te beginnen gloeien. Koning Dhammaracha van Sukhothai vroeg om het relikwie, maar toen hij het te zien kreeg en het geen mirakel vertoonde, zei hij tegen Sumanathera om het zelf te bewaren. Later, toen koning Keua Nah over het noordelijke koninkrijk van Lan Na heerste nodigde deze Sumanathera uit om naar Chiang Mai te komen. De monnik vertrok toen in 1369 naar Chiang Mai met het relikwie, terwijl de koning hem tegemoet ging om hem te verwelkomen, zó ver zelf als tot in Lamphun. Omdat deze stad de monnik erg beviel besloot hij om er nog twee jaar te blijven, in Wat Phra Yeun. In 1371 verhuisde hij dan eindelijk naar een tempel die speciaal voor hem en het relikwie gebouwd werd, namelijk het klooster Wat Suandok in Chiang Mai. De monnik stond in erg hoog aanzien bij de koning, die hem zelf de titel Phra Sumanapupah Rattana Maha Swami verleende, een hoge ecclesiastische titel. Toen besproken werd om een nieuwe pagode te bouwen om het relikwie in onder te brengen werd ontdekt dat het relikwie zich op wonderbaarlijke manier door splitsing had verdubbeld, met het ene deel even groot als het originele relikwie. Het kleinere relikwie werd toen opgeborgen in een nieuwe pagode in Wat Suandok, waar het bewaard wordt tot op heden; het andere, originele relikwie, werd op de rug van een geluksbrengende witte olifant geplaatst die het buiten de stadsmuren droeg langs de Hua Viang Poort, die later tot de Pratu Chang Peuak of Witte Olifantspoort werd herdoopt.  De olifant beklom dan de heuvels westelijk van de stad en Wat Doi Suthep werd gebouwd op de exacte plaats waar deze olifant drie maal rond de top liep en stierf. Bij de toegang van de tempel staat nu een standbeeld van de olifant en de gouden chedi van Wat Doi Suthep is momenteel afgebeeld op de muntstukken van 50 satang (fig.). De volledige naam van de tempel is Wat Phrathat Doi Suthep Raja Worawihaan.

waterhyacint

Oorspronkelijk een kruid uit het stroomgebied van de Amazone in Zuid-Amerika, waar het door haar blinkend groene bladeren een favoriete sierplant werd in de tuinvijvers van menig Europees koloniaal. In de 19de eeuw brachten Nederlandse kolonialisten het naar Java vanwaar het verder naar Siam werd gebracht door Thaise bezoekers die het kruid pak tob chawa (Javaans gras) noemden. Doch, de plant kwam uiteindelijk in het wild terecht waar hij spoedig een overlast ging betekenen. Eén enkele waterhyacint produceert namelijk genoeg zaadjes om 3.000 nieuwe plantjes voort te brengen in minder dan twee maanden, wat een verdubbeling betekent van haar omvang in iets meer dan een week. In het Amazonegebied levert dit geen problemen op door de aanwezigheid van bepaalde plantenetende vissen en stromingen die de groei kontroleren. Elders veroorzaakt zulk een explosieve groei echter snel een dicht tapijt van drijvend gebladerte dat resulteert in een gebrek aan zuurstof en zonlicht, en een bedreiging gaat vormen voor vissen en ander leven in het water. Het probleem wordt tegenwoordig deels verholpen door het kruid als varkensvoer te gebruiken en de gedroogde stengels in de weverij. Haar wetenschappelijke naam is eichhornia crassipes.

waterlelie

Een waterplant met drijvende bladeren en kleurrijke bloemen, behorende tot de familie nymphaeaceae, zoals -en soms verward met- de lotus. Vaak gezien in vijvers rond of bij tempels, en kleuren kunnen variëren van wit (fig.) en roos (fig.) tot  lavendelblauw en purper, met een aantal tussenschakeringen.

waterpijp

Een bamboe-pijp bestaande uit een cilinder (fig.) en een ventiel dat dienst doet als rookgerief om marihuana (gancha) te roken, bij sommige bergvolkeren in Noord-Thailand (fig.). De pijp wordt gevuld met water en gebruikt als filter, en wordt aangestoken en gerookt zoals een opiumpijp. In het Thais bong gancha of kortweg bong genoemd.

waterval

Zie nahm tok.

Wat Jaeng (???????)

Thais. 'Tempel van de dageraad'. Oude benaming van én synoniem voor Wat Arun.

Wat Mahathat (??????????)

1. Benaming gegeven aan tempels in Thailand die een relikwie van de Boeddha bezitten. Zie ook that.

2. Zie Wat Mahathat Yuwaraja Rangsit.

Wat Mahathat Wora Maha Wihaan (????????????????????)

Tempel in Nakhon Sri Thammarat van meer dan duizend jaar oud, daterende uit de Srivijaya-periode. De tempel's voornaamste chedi meet 75 meter van de basis tot de top en heeft een massief gouden torenspits van zo'n 962 kilogram. Deze chedi is omgeven door 158 kleinere ched'is. De tempel is de grootste in het Zuiden van Thailand en de oudste bezienswaardigheid in de stad. De ubosot herbergt ooit één van Thailand's drie identieke Phra Singh-boeddhabeelden, waarvan het originele afkomstig is uit Sri Lanka. Het werd eerst via Nakhon Sri Thammarat geïmporteerd naar Sukhothai, maar werd later verplaatst naar Chiang Mai en Ayutthaya. De overige twee beelden bevinden zich in het Nationaal Museum te Bangkok en in Wat Phra Singh te Chiang Mai, waarvan ieder beweert het originele te bezitten. Het Nakhon Sri Thammarat Phra Singh boeddhabeeld staat tegenwoordig in de Ho Phra Singh in het centrum van de stad. De afbeelding van de hoofd-chedi van deze tempel staat op de koperkleurige munten van 25 satang (fig.).

Wat Mahathat Yuwaraja Rangsit (?????????????????????????)

Eén van de weinige tempels in Thailand die de hoogst mogelijke koninklijke titel van Rajavora Maha Vihaan werd verleend. De naam wordt gewoonlijk verkort tot Wat Mahathat. De tempel is gelegen in Bangkok en werd gebouwd in de Ayutthaya-periode. Hij huisvest de boeddhistische universiteit Maha Chulalongkorn Rajawitthayalai, voor hogere studies van monniken.

wat pah (??????)

Thais. 'Bostempel'. Populaire Thaise benaming voor tempels in het oerwoud waar monniken verblijven om in rust te leven en te mediteren. Deze monniken dragen doorgaans een bruinkleurig gewaad, tegenover het gewoonlijk oranje- tot saffraankleurige gewaad van monniken in de stad. Ook aranyawahsie.

Wat Phra Chetuphon (????????????)

Zie Wat Poh.

Wat Phra Chetuphon Wimon Mang Khalahrahm (?????????????????????????)

Zie Wat Poh.

Wat Phra Kaew (??????????)

1. Thais. 'Tempel van de Juwelen Boeddha'. De belangrijkste tempel in Bangkok en Thailand, die de Smaragden Boeddha huisvest. Het is een koninklijke tempel zonder Sanghavasa, aanpalend gebouwd tegen het oude koninklijke paleis Phra Rachawang in Phra Nakhon. De binnenmuren van de galerijen die de tempel omsluiten hebben uitgebreide muurschilderingen die het volledige verhaal van de Ramakien uitbeelden. Oorpsronkelijk geschilderd tijdens het bewind van Rama I, maar nadien meermaals gerestaureerd. De tempel is afgebeeld op de munstukken van één baht, en zijn officiële naam is Wat Phra Sri Rattana Sahtsadahrahm.

2. Thais. 'Tempel van de Juwelen Boeddha'. Naam van de tempel in Chiang Rai, die oorspronkelijk de Smaragden Boeddha in haar bezit had. De Smaragden Boeddha werd er ontdekt toen in 1434 een blikseminslag de achthoekige chedi van de tempel vernietigde en zo het beeldje onthulde. De oorspronkelijke naam van de tempel was 'Wat Pah Yia', een lokaal dialect dat 'bamboe-bostempel' betekent.

3. Thais. 'Tempel van de Juwelen Boeddha'. Naam van een tempel in Kamphaeng Phet die aanpaalde tegen een voormalige koninklijk paleis. Vele van de boeddhabeelden in deze tempel zijn door weersomstandigheden aangetast en door de tand des tijds weggevreten, maar zijn net daardoor indrukwekkend.

Wat Phra Kaew Don Tao (?????????????????)

Thais. 'Tempel van de Juwelen Boeddha op het hoogland van palmvruchten'. Naam van een tempel in Lampang die gebouwd werd door koning Anantayot, en waarin tussen 1436 en 1468 de Smaragden Boeddha was gehuisvest. Een legende vertelt dat een oudere monnik van deze tempel op een dag een smaragd vond in een watermeloen, die hij vervolgens tot een waardevol boeddhabeeld liet maken. Een watermeloen wordt in Noord-Thais dialect 'mahk tao' genoemd, ziedaar de ethymologische oorsprong van de tempel's naam. De tempelarchitectuur is een mengeling van stijlen en invloeden uit Haripunchai, Birma en modern Thailand, met beelden en kunst in o.a. Mandaley- en Lan Na-stijl.

Wat Phra Phutthabaat (?????????????)

Tempel in de provincie Saraburi die een voetafdruk van de Boeddha huisvest in een kleine, mooi versierde mondop. Deze reusachtige voetafdruk werd ontdekt tijdens het bewind van koning Song Tham (1610-1628) en draagt de 108 herkeningstekens van een boeddha. De tempel behoort tot één van de weinige tempels in geheel Thailand die door de koning de hoogst mogelijke titel van Rajavora Maha Vihaan werd verleend.

Wat Phra Sri (?????????)

Populaire benaming voor Wat Phra Sri Rattanamahathat te Phitsanulok.

Wat Phra Sri Maha Uma Devi (????????????????????)

Naam van een tempel in Bangkok die gewoonlijk Wat Kaek Silom, de 'Indische Tempel van Silom' wordt genoemd en toegewijd is aan de godin Uma. Hij werd gebouwd in de Rattanakosin-periode, rond het jaar 1879, door een aantal Indiërs die toen in Bangkok woonden en er op Silom Road een stuk land hadden gekocht waar ze aanvankelijk eerst een kleine sala, de Sala Sri Mari Amman, oprichtten. Deze werd verzorgd door een groepje Indische Tamils die hier, alsook in andere delen van Azië, hun cultuur introduceerden. Later droegen Indische uitwijkelingen die in Bangkok woonden bij aan de bouw van de tempel en het installeren van het belangrijkste beeld, van de godin Uma, alsook van beelden van andere godheden, waarvan sommigen uit India, die in de ubosot werden geplaatst. Jaarlijks viert de tempel het aloude feest van Dushera, een festival dat dateert uit Vedische tijden en waarin rituelen worden opgevoerd die toegewijd zijn aan de godin Uma en andere godheden. Het feest duurt tien dagen en nachten, en op de laatste nacht wordt het beeld van Uma in een processie, buiten de tempel, rondgedragen.

Wat Phra Sri Rattanamahathat (?????????????????????)

Belangrijke tempel in Phitsanulok die het boeddhabeeld Phraphoet Chinnarat (fig.) huisvest. Afgekort ook wel Wat Phra Sri genoemd en tevens gekend als Wat Yai en onder de volledige naam Wat Phra Sri Rattanamahathat Wora Maha Vihaan. De pagode van de tempel bevat een relikwie van de Boeddha, waarnaar het woord Mahathat in de naam verwijst.

Wat Phra Sri Rattana Sahtsadahrahm (?????????????????????)

De officiële naam van Wat Phra Kaew in Bangkok.

Wat Phra Sri Sanphet (?????????????????)

Overblijfselen van een koninklijke tempel te Ayutthaya met drie kenmerkende chedi's. Bij de stichting van Ayutthaya behoorde de grond tot het koninklijk paleis en dit bleef zo tijdens de heerschappij van koning Ramathibodi I (fig.) in 1350 AD tot aan het bewind van koning Sam Phraya in 1448 AD. Pas later liet koning Borommatrailokanat op deze plaats een tempel bouwen, in 1448 AD. Na zijn bewind liet zijn zoon Ramathibodi II, twee chedi's oprichtten, één voor de as van zijn vader en de andere voor de as van zijn broer koning Borommarachathirat III. Een derde chedi werd gebouwd in opdracht van koning Boromrachanophuttangkun en werd gebruikt voor de overblijfselen van koning Ramathibodi II. De vihaan werd gebouwd in 1499 en in 1500 liet koning Ramathibodi II een boeddhabeeld in staande positie gieten. Dit beeld van 16 meter hoog en bedekt met 171,6 kilogram goud was het voornaamste voorwerp van aanbidding. De kleinere chedi's op deze tempelplaats bevatten de overblijfselen van overige leden van de koninklijke familie. Doordat de tempel een koninklijke tempel was werd hij enkel gebruikt voor koninklijke ceremonieën en was er geen Sanghavasa. Bij de val van Ayutthaya in 1767 werd het goud van het boeddhabeeld geroofd door de indringers, maar het binnenste van het beeld werd later door Rama I overgebracht naar Wat Phra Chetuphon waar het in een speciaal daartoe gebouwde chedi werd geplaatst.

Wat Phrathat Cho Hae (???????????????)

Een gekende bedevaartplaats op zo'n 10 km buiten de stad Phrae, waar gelovige aanbidders een satijnen doek 'Cho Hae' genaamd, rond de 33 meter hoog vergulde chedi (fig.) wikkelen. Deze satijnen stof, naarwaar de tempel genaamd werd, zou ontstaan zijn in Sipsongpannah.

Wat Phrathat Lampang Luang (???????????????????)

Tempel in Lampang met een omringende wal in Lan Na-stijl. De wihaan, vermoedelijk gebouwd in 1476, heeft een houten dak in drie lagen en is ondersteund door teakhouten pijlers. Men vermoedt dat dit het oudste houten gebouw in Thailand is.

Wat Phrathat Suthon Mongkon Khiri (???????????????????????)

Tempel in de tambon Den Chai in de provincie Phrae met uitzonderlijk mooie decoraties en originele beelden (fig.). De tempel werd gesticht in 1984 door Phra Athikaan Montri (Phra Kruba Montri Dhamma) die zijn eerste boeddhabeeld maakte toen hij slechts 5 jaar oud was. Deze kloostertempel is gebouwd op een 20 meter hoge heuvel, beslaat een gebied van 25 rai en wordt geassocieerd met de in de nabijheid gelegen legerbasis van het Derde Bataljon van de Landmacht. Hij heeft een ubosot in Lan Na-stijl waarin een replica van het Phraphoet Chinnarat wordt bewaard en een indrukwekkende stoepa in vroege Chiang Saen-stijl met meerdere pieken.

Wat Phumin (???????????)

Tempel in de stad Nan waarvan de wihaan eertijds op de geldbriefjes van één baht stond afgebeeld. Volgens de kronieken van de stad werd de tempel gesticht in 1696 AD door Phrachao Chetabutpromin, de toenmalige heerser van Nan, en droeg eerst ook zijn naam. Enig in zijn soort in Thailand is de wihaan, gebouwd in de jaturamuk-stijl, d.i. met vier ingangen die elk gericht zijn naar één bepaalde windstreek. Binnenin, in het midden van de tempel bevinden zich vier grote boeddhabeelden, Phra Phratahn Jaturathit genaamd en gezeten met hun rug tegen elkaar (fig.) zodat elke bezoeker, ongeacht door welke deur deze binnenkomt, steeds oog in oog komt te staan met een boeddhabeeld. De muurschilderingen in de wihaan beschrijven het leven in het verleden van Nan, volksverhalen en taferelen uit de jataka.

Wat Poh (????????)

De tempel van de liggende Boeddha in Bangkok, voordien Wat Phra Chetuphon genaamd. Het is de ouste en de grootste tempel in Bangkok, en het eerste educatief centrum voor het publiek. Het is tevens een belangrijk opleidingscentrum voor traditionele massage (fig.), in het verleden aangeleerd aan de hand van didactische beelden (fig.). Als tempelplaats (fig.) bestaat Wat Poh reeds sinds de 16de eeuw, maar zijn eigenlijke geschiedenis begint in 1781, toen het oude klooster volledig werd herbouwd. De tempel bevindt zich nabij de oude Chinese wijk van Banglamphu en verschillende figuren en beelden wijzen op de Chinese invloed van oudsher (fig.). De tempel huisvest de belangrijkste liggende Boeddha (fig.) in Thailand, met een lengte van 46 meter en een hoogte van 15 meter. De tempel heeft vier grote chedi's, opgericht ter ere van de eerste drie monarchen van de Chakri-dynastie, met twee chedi's ter ere van Rama III, en er zijn tevens 91 kleinere chedi's, een oude Tripitaka bibliotheek, een grote bot (fig.) met 152 marmeren panelen met reliëfs van de Thaise Ramakien (fig.), een galerij met boeddhabeelden, en vier wihaans. De tempel behoort tot één van weinige tempels in heel Thailand die de hoogst mogelijke, koninklijke titel van Rajavora Maha Vihaan werd verleend. De volledige naam, gevolgd door deze titel is Wat Phra Chetuphon Wimon Mang Khalahrahm Rajavora Maha Vihaan.

  Wat Rong Khun (???????????)

Tempel in Chiang Rai's Pah Oud On Chai district. De nog steeds aan de gang zijnde constructie begon in 1998 en wordt overzien door Chalermchai Kohsitphiphat, een vermaard kunstenaar verbonden aan de Silpakorn Universiteit in Bangkok. De tempel heeft een bot gemaakt van overwegend lichte en witgekleurde bouwmaterialen versierd met kleine stukjes glas wat het gebouw een overweldingende en kristalachtige indruk geeft.

Wat Saket (?????????)

Tempel in Bangkok op de kunstmatig aangelegde berg Phu Khao Thong, de zgn. 'Gouden Heuvel' (fig.). De berg werd gemaakt nadat een grote chedi, die in opdracht van Rama III in aanbouw was, het begaf op de te zachte ondergrond. De ontstane heuvel van zand en steen bleef liggen totdat Rama IV er een kleine chedi op de spits liet bouwen. Later plaatste Rama V er een relikwie van de Boeddha uit India in de chedi, die hem geschonken was door de Britse overheid, en liet er nog enkele verbouwingen aanbrengen. Om erosie van de heuvel te voorkomen werd er later beton omheen gegoten tijdens WO II. Deze tempelberg is 77 meter hoog en was in de Rattanakosin-periode de hoogste plaats van de stad. Hij biedt ook vandaag nog een mooi zicht over de daken, nu overschaduwd door wolkenkrabbers. De tempel behoort tot één van de weinige tempels in heel Thailand die de hoogst mogelijke, koninklijke titel van Rajavora Maha Vihaan werd verleend. De volledige naam van deze tempel is Wat Saket Rajavora Maha Vihaan en hij staat afgebeeld op de munstukken van twee baht (fig.), een uitgave die voor het eerst in 2005 werd geslaan.

Wat Sothon (???????)

Tempel in Chachengsao met het beroemde Sothon-boeddhabeeld (Phra Phoetta Sothon), één van de heiligste beelden in het land, dat geassociëerd wordt met de beroemde Luang Po Sothon, een Phra saksit. Deze monnik voorspelde naar verluidt het exacte tijdstip van zijn eigen dood, waarop duizenden toeschouwers naar de tempel stroomden en hem zagen sterven, al zittend in de dhyani-meditatiehouding. De volledige naam deze tempel is Wat Sothon Wararam Worawihaan.

Wat Sri Choem (?????????)

Thais. Oude tempelruïne net buiten het domein van het historische park van oud-Sukhothai, met een mondop die het 15 meter hoge Phra Atchana-boeddhabeeld huisvest, gezeten in de maravijaya-positie, met een schoot van 11,3 meter breed. Een geheime trap in de zuidmuur leidt naar de top van het gebouw en komt uit bij een balustrade achter het hoofd van het beeld. Van hieruit kon een monnik de gelovigen toespreken en zijn stem voor die van de Boeddha laten doorgaan. Wanneer monniken tijdens een eredienst niet uit eigen naam spreken, maar de woorden van de Boeddha verkondigen bedekken zij ook nu nog steeds hun gezicht met een pad yot of talapat, een religieuze waaier, vaak met een afbeelding van de Boeddha. De trap is tegenwoordig gesloten voor het publiek om beschadiging van de jataka-inscripties en muurschilderingen in de traphal te voorkomen.

Wat Sri Kohm Kam (???????????)

Tempel in Phayao met het Ton Luang-beeld (fig.), het kuh bahn kuh meuang van deze stad. Het grote vergulde boeddhabeeld in deze tempel is gezeten in de maravichaya-positie en staat als symbool op het wapenschild van de provincie Phayao.

Wat Suthat (?????????)

Tempel in Bangkok waarvan de bouw gestart werd tijdens het bewind van Rama I, maar die pas tijdens het bewind van Rama III werd voltooid. In de basis van het voornaamste boeddhabeeld bevindt zich de as van Rama VIII, waarvan eveneens een standbeeld op het binnenplein staat. De wihaan huisvest het oudste bewaard gebleven boeddhabeeld uit de Sukhothai-periode, Phra Sri Sakyamuni, en heeft mooie muurschilderingen van de jataka en Ramakien. De tempel is gedeeltelijk omringd door een galerij van boeddhabeelden. De volledige naam is Wat Suthat Thepwarahrahm, en de tempel behoort tot één van de weinige tempels in Thailand die de hoogst koninklijke titel van Rajavora Maha Vihaan werd verleend.

Wat Suthat Thepwarahrahm (??????????????????)

Officiële en volledige naam van Wat Suthat. Vaak nog gevolgd door de hoost mogelijk titel voor tempels die door de koning verleend werd, nl. Rajavora Maha Vihaan.

Wat Tham Khao Krabok (???????????????)

Een beroemde maar controversiële tempel in Saraburi waar men opium- en heroïneverslaafden van hun verslaving tracht af te helpen d.m.v. een behandeling van kruiden en een strikt regime, gecombineerd met onderricht uit de dhamma. Ook Wat Tham Krabok.

Wat Tham Khao Noi (?????????????)

Thais. 'Kleine heuvel tempelgrot'. Thai-Chinese tempel op zo'n 15 km zuidelijk van de stad Kanchanaburi, gebouwd op een heuvel over een aantal kleine grotten, aanpalend met de Thaise tempel Wat Tham Seua. De top van de tempel biedt een prachtig zicht over de streek.

Wat Tham Krabok (????????????)

Zie Wat Tham Khao Krabok.

Wat Tham Seua (??????????)

Thais. 'Tijgergrot-tempel'. Tempelcomplex (wat) in Ta Mameuang zo'n 15 km zuidelijk van de stad Kanchanaburi, gebouwd rond een kleine grot (tham) met een tijgerbeeld (seua). Gebouwd naast de Thai-Chinese tempel Wat Tham Khao Noi.

watthanatham (????????)

Thais. 'Cultuur'.

watthasongsaan (????????)

Thais. 'Levenscyclus'. De kringloop van leven, dood en hergeboorte. Eeuwig lijden.

Wat Traimit (??????????)

Thais. 'Tempel van de drie vrienden'. Tempel uit de 13de eeuw AD, gesticht door 'drie vrienden' (traimit) in Bangkok's Chinatown, en dat een drie-en-halve meter hoog en 5,5 ton zwaar, massief gouden boeddhabeeld huisvest. Het beeld werd gegoten in Sukhothai-stijl en van Ayutthaya naar Bangkok vervoerd nadat de stad in 1767 door de Birmanen werd verwoest. Het beeld werd toen met pleister bedekt om het te beschermen tegen Birmaanse belegeraars en rovers, maar dit raakte door tijd en omstandigheden 'vergeten'. Men herontdekte dit pas enkele decennia geleden toen het beeld binnen het tempelcomplex werd verplaatst naar een ander gebouw en van de kraan afviel, waardoor het gips openbrak en het pure goud werd onthuld.

Wat Yahn (??????)

Thais. Boeddhistsich tempelcomplex in Huay Yai district in de Thaise provincie Chonburi, met een pagode gelijkend op de Mahabodhi-pagode in Bodhgaya, de plaats waar de Boeddha de Verlichting bereikte. De volledige naam is Wat Yahn Sangwarahrahm Woramahawihaan.

Wat Yahn Sangwarahrahm Woramahawihaan (?????????????????????????)

Zie Wat Yahn.

waw (????)

Thais voor een 'vlieger'. In samenstelling met de naam of het type van een vliegersoort, krijgt het tevens de betekenis van een werkwoord, als in 'waw chula', een 'chula-vlieger oplaten'. Zie ook vliegeren en vliegergevechten. Ook chak waw.

Wayubud (????????)

Thais-Sanskriet. 'Zoon van Vayu'. Een andere benaming voor Hanuman.

Wereld van Verlangen

Elf niveau's beheerst door Mara, de god van het verlangen en de dood. Er zijn vier niveau's zijn van 'onfortuinelijke bestemming', nl. de hel, dieren, geesten, en Asura's; en zeven niveau's van 'fortuinlijke bestemming', nl. de mensen en zes niveau's van godelijke wezens.

Wessandon

Zie Wetsandorn.

Wetsandorn (????????)

Sanskriet. Naam van de bodhisattva in zijn tiende en laatste jataka als zoon van de koning van Sivi, vóór zijn uiteindelijke incarnatie als Boeddha. Zijn verhaal is opgetekend in de Wetsandornchadok en het gaat over de verdienste van liefdadigheid. Ook Wessadon, Vessantara en Vishvantara.

Wetsandornchadok (????????????)

Sanskriet. Chadok van Wetsandorn, de Boeddha in zijn tiende en laatse incarnatie als bodhisattva. Een verhaal dat de liefdadige deugd van het weggeven benadrukt. Wetsandorn was de zoon van koning Sanjaya en koningin Pusati die regeerden over Sivi, en schonk reeds vanaf zeer jonge leeftijd graag dingen weg, maar bracht hierdoor later een droogte over het koninkrijk van zijn vader. Ook Vessantara jataka genoemd. MEER HIEROVER.

Wetsuwan (????????)

Thaise god en beschermer van het Noorden. Ook thao Wetsuwan en Phra Paisarop. In het Sanskriet Vaisravana.

Wiel der Wet

Het iconografische symbool van de dhamma, de leerstellingen van de Boeddha, die eeuwig zijn. Zie ook dhammachakka.

wihaan (?????)

Zie viharn.

Wihaan Sian (??????????)

Zie Anek Kusala Sala.

Wisakha Bucha (?????????)

Zie Visakha Bucha.

wisoet (??????)

Thais voor purdah.

Witsanoe (?????)

Thais voor Vishnoe.

witte olifant

Bruinroze tot witte Aziatische olifant, ook wel 'albino' genoemd. Ze worden als heilig beschouwd en zijn het symbool van koninklijke macht. Koning Bhumipon Adunyadet van Thailand bezit momenteel elf witte olifanten. Als heilig dier komt hij o.a. voor in de droom van Maha Maya, en Erawan, het rijdier van Indra, heeft eveneens een witte gedaante. De eigenschappen die een witte olifant dient te hebben om gekwalificeerd te worden hebben niet enkel betrekking tot de kleur. De benaming is eigenlijk een verkeerde vertaling uit oude geschriften uit India, waar men spreekt over een olifant 'met de kleur van een lotus'. Dit staat open voor allerlei interpretaties, en volgens de huidige referentiewetten dient een witte olifant naast een wit-roze kleur o.a. volgende eigenschappen te hebben: witte nagels, lichte kleur van ogen en een roze rand rond de ogen, roze binnenmond en roze genitaliën. Tot 1917 werd het koninklijke dier hoog in het vaandel gedragen als symbool op de Siamese vlag, toen een rood veld met een witte olifant. Vandaag is dit nog te zien als cirkelvormig onderdeel op de vlag van de Thaise koninklijke marine (fig.). Komt vaak voor in zowel de iconografie (fig.) als in de literatuur, en in het gebruik van Thaise spreekwoorden. In het Thais Chang Peuak.

woen sen (????????)

Thais. 'Jelly-draad'. Benaming voor de jelly-noedel, een soort dunne, bijna doorzichtige noedel, gemaakt van de Indische mung-boon en water. Ze worden verkocht in droge bundels en dienen te worden gekookt vóór consumptie. Dit soort noedel wordt gebruikt als een ingrediënt in o.a. kaeng jeut (verse soep), een heldere en dunne soep met varkensgehakt, zachte tofoe en enkele groenten; in het gerecht yam wun sen (jelly-noedel-salade), een pikante salade van jelly-noedels gemengd met stukjes chilipepers, limoensap, varkensgehakt, garnalen, paddestoelen en specerijen; en in woen sen ob poe (gebakken krab met jelly-noedels), een gerecht bereid in een afgedekte kleipot.

wok

Chinees. Een grote ijzeren pan met bolle bodem, gebruikt voor oosterse gerechten, in het bijzonder in de Chinese keuken.

wurgvijgenboom

Eigenlijk de naam van een parasiterende kruiper, eerder dan een boom, waarvan de wortels langs de stam van de gastheer naar beneden groeien. Eens deze wortels de grond hebben bereikt en extra voedingsstoffen tot zich kunnen nemen, nemen zij in aantal toe en beginen ze met elkaar te fusioneren, om uiteindelijk de gastheer volledig te omcirkelen en er een brede boomkruin over uit te spreiden. De boom waarop deze gastplant parasiteert zal uiteindelijk sterven en wegrotten, waarna de wurgvijgenboom blijft staan als een soort nepboom met een hol midden. De kleine zaadjes van de wurgvijgenboom worden verspreid door dieren die haar vruchten eten en hun uitwerpselen samen met de onverteerbare kleverige zaadjes achterlaten op boomtakken. Gunstige voorwaarden voor de vijgezaadjes om wortel te schieten bestaan op boomtakken met voldoende licht en vochtigheid, voornamelijk in tropisch gebied. Zijn wetenschappelijke benaming is ficus citrifolia.